Hoofdstuk 2: herhaling van grammatica

De ontkenning
Hoe maakte ik ook alweer een zin ontkennend?

Wanneer gebruik ik...
-ne
-n'
1 / 12
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

This lesson contains 12 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

De ontkenning
Hoe maakte ik ook alweer een zin ontkennend?

Wanneer gebruik ik...
-ne
-n'

Slide 1 - Slide

Vertaal naar het Frans:
nooit
A
ne ... pas
B
ne ... jamais
C
ne ... plus
D
ne ... pas encore

Slide 2 - Quiz

Vertaal naar het Frans:
niet meer
A
ne ... pas
B
ne ... rien
C
ne ... plus
D
ne ... pas encore

Slide 3 - Quiz

Vertaal naar het Frans:
niets
A
ne ... pas
B
ne ... rien
C
ne ... jamais
D
ne ... pas encore

Slide 4 - Quiz

Zet de volgende zin in de ontkenning:
Tu es malade. (nooit)

Slide 5 - Open question

Vragen stellen zonder vraagwoord
est-ce que + gewone zin
gewone zin vragen uitgesproken (gewone zin + ?)
omkering van onderwerp en persoonsvorm 

Slide 6 - Slide

Vragen stellen met vraagwoord
vraagwoord + est-ce que + gewone zin
gewone zin + vraagwoord
vraagwoord + gewone zin
vraagwoord + omkering van onderwerp en persoonsvorm

Slide 7 - Slide

Welke vraag is correct opgebouwd?
A
Est-ce que tu es malade?
B
Tu est-ce qu'es malade?
C
Tu es est-ce que malade?
D
Tu es malade est-ce que?

Slide 8 - Quiz

Maak de vraag vragend met gebruik van 'est-ce que'
Tu as mal au bras?

Slide 9 - Open question

Maak de vraag vragend met gebruik van 'omkering'
Tu as mal au bras?

Slide 10 - Open question

Welke vraag is correct opgebouwd?
A
Est-ce que pourquoi tu fais du foot?
B
Est-ce que tu fais du foot pourquoi?
C
Pourquoi est-ce que tu fais du foot?
D
Est-ce que tu fais pourquoi du foot?

Slide 11 - Quiz

Maak de vraag vragend met gebruik van 'est-ce que'
Tu as mal où?

Slide 12 - Open question