5. Zonder thuis




5. Zonder thuis
1 / 17
next
Slide 1: Slide
LevensbeschouwingMiddelbare schoolvmbo, mavo, havo, vwoLeerjaar 1-3

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson




5. Zonder thuis

Slide 1 - Slide

Leerdoel
Aan het einde van deze les kun je uitleggen wat het betekent om te vluchten en wat de belangrijkste redenen zijn om te vluchten.

Slide 2 - Slide

Wortelen
  • Mensen zijn eigenlijk net bomen...ook wij hebben onze wortels
  • Ergens 'geworteld' zijn = 
een plek hebben waar jij je thuis voelt bijvoorbeeld omdat je er bent opgegroeid. 

Slide 3 - Slide

Als je ouders gescheiden zijn en je in twee huizen woont..

Slide 4 - Slide

Wat lijkt je/wat is het lastigste van in twee huizen wonen? Heeft het ook voordelen?

Slide 5 - Open question

Wat kunnen redenen zijn om geen thuis te hebben?

Slide 6 - Mind map

Redenen om te vluchten
De belangrijkste redenen dat mensen vluchten uit hun land zijn: 
  1. Oorlog
  2. Natuurrampen (overstroming, aardbeving, enz.)
  3. Armoede
  4. Geen/minder vrijheid in je eigen land




Slide 7 - Slide

Je weet wat geworteld zijn betekent. Wat betekent dan 'ontworteld' zijn?

Slide 8 - Open question

Slide 9 - Video

Wat vinden de kinderen uit de clip het ergste aan dat ze gevlucht zijn?

Slide 10 - Open question

Welke moeilijkheden hebben de kinderen allemaal mee te maken? Noem er tenminste 2.

Slide 11 - Open question

Sommige mensen zien het vluchten uit je vaderland ook als een soort scheiding. Een scheiding waarvan?

Slide 12 - Open question

Zou jij je in een ander land kunnen thuis voelen? Waarom wel/niet?

Slide 13 - Open question

Wat lijkt je het moeilijkste als je moest vluchten?

Slide 14 - Open question

Op de vlucht
In de volgende dia vind je een link naar een soort game. Hierin probeer je veilig van Syrië naar Nederland te vluchten. Alle situaties en beslissingen zijn echt gebeurd.

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Link

Wat waren de ergste dingen/beslissingen die je tegenkwam?

Slide 17 - Open question