Les 9_Vragenmodel Kopmels_toelichting

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

Verkennen en oefenen

Latere ruwbouw van een les

Vragenmodel van Kopmels

  • 1 |

1 / 43
next
Slide 1: Slide
New lesson editorLevensbeschouwingHoger onderwijs

This lesson contains 43 slides, with interactive quizzes and text slides.

Report this lesson

Items in this lesson

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

Verkennen en oefenen

Latere ruwbouw van een les

Vragenmodel van Kopmels

  • 1 |

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

  • 2 |

Informatie verzamelen =

VERHELDERINGSVRAGEN

  • Onderzoek of iedereen begrijpt wat er gebeurt

  • Controleer of alle begrippen duidelijk zijn

  • Is iedereen mee met belangrijke (plot)wendingen in het verhaal?

Door dit te bespreken , krijg je een eerste indruk over hoe het verhaal is binnengekomen bij de kinderen.


  • Vakstudie RKG/LBV_basis

4

Eigenschappen verhelderingsvragen

  • SPECIFIEK en CONCREET

  • We verkennen de gegevens uit het verhaal of beeldmateriaal: wie, wat, waar, wanneer, hoe.

  • Interpretatie blijft beperkt: we blijven bij de feiten.

  • Gevoelens van personages horen bij de gegevens als ze blijken uit tekst/beeld:
    Hoe voelt X zich? Hoe zie je dat? Waarom?

  • Aansluiting bij informatieve vragen (begrijpend lezen, domein Nederlands).

  • We blijven nog bij het verhaal van de bron, niet bij het verhaal van het kind.

  • Deze vragen horen bij de fase van verhelderen en voorkennis onderzoeken.

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

5

Verhelderingsvraag?

JA

NEE

Waarom had de gewonde man hulp nodig?

Weet iedereen wat een ‘priester’, ‘Leviet’ en ‘Samaritaan’ zijn?


Heb jij al eens iemand geholpen?

Wie komt er allemaal langs de gewonde man, en wat doet elke persoon?”

Noteer 2 verhelderingsvragen bij het verhaal...

Levensbeschouwelijk in beweging komen = ERVARINGSVRAGEN

  • Nodigen kinderen uit om persoonlijke ervaringen te delen.

  • Soms is een oefening nodig om een gedeelde of toegankelijke ervaring te creëren.

  • Ze verbinden de leefwereld van de kinderen met het verhaal.

Levensbeschouwelijk leren gaat niet alleen over denken, maar ook over hoe kinderen dingen beleven, voelen en ervaren.

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

7

Eigenschappen ervaringsvragen

  • SPECIFIEK en CONCREET

  • Stap van het verhaal naar de leef- en belevingswereld van kinderen.

  • Kinderen brengen eigen ervaringen binnen via identificatie met de personages.

  • We bekijken gelijkenissen en verschillen met het verhaal én tussen de kinderen. Voorbeeldvragen: “Heb je ook zoiets meegemaakt?”; Voelde jij je al eens zoals …?”; “Zou jij hetzelfde doen als …?”

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

8

Ervaringsvraag?

JA

NEE

Heb jij, net als de andere voorbijgangers, al eens iemand gezien die hulp nodig had?

Weet iedereen wat Barmhartig is??


Heb jij al eens iemand geholpen?

Is er iemand geweest die jou hielp op een moment dat je het niet verwachtte?

Noteer 2 ervaringsvragen bij het verhaal...

Levensbeschouwelijk dimensie voorzien =

BETEKENISVRAGEN

  • Openen een levensbeschouwelijke dimensie – anders dan louter sociaal‑emotioneel.

  • Ze maken (levensbeschouwelijke) betekenisgeving, dialoog en verdieping mogelijk.

  • Je onderzoekt wat iets persoonlijk voor jou betekent en verbind dat met de ideeën van anderen.

  • De vraag is abstracter, maar blijft specifiek voor die leerling.


  • Vakstudie RKG/LBV_basis

10

Eigenschappen betekenisvragen

  • SPECIFIEK en ABSTRACT (Subjectief-persoonlijk vlak)

  • Vragen peilen naar de persoonlijke betekenis van een ervaring, gevoel of situatie. Voorbeelden: “Wat deed dat met jou?” – “Hoe zou jij je voelen als…?” – “Wat maakt dat je …?” – “Vind jij het belangrijk dat…?”

  • Stap naar het levensbeschouwelijke niveau: wat geeft leven zin, waarde, betekenis (of bedreigt die)?

  • Moeilijker vragen: van concreet → abstract. Soms help je kinderen met verwoorden, zonder hen woorden in de mond te leggen. 

  • De vraag ‘Waarom?’ kan blokkeren. (Test met eigen antwoord). De vraag anders formuleren of een creatieve opdracht kan hierbij helpen.



  • Vakstudie RKG/LBV_basis

11

Betekenisvraag?

JA

NEE

Welke persoon in het verhaal lijkt het meest op hoe jij zou reageren?

Wat gebeurt er vanbinnen als je ziet dat iemand anders onrecht wordt aangedaan?


Waarom denk jij dat mensen soms wél of juist níet helpen? Verschilt dat per persoon?

Hoe zou jij je voelen als je gewond langs de weg lag en niemand stopte?

Noteer 2 betekenisvragen bij het verhaal...

Levensbeschouwelijk dimensie voorzien = Levensbeschouwelijke vragen

  • Brengen je dichter bij de kern van levensbeschouwelijk leren.

  • Je onderzoekt in groep welke betekenissen een vraag of onderwerp kan hebben.

  • Je kijkt vanuit een abstract perspectief en zoekt naar de levensvraag die erbij hoort.

  • Je spiegelt en verrijkt de betekenisgeving van leerlingen met verhalen → meerdere invalshoeken & mogelijke antwoorden. (multiperspectief)

  • Meervoudig analyseren en betekenissen vinden

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

13

Eigenschappen Levensbeschouwelijke vragen

  • ALGEMEEN en ABSTRACT, kan je ook zien als betekenisvragen op algemeen-abstract vlak.

  • Je onderzoekt of een ervaring, handeling, gevoel of situatie voor iedereen dezelfde betekenis heeft. Of zijn er verschillen in beleving en waardering?Voorbeelden: “Is het altijd zo dat? Vinden andere mensen ook dat…? Heeft iedereen graag dat…? Zou iedereen het zo aanpakken? Vindt iedereen dat even belangrijk? ”

  • Hier komen verschillen/gelijkenissen in overtuigingen en waarden binnen of tussen verschillende levensbeschouwingen naar boven.

  • Leunen sterk aan bij filosofische vragen.

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

14

Levensbeschouwelijke vraag?

JA

NEE

Wat toont de Samaritaan jou over ‘goed zijn’? Wat betekent dat voor jou persoonlijk?

Is helpen volgens jullie altijd goed, of zijn er situaties waarin mensen dat anders zien?

Hoe helpt dit verhaal jou om na te denken over wie jij wilt zijn tegenover anderen?

Zijn er mensen die het gedrag van de priester of Leviet zouden begrijpen? Wat zouden hun redenen kunnen zijn?

Noteer 2 levensbeschouwelijke vragen bij het verhaal...

Op zoek naar groei en evolutie =

verwerkingsvragen

  • Herhalen de betekenisvragen, maar na een ‘uitstap’: kinderen bekeken het onderwerp vanuit multiperspectief (hoe kijken medeleerlingen?, voorouders? multisensorisch?

  • Nu keren ze terug naar hun PERSOONLIJKE betekenis. Is die veranderd, verdiept of net bevestigd?

  • Leerlingen bepalen zelf hoe ze hun nieuwe inzichten waarderen.

  • Kan ook in creatieve verwerkingsvormen. (ipv vraag)

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

16

Eigenschappen verwerkingsvragen

  • SPECIFIEK EN ABSTRACT

  • We keren terug van algemeen → persoonlijk, maar op een andere manier dan bij type 3.

  • We onderzoeken of de persoonlijke betekenis is veranderd/bijgesteld/gewijzig door het levensbeschouwelijk gesprek.

  • Vragen rond inspiratie / irritatie: wat raakt, schuurt, motiveert? Voorbeelden: “Wat vind je er nu van dat…?”
    “Zou je dit nog altijd zo zien?”; “Zie je nu hoe je het anders zou kunnen…?”; “Wat zou je nu doen als…?”; “Hoe zou je dit aanpakken wanneer…?”



  • Vakstudie RKG/LBV_basis

17

Verwerkingsvraag?

JA

NEE

Is er iets dat je anders ziet dan vóór het gesprek?

Welke invalshoek uit het verhaal of van een klasgenoot blijft bij jou hangen?

Hoe zou je reageren als anderen níet helpen?

Teken of beeld uit hoe jij nu naar ‘helpen’ kijkt.

Noteer 2 verwerkingsvragen bij het verhaal...

  • 19 |

  • Verhelderingsvragen: → Feiten ophelderen: wie, wat, waar, wanneer, hoe?

  • Ervaringsvragen: → Koppeling met eigen ervaringen: heb jij (wij) dat ook meegemaakt? (verschillen & gelijkenissen)

  • Betekenisvragen (persoonlijk): → Wat betekent dit voor jou? Wat voelde je? Wat vond je belangrijk? Wat leerde je?

  • Levensbeschouwelijke vragen (algemeen/abstract): → Wat betekent dit voor anderen? Denken mensen hier verschillend over? Is dit altijd zo?

  • Verwerkingsvragen: → Wat denk/voel je nu, na ons gesprek? Wat zou je nu doen in zo’n situatie?


Samenvatting herhaling:

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

KIEZEN “Het Grote Vragenfeest”

Vandaag ontdekten we dat vragen stellen…
🔍 meer is dan antwoorden zoeken
🧠 soms nadenkkrimpels geeft
❤️ soms buikgevoel triggert
🤔 en soms… nog méér vragen oplevert!

Maar hé… dat is juist het mooie:

Wie goede vragen stelt, leert dubbel zoveel — zelfs als hij maar half zoveel antwoorden krijgt. 😄


Tot slot: vraag van de dag:👉 Welke vraag neem jij mee naar huis?
(en nee, “Wat eten we vanavond?” telt niet 😉)

KIEZEN Lesafsluiter – “De 5 Vragenhelden”

Vandaag ontdekten we dat vragen stellen een superkracht is.
En jawel… we hebben vijf vragenhelden leren kennen:

1️⃣ Feitenzoeker – “Wat is er écht gebeurd?”
2️⃣ Ervaringsduiker – “Wanneer heb jij dat meegemaakt?”
3️⃣ Betekenisfluisteraar – “Wat betekent dit voor jou?”
4️⃣ Perspectievenkijker – “Denkt iedereen daar zo over?”
5️⃣ Verwerkingsdenker – “Wat doe je nu met wat je geleerd hebt?”

✨ Samen maken ze van één verhaal… vijf keer zoveel inzicht

“En als je nu denkt: dat zijn wel héél veel vragen…”

Goed nieuws: morgen stellen we er gewoon nóg meer. 😄

Slotvraag van de dag: 👉 Welke vragenheld neem jij mee naar huis?

Zelf Aan de slag

Extra oefeningen voor jezelf

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

20

Lees volgende vragen over vriendschap. Sorteer ze per vraagsoort.



Oefening 1:

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

  • 21 |

Sleepvraag

Verhelderings-

Ervarings

Betekenis-

Levensbeschouwelijke

Verwerkings

  • Wat doe jij graag samen met  je vrienden?

  • Kunnen mensen vrienden zijn, als ze heel verschillend zijn?

  • Hoe zou jij vriendschap omschrijven?

  • Hoeveel vrienden heb jij?

Sleepvraag

Verhelderings-

Ervarings

Betekenis-

Levensbeschouwelijke

Verwerkings

  • Kan je vriend zijn met iemand die je niet zo vaak ziet?

  • Wanneer heb je al eens gevoeld dat je je vriend echt kon vertrouwen?

  • Hoe heten jouw vrienden?

  • Heb je al eens meegemaakt dat een vriendschap niet bleef duren?

Sleepvraag

Verhelderings-

Ervarings

Betekenis-

Levensbeschouwelijke

Verwerkings

  • Hoeveel echte vrienden kunnen mensen hebben?

  • Waar heb je je vrienden leren kennen?

  • Wanneer noem jij iemand een vriend?

Denk jij nu anders over wat een goede vriend is?

OEF 2 met verbetersleutel

Illustratie van de leerstof

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

23

De mier en de eekhoorn

Missen

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

24

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

  • 25 |

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

26

Verbetersleutel

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

27

Verbetersleutel

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

28


Verbinden met levensvragen

Besluit:
oefen, oefen, oefen…

  • Vakstudie RKG/LBV_basis

29