BK4 - reading file 1

Reading
II
1 / 30
next
Slide 1: Slide
EngelsMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 4

This lesson contains 30 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Items in this lesson

Reading
II

Slide 1 - Slide

Voorwaarden voor een goede les
Vandaag zit ik thuis, sommige van jullie ook en een aantal zit op school. Om de les goed te laten verlopen is het belangrijk dat:

- iedereen zijn/haar geluid uit heeft
- zijn/haar geluid alleen aandoet als hem/haar wat gevraagd wordt
- de camera aanstaat
- bij vragen je een digitaal handje opsteekt

Slide 2 - Slide

Reading
De afgelopen lessen zijn we bezig geweest met leesvaardigheid. Je hebt het volgende geleerd:
  • Welke tekstdoelen en tekstsoorten er zijn
  • Welke leesstrategieën we kennen en 
  • wanneer en hoe je die leesstrategieën hanteert
  • welke signaalwoorden en tekstverbanden er zijn en bij elkaar horen

Slide 3 - Slide

Wat weet je nog van klas 3 en 4? Welke tekstsoorten  en -doelen ken je nog?
Tekstsoorten &
tekstdoelen

Slide 4 - Mind map

Bekijk nu eerst de korte instructievideo. 
Nadat je de video bekeken hebt maak je de matching opdracht en de meerkeuze vragen die er achteraan komen. 

Slide 5 - Slide

0

Slide 6 - Video

tekstdoelen
notes:
# overtuigen en overhalen lijken erg op elkaar
# instrueren en informeren lijken ook op elkaar

Slide 7 - Slide

Welke items horen bij welk tekstdoel?
Informeren
Amuseren
Overtuigen
Overhalen
Informatieve tekst
Amuserende tekst
Meninggevende tekst
Aansporende tekst

Slide 8 - Drag question

Wat is het tekstdoel van de schrijver van de tekst hiernaast?
Click picture to zoom
A
Informeren
B
Amuseren
C
Overtuigen
D
Overhalen

Slide 9 - Quiz

Wat is het tekstdoel van de schrijver van de tekst hiernaast?
Click picture to zoom
A
Informeren
B
Amuseren
C
Overtuigen
D
Overhalen

Slide 10 - Quiz

Wat is het tekstdoel van de schrijver van de tekst hiernaast?
Click picture to zoom
A
Informeren
B
Amuseren
C
Overtuigen
D
Overhalen

Slide 11 - Quiz

Wat is het tekstdoel van de schrijver van de tekst hiernaast?
Click picture to zoom
A
Informeren
B
Amuseren
C
Overtuigen
D
Overhalen

Slide 12 - Quiz

Wat is het tekstdoel van de schrijver van de tekst hiernaast?
Click picture to zoom
A
Informeren
B
Amuseren
C
Overtuigen
D
Overhalen

Slide 13 - Quiz

Wat is het tekstdoel van de schrijver van de tekst hiernaast?
A
Informeren
B
Amuseren
C
Overtuigen
D
Overhalen

Slide 14 - Quiz

Wat is het tekstdoel van de schrijver van de tekst hiernaast?
Click picture to zoom
A
Informeren
B
Amuseren
C
Overtuigen
D
Overhalen

Slide 15 - Quiz

Leesvaardigheid - gap text
In een gap text moet je zelf een woord invullen om de zin kloppend te maken. Waar let je op?

  • Waar gaat de zin over?
  • Wat voor soort woord moet je invullen? (werkwoord, zelfstandig naamwoord, signaalwoord?)
  • Wat betekenen de woorden waaruit je kunt kiezen? Weet je dat niet? Zoek het dan op!

Slide 16 - Slide

Welk woord hoort er in de eerste gap?
A surfer fought off a Great White Shark by repeatedly punching it in the face after it bit his arm and sunk its __(1)__ into his surfboard.
Nick Minogue, 60, from Auckland, New Zealand, was trying to catch some __(2)__ at Pauanui Beach on Saturday when his morning was interrupted by a three-metre long visitor with a fin.


Slide 17 - Open question

Welk woord hoort er in de tweede gap?
A surfer fought off a Great White Shark by repeatedly punching it in the face after it bit his arm and sunk its __(1)__ into his surfboard.
Nick Minogue, 60, from Auckland, New Zealand, was trying to catch some __(2)__ at Pauanui Beach on Saturday when his morning was interrupted by a three-metre long visitor with a fin.


Slide 18 - Open question

Airtravel
Je gaat een gap filling exercise maken. In de tekst zitten 9 gaps, bij iedere gap kies je welk woord erin past. 

Slide 19 - Slide

Which word fits gap #1?
Click text to zoom
A
the
B
a
C
one

Slide 20 - Quiz

Which word fits gap #2?
Click text to zoom
A
fly
B
flown
C
flew

Slide 21 - Quiz

Which word fits gap #3?
Click text to zoom
A
in
B
at
C
through

Slide 22 - Quiz

Which word fits gap #4?
Click text to zoom
A
lot
B
many
C
few

Slide 23 - Quiz

Which word fits gap #5?
Click text to zoom
A
fast
B
faster
C
fastest

Slide 24 - Quiz

Which word fits gap #6?
Click text to zoom
A
must
B
should
C
could

Slide 25 - Quiz

Which word fits gap #7?
Click text to zoom
A
between
B
from
C
of

Slide 26 - Quiz

Which word fits gap #8?
Click text to zoom
A
with
B
on
C
by

Slide 27 - Quiz

Which word fits gap #9?
Click text to zoom
A
them
B
their
C
they

Slide 28 - Quiz

IMPORTANT

* Donderdag 11 maart TOETS VOCABULARY
* Dinsdag 16 maart uitleg Mondelinge Examens + inschrijven
* Vanaf donderdag 18 maart PROEFEXAMENS!!!
* Na de proefexamens beginnen we met de Mondelinge Examens

Slide 29 - Slide

That's it for today!

Slide 30 - Slide