2 Zwangerschap 2

Ontwikkeling van Zaadcellen

Zwangerschap #2

module

13

1 / 15
next
Slide 1: Slide
New lesson editorVerpleging en verzorgingMBOStudiejaar 4

This lesson contains 15 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min
Report this lesson

Items in this lesson

Ontwikkeling van Zaadcellen

Zwangerschap #2

module

13

als de innesteling heeft plaatsgevonden, dan...

  • vormt een spleet beide helften

  • wordt het zenuwstelsel als eerste gevormd (brein en ruggenmerg)

na het zenuwstelsel wordt uit (bloed)vaten het hart gevormd...

  • na 22 dagen gaat het hart kloppen

  • er is een werkende bloedsomloop

daarna worden de organen van de spijsvertering (maag en darmen) gemaakt...

  • rond een slagader wordt een buis een aantal keren gedraaid

  • dit gebeurt buiten het lichaam van het embryo (in de navelstreng)

  • tijdens de laatste draai trekt alles terug in het embryo

  • rond de 10e week is dit klaar

daarna...

  • ogen en oren worden gevormd

  • longen worden gevormd

  • kraakbeen begint uit te groeien in bot (verbenen) → skelet

  • spieren worden gevormd, kleine bewegingen mogelijk

  • rond week 8 de geslachtsorganen

het kind is verbonden met de moeder via...

  • de moederkoek (placenta)

  • de navelstreng (umbilica)

De placenta is het feitelijke contactorgaan dat tegen de baarmoederwand van de moeder aan zit...

  • er is een moederlijke kant

    • vast aan de baarmoeder

  • er is een foetale kant

    • einde navelstreng

  • een dun vlies scheidt beide bloedbanen (de placentabarrière)

  • voedingsstoffen gaan van moeder naar foetus, afvalstoffen van foetus naar moeder

De navelstreng vormt een fysieke 'kabel' van moeder naar kind...

  • heeft standaard drie bloedvaten

    1. Eén navelstrengader → zuurstofrijk en voedingsrijk bloed van de placenta naar het embryo

    2. Twee navelstrengslagaders → zuurstofarm bloed met afvalstoffen van het embryo terug naar de placenta

  • Gelei van Wharton: De vaten liggen hierin beschermd, voorkomt dichtknikken als de baby beweegt

1
G
2

het foetale bloed komt niet direct in aanraking met het moederlijke bloed...

  • hiervoor zorgt de placenta barrière

    1. de buitenkant bestaat uit dekcellen, ze vormen een filter met super kleine gaatjes → bijna niets kan hierdoor

    2. de binnenkant bestaat uit stamcellen die voortdurend delen om de barrière in stand te houden

2
1

echter, sommige stoffen passeren wel...

  • bloedgassen (O2 en CO2)

  • glucose en andere voedingsstoffen

  • mineralen en vitamines

  • kleine antistoffen (IgG)

  • alcohol, drugs, medicijnen

  • enkele kleine virussen (zika, CMV en rodehond)

2
1