Ethische dilemma's
Learning objective
Ethische dilemma's
Learning objective
Drie opties: Niets doen (kind gaat dood), stuur naar links (oude man aanrijden) of stuur naar rechts (chauffeur opofferen). Antwoord wat jij zou doen.
Ethisch of moreel dilemma
Een ethisch dilemma ontstaat als er een botsing is tussen verschillende waarden.
Het kiezen voor de ene waarde gaat dan ten koste van de andere waarde.
Bij een moreel dilemma moet je dus altijd een keuze maken tussen verschillende waarden.
Vijf onderdelen moreel dilemma
Je kunt het niet uit de weg gaan
Er zijn andere mensen bij betrokken
De keuze heeft invloed op de betrokkenen
Je kunt niet alle belangen tegemoetkomen
Je bent vrij om te kiezen, maar moet over je keuze nadenken
Omgaan met ethische dilemma's
Ethisch reflecteren is de manier om antwoorden te vinden op ethische dilemma's. Bij ethisch reflecteren ga je denken over:
de belangen van de verschillende betrokken mensen en organisaties
de waarden en normen die meespelen en mogelijk tegengesteld zijn
de mogelijke oplossingen
de gevolgen van de oplossingen
Met nadenken alleen kom je er niet, relflecteren en afwegen is de boodschap.
Je werkt als psychologisch assistent bij de politie. Een vrouw die door haar man mishandeld wordt, wil na het indienen van de klacht terug naar haar huis waar de man op haar wacht. Laat je haar gaan?
Ja
Nee
Ik twijfel
Een patiënt met uitgezaaide kanker geeft aan de behandeling te willen stoppen. Jij ziet echter nog mogelijkheden die misschien een stap naar genezing betekenen. Wat doe je als arts?
Ik stop de behandeling.
Ik probeer hem te overtuigen om de behandeling verder te zetten.
Ik doe iets anders.
Fons wil niet dat zijn kinderen te horen krijgen dat hij stervende is. Vertel je het als mama ?
ik vertel het
ik vertel het niet
Je bent net begonnen aan een game toernooi en je broertje vraagt je om hem te helpen met zijn rekensommen. Je wilt eigenlijk niet helpen omdat je niets wilt missen van het toernooi, maar als je je broertje helpt kan hij waarschijnlijk een beter cijfer halen op zijn rekenexamen. Hoe zou je moeten handelen volgens de gevolgethiek?
Je gaat verder met het toernooi
Je helpt je broertje met zijn rekensommen
Twee kinderverzorgers werken samen in een kinderdagverblijf. Plotseling krijgt één medewerker een vervelend telefoontje; het brandalarm in zijn huis is afgegaan en hij moet direct naar huis. Hij vraagt zijn collega dan ook of het goed is als hij naar zijn huis rijdt. De regel binnen de opvang is dat er ten alle tijden twee medewerkers aanwezig zijn. Hoe zou je moeten handelen volgens de plichtethiek?
Je blijft op het kinderdagverblijf
Je rijdt naar huis
Je wandelt in de Veldstraat wanneer een bedelaar je vraagt voor een beetje geld om eten te kopen. Hoe zou je moeten handelen vanuit de plichtethiek?
Je zegt dat heel beleefd dat je geen geld hebt, ook al zit er een euro in je zak.
Je negeert hem.
Je geeft hem de euro waarvan je weet dat die in je broekzak zit.
Je schudt van nee en loopt verder.