CG1-U7- Les 3 – El preterito perfecto

CG1 - Unidad 7 - clase 3 - 2 de Noviembre, 2026 - Hevo

1 / 23
next
Slide 1: Slide
New lesson editorSpaansMBOStudiejaar 1

This lesson contains 23 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 75 min
Report this lesson

Items in this lesson

CG1 - Unidad 7 - clase 3 - 2 de Noviembre, 2026 - Hevo

Eerste les voor een seniorengroep: houd de opening warm, rustig en overzichtelijk. Noem kort dat het om een praktische introductie gaat, zodat cursisten weten wat ze kunnen verwachten.

This item has no instructions

Comunicación

1- ¿ Conoces 5 verbos que terminen con AR?

2- ¿De que tiempo habla el video de los deberes?

3- ¿En que trabajas o has trabajado?

4- ¿ Cuál es la diferencia entre SER y ESTAR?

5- Vertaal: ¿Qué has hecho estas vacaciones de verano?

This item has no instructions

Les 3 – El pretérito perfecto - Unidad 7

Open rustig en visueel. Verwijs mondeling naar reizen, ervaringen en praktische situaties op reis. Grote letters en weinig tekst passen goed bij de doelgroep senioren.

Lesdoel

Ik kan het pretérito perfecto herkennen en vormen, en ermee praten over reiservaringen, voorbereiding op een reis, muy/mucho en eenvoudige klachten onderweg.

De gebruiker noemde meerdere leerdoelen; volgens de instructie is dit samengebracht tot één leerlingvriendelijk 'Ik kan...'-doel dat de hele les dekt.

¿Qué ha hecho usted?

Kijk naar de afbeeldingen en denk aan uw eigen reiservaringen.

Vragen in het Spaans:

  • ¿Ha viajado este año?

  • ¿Ha estado alguna vez en España?

  • ¿Ha dormido alguna vez en un hotel de cinco estrellas?

  • ¿Ha hablado español durante un viaje?

Laat cursisten eerst kort zelf nadenken en daarna met een buur bespreken, maar zet die werkvorm niet expliciet op de slide. Houd de focus op begrijpen van de vragen en herkenning van de vorm 'ha + participio'.

This item has no instructions

Vorm en sleutelwoorden

hoy, esta mañana, esta semana, este mes, este año, ya, todavía no, alguna vez, nunca, últimamente, hasta ahora

Wanneer gebruik je dit vaak?

Spreek de rij met haber hardop voor en laat cursisten luisteren naar het ritme. Wijs ook op tijdswoorden die vaak samen met het pretérito perfecto voorkomen.

Pretérito perfecto

Het pretérito perfecto gebruik je voor ervaringen en dingen die al gebeurd zijn, maar nog niet afgesloten.


Vorm: haber + participio
Voorbeelden:

  • he viajado

  • has comido

  • ha vivido

  • hemos visitado

Koppel dit aan de openingsvragen: '¿Ha viajado?', '¿Ha hablado español?'. Benadruk dat haber en participio samen één werkwoordsvorm vormen.

Woordenlijst

ya - al

alguna vez - ooit, een keer

nunca - nooit

muy - heel, voor een bijvoeglijk naamwoord

mucho - veel of erg, afhankelijk van de zin

reservar - reserveren

molestias - ongemak of overlast


This item has no instructions

Participios: de paren


  • visitar → visitado

  • comer → comido

  • hacer → hecho

  • decir → dicho

  • poner → puesto

  • ver → visto

  • escribir → escrito

  • volver → vuelto

Belangrijke combinaties:

Benadruk dat niet alle participia regelmatig zijn. Laat vooral de onregelmatige vormen duidelijk uitspreken: hecho, dicho, puesto, visto, escrito, vuelto.

Let op de onregelmatige vorm

Deze vormen moet u herkennen:

  • hacer → hecho

  • escribir → escrito

  • volver → vuelto


Regelmatige voorbeelden blijven:

  • comer → comido

  • visitar → visitado

De oorspronkelijke les bevatte een controlequiz. Omdat deze versie alleen contentslides bevat, staat hier de kern van de juiste koppelingen zonder interactieve vraagvorm.

Zoek het pretérito perfecto - Maak Leesopdracht 9a-b

Kijk in de tekst of kaart op pagina 67.


Let op:

  • vormen van haber

  • voltooide deelwoorden

  • combinaties van haber + participio


Zo herkent u minstens drie vormen van het pretérito perfecto.

EXPERIENCIAS DE VIAJES --> CUBA

pag. 67

Noem mondeling de handelingen uit het boek: onderstrepen van haber en omcirkelen van participia. De slide vat die leesfocus samen zonder de opdrachtvorm uit te schrijven.


Gebruik de tekst op pagina 67 om te zien:

wat Lucía al heeft gedaan

wat zij nog niet heeft gedaan


Belangrijke taalvormen:

ha + participio

todavía no + ha + participio

Interview over reiservaringen

Vragen over ervaringen:

  • ¿Ha estado alguna vez en un hotel de cinco estrellas?

  • ¿Ha comido platos típicos de México?

  • ¿Ha hablado alguna vez español durante un viaje?

  • ¿Ha estado en España o Latinoamérica?

Maak oefeningen 10a-b

In het boek staan meer vragen; door ruimte op de slide splitsen we ze over twee slides. Laat cursisten telkens korte, haalbare antwoorden geven.

Opdracht 12 Reisvoorbereiding

Wat kunt u al gedaan hebben voor een reis?

  • buscar una guía

  • hacer la maleta

  • llamar al hotel

  • alquilar un coche

  • comprar los billetes

  • preparar los documentos

Pag. 68

Noem mondeling ook ir al banco en comprar un bañador uit het boek als extra voorbeelden. Kies op de slide de meest kernachtige lijst voor leesbaarheid.

Ya en todavía no

Met het pretérito perfecto zijn deze woorden heel handig:


  • ya = al

  • todavía no = nog niet


Voorbeelden:

  • Sí, ya los he comprado.

  • No, todavía no la he hecho.

Opdracht 13a-b-c-d

Grizel habla de sus vacaciones

Pág. 68

Leg uit dat het voornaamwoord vaak vóór haber staat: los he comprado, la he hecho. Houd dit kort en functioneel.

HEEL

VEEL

Pág. 68

This item has no instructions

Muy of mucho

De basisregels:

  • muy + bijvoeglijk naamwoord

- un viaje muy interesante

  • mucho/a/os/as + zelfstandig naamwoord

- muchos turistas

  • werkwoord + mucho

- me gusta mucho

pag. 68

Senioren hebben vaak baat bij vaste patronen. Laat per patroon één voorbeeld duidelijk horen en zien.

Voorbeelden met muy y mucho

Juiste zinnen:

  • El viaje ha sido muy interesante.

  • Me ha gustado mucho.

  • En Cuba hay muchos turistas.

  • La Habana es una ciudad muy bonita.

  • Este año hemos viajado mucho.

Pag. 69 # 51


Pag. 69 # 52


Pag. 69 # 53


Pag. 69 # 54


Pág. 69

De originele les vroeg om een quiz. Hier staan alleen de correcte modelzinnen als compacte inhoudsslide. Laat mondeling kort benoemen waarom elk antwoord klopt.

This item has no instructions

Korte antwoorden

Voorbeelden van korte antwoorden:

  • Sí, he…

  • No, todavía no.

  • Sí, una vez.

  • Nunca he…

  • Nunca he estado allí.

Doorvragen:

  • ¿Dónde? ¿Cuándo? ¿Con quién? ¿Le ha gustado?

Model de uitspraak van he, ha en hablado rustig voor. Laat eventueel enkele cursisten heel kort reageren met een plaatsnaam of activiteit.

Reclamar durante un viaje

Handige zinnen:

  • Perdone, por favor.

  • Tengo un problema.

  • No he pedido esto.

  • He reservado una habitación con bañera.

  • Lo siento. Ha sido un error.

  • Perdone las molestias.

  • No pasa nada. Está bien.

Spreek de zinnen eerst langzaam voor. Wijs op het verschil tussen een klacht melden en beleefd reageren.

Zo vertelt u over iemand anders

Voorbeeld in de derde persoon:


María ha estado en España. Ha visitado Sevilla y le ha gustado mucho.


Let op:

  • ha estado

  • ha visitado

  • le ha gustado mucho

Dit bereidt de nabespreking van het interview voor: van ik-vorm naar hij/zij-vorm. Benadruk rustig de omschakeling naar 'ha'.