Les | Organen

Menselijk lichaam: Organen

1 / 13
next
Slide 1: Slide
Zorg en WelzijnPraktijkonderwijsLeerjaar 3,5

This lesson contains 13 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 70 min

Items in this lesson

Menselijk lichaam: Organen

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Startklaar
timer
5:00
Jas over de stoel


Oortjes in je tas

Telefoon in je 'Zakkie' en in de doos

Slide 2 - Slide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Lesplanning
  • Mededelingen
  • Leerdoelen van de les 
  • Waarom doen we dit? (EHBO)
  • Leren over verschillende organen.
  • Afsluiting: Organen Quiz

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

           Leerdoelen
  • (R) Ik kan namen van organen noemen (bijvoorbeeld: hart, longen, maag)
  • (T1) Ik weet welk orgaan bij welk plaatje hoort.
  • (T1) Ik begrijp waar een orgaan zit in het lichaam.


Slide 4 - Slide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
Welke organen ken je?

Slide 5 - Mind map

This item has no instructions

Organen

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Organen
Hersenen
Denken en sturen het lichaam
Hart
Pompt bloed door het lichaam
Longen
 Ademen (zuurstof erin, vieze lucht eruit)
Maag
Verwerkt eten
Darmen
Haalt goede stoffen uit eten, afval eruit
Spieren
Bewegen, tillen, werken

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Organen
Lever
Maakt het lichaam schoon
Nieren
Maken bloed schoon, zorgen voor plas
Botten
Botten (skelet)→ Stevig lichaam, bescherming
Alvleesklier en Gal
Alvleesklier→ helpt eten verteren en regelt suiker
Gal → helpt vet uit het eten verteren
Schildklier

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Orgaan begrippen

1.Je hebt een stencil gekregen met foto's van alle organen
2. Schrijf de naam van de orgaan bij het juiste plaatje
3. Weet je niet wat het is?
zoek het op in eigen taal.



timer
15:00

Slide 9 - Slide

Je geeft leerlingen een lichaam in delen gehakt, die moeten ze aan elkaar plakken.
Daarnaast plakken ze de organen op het lichaam.

Benodigdheden:
- uitgeprint lichaam
- uitgeprinte organen
- lijm
- scharen
Feitjes
Longen
• Je ademt ongeveer 20.000 keer per dag
• Rechterlong is groter dan linker
Maag
• Kan groter worden als je eet
Darmen
• Samen meer dan 6 meter lang
• Werken de hele dag door
Spieren
• Je hebt meer dan 600 spieren
• Worden sterker door bewegen
Botten (skelet)
• Je hebt 206 botten
Hart
• Klopt ongeveer 100.000 keer per dag

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Op weg helpen met de opdracht.
  • We gaan een filmpje kijken
  • Jullie vullen alvast belangrijke informatie in op je formulier.
  • Waarom doen we dit?
Linkje
https://www.youtube.com/watch?v=GZY32_pVSBwhttps://www.youtube.com/watch?v=GZY32_pVSBw

Slide 12 - Slide

We doen deze opdracht om twee redenen:
1. Het helpt de leerling op weg en om overzicht te behouden wat er al gedaan is.
2. We oefenen met luisteren, schrijven & onthouden. De leerlingen horen het, schrijven het op en lezen het later na bij de toepassing van de opdracht.
3. De leerlingen leren samenvattend te schrijven van het geen wat ze horen.
Opdracht
  • Je krijgt een orgaan en daar ga je informatie over opzoeken en je maakt hiervan een poster.
  • Wat moet erin staan?
  • In de volgende les gaan we over de organen praten & er een spel over doen: je hoeft dus niet te presenteren voor de groep.
  • Wat moet er op staan?
  • Wat is een orgaan?
  • Waar in je lichaam zit dit orgaan?
  • Wat is de belangrijkste taak van dit orgaan?
  • Hoe groot is het ongeveer?
  • Kun je dit orgaan missen of niet?
  • Je tekent het orgaan en zet er drie weetjes erbij

Slide 13 - Slide

This item has no instructions