Pww4 H4 + 5

H4 + 5
3 vwo 
1 / 23
next
Slide 1: Slide
EconomieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 40 min

Items in this lesson

H4 + 5
3 vwo 

Slide 1 - Slide

Direct marketing is
A
het kopen van gegevens van een adressenmakelaar
B
het garantie geven op een product
C
het sturen van e-mails of brieven aan mogelijke klanten
D
het reclame maken via posters

Slide 2 - Quiz

Afzet is:
A
Omzet - brutowinst
B
Het geld dat je krijgt
C
Het aantal verkochte producten
D
Nettowinst - omzet

Slide 3 - Quiz

Wat is een SWOT analyse?
A
Een communicatie plan
B
Een analyse van de sterke en zwakke punten en kansen/bedreigingen
C
Een verbeterplan
D
Een marketingplan

Slide 4 - Quiz

Paul heeft in januari 500 bananen verkocht voor €0,70 per stuk. Hij heeft deze bananen voor €0,30 ingekocht. Hij heeft een kraampje gehuurd voor €60 en betaalt ook rente aan de bank. Dit is €20 voor deze maand. Vul de resultatenrekening in.
NIET NODIG
Omzet
Inkoopwaarde
Kosten
Saldo winst
€ 350
€ 350
€ 350
€ 150
€ 80
€ 120
€ 150
€ 150
€ 80

Slide 5 - Drag question

Moet een balans in evenwicht zijn?
A
Ja
B
Nee

Slide 6 - Quiz

De marketingmix (de 6 p's)
Hoe krijg je aandacht voor het product?
Welke producten worden verkocht?
Hoe worden producten gepresenteerd?

Wat voor mensen werken er?

Welke prijs krijgt het product?

Waar is het te koop?

Prijsbeleid
presentatiebeleid
productbeleid
personeelsbeleid
plaatsbeleid
promotiebeleid

Slide 7 - Drag question

Plaats de afbeeldingen bij de juiste P in de marketingmix
Plaats
Prijs
Product
Promotie

Slide 8 - Drag question

Vaste activa = 30.000
Vlottende activa = 15.000
Hypotheek lening = 23.000
Berekenen het Eigen Vermogen
A
23.000
B
45.000
C
22.000
D
68.000

Slide 9 - Quiz

Vaste activa
vlottende activa
Liquide middelen
Eigen vermogen
Vreemd vermogen
Bedrijfspand
Voorraad goederen
Eigen vermogen
Lening van de bank
Contant geld in de kassa

Slide 10 - Drag question

Maak de resultatenrekening compleet.
kosten
januari
2020
opbrengsten
inkoopkosten
1.500
omzet
2.000
rente
250
rente
100
afschrijvingen
500
saldo
saldo
totaal
totaal
2.100
2.250
150

Slide 11 - Drag question

Eigen vermogen
Gebouwen
Debiteuren
crediteuren
bank

Slide 12 - Drag question

omzet
Inkoopwaarde van de omzet
Brutowinst
Nettowinst
verkoopprijs x de afzet
Brutowinst - bedrijfskosten
Afzet x de inkoopprijs
omzet - inkoopwaarde van de omzet

Slide 13 - Drag question

Bereken de prijs exclusief btw.
prijs inclusief btw € 29,95 (btw 21%)
prijs exclusief btw € ...

Slide 14 - Open question

Als de balans van het bedrijf niet in evenwicht is, dan ga je failliet of loop je grote kans om failliet te gaan.

A
Juist
B
Onjuist

Slide 15 - Quiz

Omzet is € 375.000 / Inkoopwaarde van de omzet is
€ 125.000 / Wat is de brutowinstmarge?

Slide 16 - Open question

Op de balans staan zowel debiteurs als crediteurs. Verbind de term met de juiste toelichting.
Iemand die jij nog moet betalen, bijvoorbeeld een leverancier
Iemand die nog aan jou moet betalen, bijvoorbeeld een klant
Crediteur
Debiteur

Slide 17 - Drag question

De nettowinst is €500.
De omzet is €1.280.
Bereken de nettowinstmarge.

Slide 18 - Open question

Wat is online marketing?
A
Het promoten van een product of dienst via de radio.
B
Het promoten van een product of dienst via televisie.
C
Het promoten van een product of dienst via kranten.
D
Het promoten van een product of dienst via het internet.

Slide 19 - Quiz

BTW is een afkorting.
BTW staat voor ...
A
belasting over de toenemende waarde
B
belasting tegen waarde
C
belasting toegevoegde winkel
D
belasting over de toegevoegde waarde

Slide 20 - Quiz

              Maak de resultatenrekening compleet.
kosten
opbrengsten
100.000
100.000
afschrijvingen 5.000
grondstoffen 40.000
energie 2.000
rente 7200
loon 12000
winst 33800
omzet 100000

Slide 21 - Drag question

Wat is het doel van een SWOT-analyse?
A
Het is onderdeel van je marketingmix.
B
Het geeft inzicht in de markt en helpt om je marketingstrategie te bepalen.
C
Het is onderdeel van je marketingstrategie.
D
Het laat de kansen en bedreigingen van je onderneming zien.

Slide 22 - Quiz

Sleep in de goede kolom :
Geen bedrijfskosten
bedrijfskosten
Gas
Omzet
Brutowinst
Inkoopprijs
Lonen
Huur

Slide 23 - Drag question