Verpleegkundige diagnose stellen

Presentatie
Gorden
1 / 29
next
Slide 1: Slide

This lesson contains 29 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Items in this lesson

Presentatie
Gorden

Slide 1 - Slide

Signaleren van gezondheidsproblemen

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Gezondheidsproblemen adhv Gorden
  • De 11 gezondheidspatronen van Gordon omvatten alle aandachtsgebieden van een mens
  • Al deze 11 gezondheidspatronen hangen met elkaar samen en beïnvloeden elkaar op alle genoemde gebieden




Slide 4 - Slide

11 Gezondheidspatronen van Gordon
  1. Gezondheidsbeleving en instandhouding 
  2. Voeding en stofwisseling 
  3. Uitscheiding 
  4. Activiteiten 
  5. Slaap/rust 
  6. Waarneming en cognitie 
  7. Zelfbeleving 
  8. Rollen en relaties 
  9. Seksualiteit, voortplanting 
  10. Stress verwerking 
  11. Waarden en overtuiging 

Slide 5 - Slide

QUIZ
Onder welk patroon plaats je de gegevens?

Slide 6 - Slide

Mevrouw heeft steeds pijn aan haar rug
A
Gezondheidsbeleving en instandhouding
B
Cognitie en Waarneming
C
Rollen en relatie
D
Waarden en levensovertuiging

Slide 7 - Quiz

Mevrouw weegt 66kg en is 1m 68 groot
A
Gezondheidsbeleving en instandhouding
B
Activiteiten
C
Zelfbeleving
D
Voeding en stofwisseling

Slide 8 - Quiz

Mevrouw heeft een dochter die haar helpt om eten te geven. (meerdere antwoorden zijn juist)
A
rollen en relatie
B
activiteiten
C
voeding en stofwisseling
D
slaap en rustpatroon

Slide 9 - Quiz

Mevrouw is zeer snel kortademig bij het lopen en transpireert fel (twee antwoorden zijn juist)
A
activiteiten
B
voeding en stofwisseling
C
gezondheidsbeleving en instandhouding
D
stressverwerking

Slide 10 - Quiz

Verpleegkundige diagnose stellen 

Slide 11 - Slide

Zoek op in een online woordenboek:
Wat is een diagnose?

Slide 12 - Open question

Mag je als verpleegkundige een diagnose stellen?
Nee
JA
Weet ik niet
Ander antwoord

Slide 13 - Poll

Gordon
Een verpleegkundige diagnose wordt opgesteld door een verpleegkundige en beschrijft 
ACTULE ( nu)  of POTENTIËLE ( in de toekomst/ mogelijke) gezondheidsproblemen.

Let wel : ten aanzien waarvan de vpk op grond van haar opleiding hulp en bijstand kan en mag verlenen!

Slide 14 - Slide

Lees
De site van de volgende dia eens door

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Link

Opdracht
In tweetallen:
Bedenk in je eigen woorden
3 verpleegkundige diagnoses

Bedenk vervolgens 3 medische diagnoses

Slide 17 - Slide

Doel diagnose
Leidraad voor je vp-proces.

Vanuit je diagnose werk je naar doel en acties.

Het helpt, juist geformuleerd methodisch te werken.


Slide 18 - Slide

Maar.....
Hoe dan?
Hoe formuleer je nu eenduidig een doel?

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Slide

Slide 22 - Video

Even oefenen
Meneer X. is jouw patiënt op de afdeling en ligt op een vier-persoonszaal.
Hij is afhankelijk van hulp en kan zichzelf niet redden met ADL en mobiliseren. 
Per dag komt hij 3 keer, op jouw aandringen, uit bed.
Dan zit hij even in de stoel naast het bed en mobiliseert hij met jou naar het toilet of de badkamer.
Daarnaast komt de fysio een keer per dag met hem oefenen.
Meneer X. heeft weinig eetlust en laat ruim de helft van zijn maaltijden staan.
Hij heeft al jaren diabetes en gebruikt daarvoor insuline.
Je ziet dat hij een erg rode huid heeft op zijn stuit. Zijn huid is op die plaats ontveld en hij geeft pijnklachten aan, precies op die plek.

Slide 23 - Slide

In tweetallen
Formuleer een PES nav de casus
Let op OBJECTIEF!

Tip: op de volgende dia vindt je theorie die je kan helpen.

Slide 24 - Slide

Opdracht:
In tweetallen:
Formuleer een PES bij de casus op de volgende dia.

Let op!
Objectief
Scheidt medische en verpleegkundige diagnoses.

Slide 25 - Slide

Slide 26 - Link

PES
P: Probleem
Meneer X. heeft doorligplekken.
Hij geeft pijn aan aan zijn stuit.

E: Ethiologie (oorzaak)
Meneer X. ligt gemiddeld 21 uur per dag op bed.
Hij eet de helft van zijn maaltijden.
Dhr. heeft diabetes.

S: Symptomen
De huid op zijn stuit is ontveld en is erg rood.


Slide 27 - Slide

In tweetallen
Formuleer een PES nav de casus op de volgende dia

Let op :
OBJECTIEF!
Verpleegkundig!


Slide 28 - Slide

Casus
Mw. Petersen (50) heeft obesitas en daardoor diabetes type 2.

De huisarts ziet dat haar glucosewaarden steeds meer oplopen en denkt dat mw. mogelijk moet overstappen van tabletgebruik naar insuline spuiten.
Ze lust graag een glaasje wijn.
Sinds enkele maanden heeft ze last van kortademigheid en is ze erg moe na iedere inspanning.
Ze rookt 10 sigaretten per dag omdat ze veel stress ervaart en zich emotioneel voelt.

Slide 29 - Slide