Burgerschap studiedag

Wereldburgerschap
1 / 30
next
Slide 1: Slide
BurgerschapsonderwijsBeroepsopleiding

This lesson contains 30 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Wereldburgerschap

Slide 1 - Slide

Vandaag
Wat betekent wereldburgerschap voor het Bertrand?
*Welke rol heeft het OOG internationalisering in de wereldburgerschapsvorming?



Slide 2 - Slide

Wat betekent wereldburgerschap op het Bertrand?
Visie opgevraagd bij Sandra

Slide 3 - Slide

Wat doet het OOG Internationalisering aan wereldburgerschap?


* Werken aan een leerlijn voor wereldburgerschap 
* Inventariseren wat er nu gedaan wordt in  elk leerjaar
* Wat mist er nog en wat moet worden toegevoegd
* Inventariseren welke ondersteuningsbehoefte er is

Slide 4 - Slide

Het punt is alleen.....
de samenleving is complex, en wordt alleen maar complexer.

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Sinds 2003 zijn er wetten rondom burgerschap

Maar vanaf augustus 2021 is het volgende verplicht:
- Scholen in het BO en het VO moeten een visie hebben op burgerschap en moeten daar doelgericht naar handelen.
- Dit is een uitbreiding op eerdere formuleringen waarin staat dat burgerschap vooral gaat over het bijbrengen van kritische denkvaardigheden en democratisch handelen.

Slide 10 - Slide

Dit moet op basis van de Nederlandse kernwaarden.

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Video

Bertrand wil dit doen aan de hand van zeven thema's.
1. De eigen identiteit (wie ben jij)
2. De inclusieve/multiculturele maatschappij
3. Mediawijsheid
4. Het milieu
5. Religie en politieke voorkeur
6. Democratische (grondwettelijke vrijheden)
7. Seksuele diversiteit, identiteit en weerbaarheid.

Slide 13 - Slide

Voor leerlingen is dit mega abstract

* Niet altijd hun interesse
* Thema's ingewikkeld of saai
* Ver van hun bed show

Dus: kijken wat achterliggende thema's, vraagstukken of onderwerpen zijn en daar met leerlingen over spreken. 

Slide 14 - Slide

Wat voegen leraren nu toe?
Aanleren van fundamentele vaardigheden zoals leren luisteren
Hebben van een pedagogische relatie met leerlingen is een absolute voorwaarde.

Slide 15 - Slide

Spanningsvelden voor de leraar
Alle meningen er laten zijn en tegelijkertijd  duidelijk maken dat je netjes moet zijn. (feitelijke onjuistheden wél benoemen)

Als docent niet het juiste morele perspectief (denken te) hebben maar wél feitelijk kader scheppen

Neutraal zijn ten aanzien van wat juiste waardenpatroon is, maar wel bepaalde waarden willen uitdragen.

Slide 16 - Slide

Samenvattend:
Burgerschap is erbij willen horen, een gedeelde identiteit hebben.
Het onderwijs heeft een wettelijke taak om burgerschap te oefenen met leerlingen
Gevoelige of controversiële onderwerpen zijn onderdeel van oefenen met burgerschap
De dialoog is belangrijk.

Slide 17 - Slide

Opdracht
In groepjes van 2

Welke thema's uit jouw vakgebied kunnen aansluiten bij burgerschap.
Waar kunnen identiteit en burgerschap met elkaar schuren of zelfs botsen in jouw vakgebied.

Slide 18 - Slide

Identiteit en waardebepaling.
Waar sta jij zelf?

Slide 19 - Slide

Leerlingen mogen op school alleen in het Nederlands met elkaar of met een leraar praten

A
Eens
B
Oneens
C
Bespreekbaar

Slide 20 - Quiz

Er moet ruimte zijn voor leraren die seksuele diversiteit onacceptabel vinden
A
Eens
B
Oneens
C
Bespreekbaar

Slide 21 - Quiz

Ik maak me zorgen dat sommige leerlingen zich niet thuis voelen op deze school

A
Eens
B
Oneens
C
Mwah

Slide 22 - Quiz

Leraren hebben als opgeleide professionals net als ouders een (moreel) opvoedende rol.

A
Eens
B
Oneens
C
Bespreekbaar

Slide 23 - Quiz

Een leerling weigert mee te doen aan een minuut stilte voor de slachtoffers van een terroristische aanslag
A
Moet kunnen
B
Onacceptabel
C
Gedogen

Slide 24 - Quiz

Een leraar vraagt vrij voor een religieuze feestdag van zijn religie.

A
Acceptabel
B
Onacceptabel
C
Bespreekbaar

Slide 25 - Quiz

Leerlingen organiseren een staking op school om de klimaatproblematiek onder de aandacht te brengen.

A
Eens
B
Oneens
C
Bespreekbaar

Slide 26 - Quiz

Fase 1: Wordt gesprekspartner
Ontken het wereldbeeld van de leerling niet
Expliciteer de grenzen van de wet, de opleiding en van jezelf
Geef een persoonlijk voorzetje
Neem zelf het initiatief
Bevraag leerlingen actief over hun meningen, emoties en gebruik van bronnen
Besef vanuit een pedagogisch oogpunt dat de leerlingen zich in een ontwikkelingsfase bevinden


Slide 27 - Slide

Oefening (opschorting van je eigen mening)
* aanpak: vorm duo’s (met iemand die je niet (goed) kent)

* Neem een onderwerp waar je een sterke mening over hebt (en veel vanaf weet en schrijf het op je  post it
* De duo’s wisselen de kaartjes uit.
* Daarna bevraag je jouw gesprekspartner over jouw onderwerp en daarbij behandel je jouw gesprekspartner als dé expert.
* Stel open vragen en geef je eigen mening niet !!!
- Doe dit 5 minuten en wissel daarna om.

Slide 28 - Slide

Doel van de opdracht?
Te voelen hoe het is alleen vragen te mogen stellen, je niet te mogen mengen met de inhoud en de ander in de expert rol te zetten

 Te ervaren hoe je met het stellen van vragen kunt sturen

 De ander en jezelf kritisch naar eigen opvattingen te laten kijken.
Ben je (toch) achter de mening van je gesprekspartner gekomen?
        Hoe komt dat?


Slide 29 - Slide

Casus
Bij het vak Nederlands krijgen leerlingen de opdracht het boek De belofte van Pisa van Mano Bouzamour lezen (of citaten daar uit).
 
Een van de leerlingen Mohammed, weigert. Hij zegt beleefd: “Ik heb van veel mensen gehoord dat er in dit boek slecht geschreven wordt over de Koran. Daarom wil ik het niet lezen.”
De leraren gaan met de teamcoördinator overleggen: moeten ze Mohammed een ander boek of andere tekst laten lezen, terwijl de rest van de klas bezig is met Bouzamour? Kan de leerling gedwongen worden om dit boek te lezen?
Of moet Bouzamour van de literatuurlijst af?


Hoe zou jij op Mohammed reageren?


Slide 30 - Slide