B1 - Periode 4 - H2 Les 1 - GSE (14/21-04-2023)

El programa de hoy

  1. INFO, boekjes uitdelen
  2. INTRO del tema (5m)
  3. VOCAB 2.1 + frases clave zin 1-4 (voc. p.5) + PRONUNCIACIÓN de la ‘g’ (10m)
  4. MI COLEGIO, TB p.31-32 (15m)
  5. VERBOS (15m)
  6. TOETS BESPREKEN (15m)
  7. REFLEXIÓN, DEBERES (5m)

Tekstballon: 'Hier spreken we Spaans'.


    1 / 24
    next
    Slide 1: Slide
    SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

    This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.

    time-iconLesson duration is: 60 min

    Items in this lesson

    El programa de hoy

    1. INFO, boekjes uitdelen
    2. INTRO del tema (5m)
    3. VOCAB 2.1 + frases clave zin 1-4 (voc. p.5) + PRONUNCIACIÓN de la ‘g’ (10m)
    4. MI COLEGIO, TB p.31-32 (15m)
    5. VERBOS (15m)
    6. TOETS BESPREKEN (15m)
    7. REFLEXIÓN, DEBERES (5m)

    Tekstballon: 'Hier spreken we Spaans'.


      Slide 1 - Slide

      Mi retrato nog inleveren
      1D: Karsten, Sven, Tristan

      Slide 2 - Slide

      Leerdoelen (metas)
      1. Je leert jezelf voorstellen en communiceren over je woonsituatie en je school. 
      2. Dit communiceren leer je zowel productief (spreken/schrijven) als receptief (lezen/luisteren).    
      3. Je leert woordenschat en grammatica die je nodig hebt om het Spaans te kunnen produceren en begrijpen op ERK-niveau A1.   
      4. Kennis van het Spaanse taalgebied: je leert over de achtergronden van Spaanstalige kinderen en over scholen in het Spaanse taalgebied.           
         

      Slide 3 - Slide

      Al final de la clase: 
      -  ken je woorden over school
      - weet je hoe de letter g wordt uitgesproken
      - heb je de werkwoorden herhaald: ser, tener, hablar, llamarse
      - ken je zinnetjes waarmee je kunt vertellen wat er wel/niet op jouw school aanwezig is.


      Slide 4 - Slide

      INTRO: mi colegio / mi instituto (5m)

      Woordweb (volgende pagina's) 

      Aan het einde van de periode kijken we welke woorden je hebt geleerd in het Spaans.

      Slide 5 - Slide

      Welke woorden hebben te maken
      met school (vakken, spullen, etc.)?
      Noteer in het Nederlands.

      Slide 6 - Mind map

      Welke Spaanse woorden
      hebben te maken met school?

      Slide 7 - Mind map

      Mi colegio: 
      Vocabulario + Frases (10m)
      1. Repartir (uitdelen) el libro VOC Unidad 2: 'Mi colegio'
      2. ESTUDIAR: Vocab. 2.1. Let goed op de uitspraak van de 'g'
      3. HABLAR: Frases clave (voc. p.5, frases 1-4)


      timer
      3:00

      Slide 8 - Slide

      Pronunciación del 'g'

      Slide 9 - Slide

      El colegio (15m)
      1. TB p.31B: Todos van al cole. 
      • Teken de tabel in je schrift en vul in. 

      2. TB p.32 Un colegio del futuro: ¿Qué hay? (Wat is er op deze school?)
      • Lees het rode voorbeeld en kijk naar het plaatje. 
      • Noteer zinnetjes waarin je aangeeft wat er wel/niet is op deze school.

      KLAAR? Maak dan zinnetjes over je eigen school: 'En mi colegio hay....'

      timer
      8:00

      Slide 10 - Slide

      Slide 11 - Video

      Verbos (15m)
      REPASO (herhaling) : ser, tener, hablar, llamarse (gram. nr, 25, 26, 27, 28)

      VERBOS 'PRESENTE' (regelmatige werkwoorden in de tegenwoordige tijd)
      1. EXPLICACIÓN:
      • luister naar het liedje (Basho) of het filmpje van de vorige slide en schrijf in drie kolommen de vervoegingen op van de werkwoorden cantar (zingen), comer (eten), escribir (schrijven)
      • check de antwoorden en bestudeer gram. nr 35
      2. HACER (maken): 
      • Voc. p. 9+10 (ser-tener-hablar-llamarse)
      • maak 6 à 8 Spaanse zinnen met deze werkwoorden. Gebruik niet steeds de ‘yo’-vorm, maar wissel af.

      Slide 12 - Slide

      Slide 13 - Slide

      Slide 14 - Slide

      Slide 15 - Slide

      Toets retour

      Slide 16 - Slide

      Los deberes


      Leren:
      vocab 2.1 in beide richtingen; leren frase clave zin 1 t/m 4 (p.5); 
      leren: gram. nr 35, regelmatige werkwoorden

      maken: Voc p. 9-10 afmaken (zoek de werkwoorden op in gram. nr 25-28) 









      Slide 17 - Slide

      Slide 18 - Slide

      15m- Gramática un/uno, y/e 
      1. Bestudeer gram. nrs: Gram. nr 2 (un/uno) + nr. 6 (y/e)
          2. Maak: VOC p.23 oef 1 (un/uno) + oef 2 (y/e)


      Ga naar verbuga.eu.
      --> Vul in bij ww: ser, tener, hablar, llamarse
      --> Vul in bij tijden: presente

      Slide 19 - Slide

      Reglas
      1. spullen en huiswerk in orde
      2. vragen? hand opsteken
      3. als docent spreekt, ben je stil
      4. binnen? op je eigen plaats zitten en spullen gereed
      5. respecteer elkaar, en zit niet aan elkaars spullen
      6. Telefoons in de telefoontas aan de muur,  
      opgeladen laptop in je rugzak

      Slide 20 - Slide

      Wat heb je vandaag geleerd?
      Geef voorbeelden.

      Slide 21 - Mind map

      Slide 22 - Video

      La pronunciación: el acento
      El acento (de klemtoon)
      1. eindigt een woord op klinker, of n, of s, dan ......
      2. eindigt een woord op een andere letter, dan .....

      Wijkt de werkelijke uitspraak af, dan schrijf je een accent.
      Het accent geeft aan op welke lettergreep de klemtoon valt.
      • het accent staat altijd dezelfde kant op ‘ 
      •  ook op een vraagwoord schrijf je een accent. Voorbeeld ¿Cómo? = Hoe?

      REPASO: spreek de woorden van vocab. 1.1 uit en pas de uitspraakregels toe.

      Slide 23 - Slide

      Slide 24 - Video