T4H3: armoede

T4H3: armoede

1 / 13
next
Slide 1: Slide
New lesson editorEconomieSecundair onderwijs

This lesson contains 13 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

T4H3: armoede

Wat weet je al over armoede?

Wat zijn de oorzaken van armoede?

Wat is armoede?

Armoede betekent dat mensen niet beschikken over voldoende middelen om aan basisbehoeften te voldoen en deel te nemen aan het maatschappelijk leven.

Domeinen waar armoede zichtbaar wordt

Armoede uit zich in verschillende domeinen: huisvesting, gezondheid, onderwijs, werk, en vrijetijdsbesteding. Dit kan leiden tot sociale uitsluiting.

Hoe wordt de armoedegrens nu bepaald?

Hoe bepaal je armoede?

  • AROP (At Risk Of Poverty) verwijst naar het percentage personen waarvan het beschikbaar inkomen onder de vooropgestelde armoedegrens ligt (monetaire armoede).

  • LWI (Lage WerkIntensiteit) is gebaseerd op het aantal personen in een gezin dat behoort tot de beroepsbevolking en minder dan 20 % werkte gedurende de voorgaande twaalf maanden.

  • SMSD (Severe Material and Social Deprivation) omvat de bevolking die zich ten minste drie van negen items die levensnoodzakelijk zijn, niet kan veroorloven.

  • De AROPE-indicator (At Risk Of Poverty or social Exclusion) combineert AROP en SMSD: het aantal personen met risico op monetaire armoede en ernstige materiële en sociale deprivatie.

Oorzaken van armoede

Armoede ontstaat door een combinatie van factoren: laag inkomen, slechte gezondheid, verslaving, problemen in gezinnen, lage scholing en beperkte toegang tot werk.

Oorzaken van armoede

  • Kansarmoede

  • Generatiearmoede

  • Mentale gevolgen?

Armoedebestrijding


Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.