Les 2. Het Christendom in de Romeinse Tijd: Strijd en Triomf

Het Christendom 
in
het Romeinse Rijk
Christenen in het Romeinse rijk
1 / 28
next
Slide 1: Slide
GodsdienstLevensbeschouwingMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1-3

This lesson contains 28 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min

Introduction

Aan het eind van deze les kun je herkennen en uitleggen hoe het christendom ontstond en waarom dit een belangrijke godsdienst werd.

Items in this lesson

Het Christendom 
in
het Romeinse Rijk
Christenen in het Romeinse rijk

Slide 1 - Slide


Het christendom ontstond en verspreidde zich tijdens het Romeinse Rijk, en de relatie tussen het christendom en het Romeinse Rijk was complex en evolueerde in de loop van de geschiedenis. Hier zijn enkele belangrijke aspecten van het christendom in het Romeinse Rijk:

Oorsprong: Het christendom ontstond in de eerste eeuw na Christus in de provincie Judea, die destijds deel uitmaakte van het Romeinse Rijk. De stichting van het christendom wordt toegeschreven aan Jezus van Nazareth en zijn volgelingen, die predikten over het koninkrijk van God en de boodschap van liefde en vergeving verspreidden.

Vervolgingen: In de eerste paar eeuwen na de stichting van het christendom werden christenen vaak vervolgd door de Romeinse autoriteiten vanwege hun afwijzing van de Romeinse goden en hun weigering om de keizer als god te vereren. De vroegste en meest beruchte vervolging was onder keizer Nero in de 1e eeuw na Christus, maar christenvervolgingen vonden op verschillende momenten en onder verschillende keizers plaats tot in de 4e eeuw na Christus.

Legaliteit en erkenning: Ondanks de vervolgingen slaagde het christendom erin zich te verspreiden in het Romeinse Rijk, en tegen de 4e eeuw na Christus begonnen keizers zoals Constantijn de Grote en Theodosius I het christendom te begunstigen en uiteindelijk te erkennen als de staatsgodsdienst. Het Edict van Milaan in 313 na Christus, uitgevaardigd door Constantijn en Licinius, legaliseerde het christendom in het Romeinse Rijk.

Politieke en culturele invloed: Na de legalisatie en latere erkenning van het christendom als staatsgodsdienst, begon het een belangrijke rol te spelen in de politiek, de cultuur en het sociale leven van het Romeinse Rijk. Kerken werden gebouwd, christelijke leiders kregen invloedrijke posities, en het christelijk geloof beïnvloedde wetgeving en maatschappelijke normen.

Al met al was de relatie tussen het christendom en het Romeinse Rijk een ingewikkeld proces van conflicten, vervolgingen, maar ook van geleidelijke acceptatie en integratie. Het christendom zou uiteindelijk een dominante kracht worden in Europa en de wereldgeschiedenis blijvend beïnvloeden.
Wat weet jij eigenlijk
van het christendom?

Slide 2 - Mind map

This item has no instructions

Leerdoelen
  • Je kunt herkennen en uitleggen hoe het christendom ontstond en waarom dit een belangrijke godsdienst werd.
  • Je kunt de belangrijkste personen uit de les benoemen.
  1. Jezus van Nazareth
  2. Nero
  3. Constantijn de Grote
  4. Theodosius I de Grote

Slide 3 - Slide

This item has no instructions


Koninkrijk?


De stadstaat Rome is ooit een koninkrijk geweest,
hoewel daar erg weinig over bekend is.

En of het verhaal van Romulus en Remus waar is....?
In 117 na Christus was het Romeinse Rijk op zijn grootst. 
In 63 v. Chr. veroverden de Romeinen Judea. Hier woonden vooral joden. Zij geloven in één god. Dit heet: monotheïsme (mono=1, theos=god).

Romeinen geloven in meerdere goden. Dit heet: polytheïsme (poly=meer, theos=god). 
 Overwonnen volken mogen hun eigen goden houden, zolang ze de belangrijkste Romeinse goden ook vereren. De Romeinen nemen op hun beurt ook weer goden van andere volken over.
De Joden geloofden dat een verlosser hen zou bevrijden van al het kwaad, dus misschien ook wel van de Romeinen.
De Romeinse keizer Hadrianus hernoemde de provincie Judea naar Syria Palaestina in 135 n.Chr., na de Bar Kochba-opstand, waarschijnlijk om de Joodse band met het land te verzwakken.


Slide 4 - Slide

De naam Palestina verwijst naar een historische en geografische regio in het Midden-Oosten. De oorsprong en betekenis van de naam zijn door de eeuwen heen veranderd en zijn onderwerp van veel discussie en interpretatie.

Oorsprong van de naam:
Filistijnen: De naam Palestina is waarschijnlijk afgeleid van "Philistia" of "Filistijnen" (betekenis: indringer), een volk dat zich in de 12e eeuw v.Chr. vestigde langs de zuidelijke kust van Kanaän, in de regio die tegenwoordig bekendstaat als de Gazastrook en het zuidwesten van Israël.

Grieken en Romeinen: De Grieken gebruikten de term "Palaistine" om het gebied aan te duiden, en de Romeinen adopteerden deze naam als "Palaestina". De Romeinse keizer Hadrianus hernoemde de provincie Judea naar Syria Palaestina in 135 n.Chr., na de Bar Kochba-opstand, waarschijnlijk om de Joodse band met het land te verzwakken.

Historische en moderne context:
Bijbelse tijden: In de Bijbel wordt het gebied meestal aangeduid met namen als Kanaän, Israël en Juda. Palestina was niet de gebruikelijke naam in de oude Joodse geschriften.

Ottomaanse Rijk: Tijdens de Ottomaanse heerschappij (1517-1917) werd het gebied administratief verdeeld in verschillende sanjaks (provincies) en vilayets (regio's), en de term Palestina werd gebruikt, maar zonder een duidelijk gedefinieerde grens.

Brits Mandaat: Na de Eerste Wereldoorlog werd Palestina een mandaatgebied onder Brits bestuur (1920-1948). Het Mandaat voor Palestina omvatte de huidige staten Israël en Jordanië en de Palestijnse gebieden (de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook).

Politieke betekenis:
Moderne tijd: Vandaag de dag wordt de term Palestina vaak gebruikt om te verwijzen naar de Palestijnse gebieden en de staat Palestina, die door veel landen wordt erkend en die streeft naar onafhankelijkheid in de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook, met Oost-Jeruzalem als de beoogde hoofdstad.

Jezus van Nazareth
Jezus van Nazareth
Jezus is een Joodse man die rondreist in Israël en vertelt dat God van de mensen houdt en dat Hij gekomen is om de de mensen terug te brengen bij God.
Jezus krijgt veel aanhangers. 
Jezus wordt door de leiders van de Joden uitgeleverd aan de Romeinen omdat zij Zijn boodschap niet geloofden.
De Romeinen vinden hem gevaarlijk. Ze nemen hem gevangen en kruisigen hem, de straf voor een opstandige slaaf.

Slide 5 - Slide

Jezus van Nazareth, ook wel bekend als Jezus Christus, is een centrale figuur in het christendom en wordt beschouwd als de grondlegger van het christelijk geloof. Hier zijn enkele belangrijke aspecten van zijn leven en betekenis:

Geboorte en afkomst: Volgens de evangeliën in het Nieuwe Testament werd Jezus geboren in Bethlehem, Judea, rond het begin van de 1e eeuw na Christus. Hij groeide op in Nazareth, een stad in Galilea, waar hij bekend werd als Jezus van Nazareth.

Leer en prediking: Jezus begon zijn openbare bediening rond de leeftijd van 30 jaar. Hij predikte over het Koninkrijk van God, onderwees in gelijkenissen en voerde wonderen uit, zoals het genezen van zieken en het uitdrijven van demonen. Zijn boodschap van liefde, vergeving en verlossing trok volgelingen aan uit alle lagen van de samenleving.

Dood en opstanding: Jezus werd uiteindelijk gearresteerd door de Romeinse autoriteiten op beschuldiging van godslastering en rebellie tegen het Romeinse gezag. Hij werd gekruisigd in Jeruzalem, maar volgens het christelijk geloof stond hij drie dagen later op uit de dood, wat bekendstaat als de Opstanding. Dit wordt gezien als de centrale gebeurtenis in het christendom, die de hoop op eeuwig leven en verlossing symboliseert.

Betekenis in het christendom: Voor christenen is Jezus Christus de Zoon van God, de beloofde Messias die gekomen is om verlossing te brengen aan de mensheid. Zijn leven, dood en opstanding worden gezien als het hoogtepunt van Gods plan voor redding en verzoening. Christenen geloven dat door het geloof in Jezus Christus en zijn offer aan het kruis, ze vergeving van zonden en eeuwig leven kunnen ontvangen.

Jezus van Nazareth heeft een blijvende invloed gehad op de geschiedenis, religie, kunst en cultuur van de wereld. Zijn boodschap van liefde, mededogen en vergeving blijft miljoenen mensen over de hele wereld inspireren en leiden.

Heeft Jezus echt bestaan?
Het merendeel van wat wij van hem weten is later opgeschreven, 
bijvoorbeeld in de Bijbel (Nieuwe Testament).
Historici zijn ervan overtuigd dat hij werkelijk heeft bestaan.
Flavius Josephus heeft over Jezus en zijn volgelingen geschreven.
Heeft Jezus echt bestaan?

Slide 6 - Slide

De meeste historici zijn het erover eens dat er een historische figuur genaamd Jezus van Nazareth heeft bestaan, hoewel de precieze details van zijn leven en optreden niet volledig kunnen worden bevestigd door buitenbijbelse bronnen.

De belangrijkste bronnen over het leven van Jezus zijn de teksten van het Nieuwe Testament in de Bijbel, die worden beschouwd als religieuze geschriften maar ook als historische documenten worden bestudeerd. 
Daarnaast zijn er enkele vermeldingen van Jezus en de vroege christelijke beweging in werken van Romeinse en Joodse auteurs uit de eerste eeuw na Christus, zoals Flavius Josephus en Tacitus, hoewel deze vermeldingen vaak bekritiseerd worden vanwege hun mogelijke interpolaties of latere toevoegingen.

Dus terwijl de overgrote meerderheid van de geleerden gelooft dat Jezus een historische figuur was, zijn er  enkele geleerden die twijfels hebben of die het bestaan van Jezus volledig betwisten. Over het algemeen wordt het bestaan van Jezus echter als historisch aannemelijk beschouwd, hoewel de interpretatie van zijn leven en optreden varieert tussen verschillende religieuze en seculiere perspectieven.

Er zijn verschillende argumenten die worden aangevoerd door historici en geleerden die suggereren dat Jezus van Nazareth waarschijnlijk heeft bestaan. Hier zijn enkele van die argumenten:

Getuigenissen van vroege christelijke bronnen: De Evangelies in het Nieuwe Testament, geschreven door verschillende auteurs, beschrijven het leven, de leer en de dood van Jezus van Nazareth. Deze geschriften, hoewel theologisch van aard, worden ook beschouwd als historische bronnen, zij het met hun eigen theologische interpretaties.

Buitenbijbelse bronnen: Er zijn enkele vermeldingen van Jezus en de vroege christelijke beweging in niet-christelijke geschriften uit de eerste eeuw na Christus. Bijvoorbeeld, de Joodse historicus Flavius Josephus verwijst naar Jezus in zijn werk "Antiquitates Judaicae" (Joodse Oudheden) en de Romeinse historicus Tacitus vermeldt Jezus in zijn werk "Annalen".  Deze worden  beschouwd als bewijs dat Jezus in ieder geval bekend was in de tijd kort na zijn leven.

Consistentie met de historische context: De beschrijvingen van Jezus en zijn tijd in de Evangeliën passen goed in de bredere historische context van het Palestina van de eerste eeuw na Christus, inclusief de politieke, culturele en religieuze situatie van die tijd.

Vroege verspreiding van het christendom: Het feit dat het christendom zich zo snel na de dood van Jezus verspreidde, zelfs in de afwezigheid van moderne communicatiemiddelen, wijst erop dat er een historische figuur moet zijn geweest die als centrale figuur heeft gediend in deze beweging.


Christenen
Zij geloven in de woorden die Jezus (via zijn leerlingen) aan 
hen heeft gegeven: Johannes 3:16.
Deze naam komt van Christus, dat 'gezalfde' betekent.  
Jezus wordt door zijn volgelingen zo genoemd. 
De volgelingen van Jezus noemen zichzelf christenen. 
Zo lief had God de wereld dat Hij Zijn zoon gegeven heeft. Zodat ieder die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.

Slide 7 - Slide

"Christus" is een titel die wordt gebruikt om Jezus van Nazareth aan te duiden als de gezalfde of de Messias, die volgens het christelijk geloof de beloofde redder en verlosser is. Het woord "Christus" is afgeleid van het Griekse woord "Christos", wat "gezalfde" betekent, en komt overeen met het Hebreeuwse woord "Messias". Voor christenen is Jezus Christus de beloofde Messias zoals geprofeteerd in het Oude Testament van de Bijbel.

"Christenen" zijn volgelingen van Jezus Christus, die geloven in zijn leer, dood en opstanding als de kern van hun geloof. Het christendom is ontstaan ​​als een religieuze beweging in de 1e eeuw na Christus, met Jezus van Nazareth als centrale figuur. Christenen geloven dat Jezus de Zoon van God is en dat zijn komst en offer aan het kruis verlossing biedt voor zonden en eeuwig leven.

Als volgelingen van Jezus Christus streven christenen ernaar zijn voorbeeld te volgen, zijn leer te gehoorzamen en zijn boodschap van liefde, mededogen en vergeving te verspreiden. Het christendom heeft zich in de loop van de geschiedenis ontwikkeld tot een van 's werelds grootste religies, met verschillende denominaties en tradities over de hele wereld. Christenen komen samen in kerken om te bidden, de Bijbel te bestuderen en gemeenschap te hebben met elkaar.







Het paard in het schaakspel beweegt 2 velden horizontaal met 1 veld verticaal of een beweging van 2 velden verticaal met 1 veld horizontaal. 

Er ontstaat bij een paardensprong altijd een L-vorm.
De gelovige
Paardensprong-puzzel
C
I
T
R
N
S
H
E

Slide 8 - Drag question

This item has no instructions


Christenen in het Romeinse Rijk
Christenen in het Romeinse rijk
Goed netwerk van wegen en steden.
Aantrekkingskracht van het geloof. (gelijkheid eenvoudige boodschap zonder moeilijke rituelen) 
Het Christendom verspreidt zich snel in het Romeinse Rijk. 
Er zijn verschillende oorzaken te noemen.
Christelijke gemeenschappen stonden bekend om hun liefdadigheidswerk, zoals het verzorgen van armen, zieken en weduwen.
Vervolgingen, hoewel bedoeld om het christendom te onderdrukken, hadden vaak het tegenovergestelde effect. 
De vroege christenen waren zeer toegewijd aan het verspreiden van hun geloof.

Slide 9 - Slide

De groei van het christendom in het Romeinse Rijk kan worden toegeschreven aan verschillende factoren die samenwerkten om deze religie te verspreiden en haar aanhang te vergroten. Hier zijn enkele belangrijke redenen:

Boodschap van het christendom: De boodschap van liefde, vergeving, en hoop op eeuwig leven sprak veel mensen aan, vooral in een tijd van politieke onrust en economische onzekerheid. Het christendom bood een gevoel van gemeenschap en persoonlijke waarde, wat aantrekkelijk was voor velen, inclusief de armen en onderdrukten.

Missionaire ijver: De vroege christenen waren zeer toegewijd aan het verspreiden van hun geloof. Missionarissen zoals de apostel Paulus reisden uitgebreid door het Romeinse Rijk, stichtten kerken en schreven brieven (epistels) die de leer van Jezus uitlegden en versterkten. Deze missionaire activiteiten hielpen het christendom snel te verspreiden.

Netwerk van wegen en steden: Het Romeinse Rijk had een uitgebreid netwerk van wegen en goed ontwikkelde steden, wat reizen en communicatie vergemakkelijkte. Dit maakte het gemakkelijker voor christelijke missionarissen om te reizen en hun boodschap te verspreiden naar verschillende delen van het rijk.

Gemeenschappen en liefdadigheid: Christelijke gemeenschappen stonden bekend om hun liefdadigheidswerk, zoals het verzorgen van armen, zieken en weduwen. Dit zorgde voor een positieve reputatie en trok nieuwe volgelingen aan. De sterke gemeenschapsbanden binnen christelijke groepen zorgden ook voor steun en veiligheid voor hun leden.

Martelaarschap: Vervolgingen, hoewel bedoeld om het christendom te onderdrukken, hadden vaak het tegenovergestelde effect. De moed en het geloof van de martelaren, die bereid waren hun leven te geven voor hun geloof, inspireerden anderen en trokken nieuwe volgelingen aan. Het martelaarschap versterkte de vastberadenheid van de gelovigen en maakte indruk op toeschouwers.



Christenen in het Romeinse Rijk
Ze gebruikte liever het Chi Rho-teken: de eerste twee letters van de naam Christus in het Grieks. 
Symbool van Christenen in het Romeinse rijk
Christenen gebruikten zelden het kruis als symbool. 
De eerste en laatste letter van het Griekse alfabet zijn de alpha (α) en de omega (Ω). 
Hiermee gaven ze aan dat Jezus het begin en het einde was.

Slide 10 - Slide

De symbolen Alfa (Α) en Omega (Ω) hebben een diepe betekenis binnen het christendom en worden vaak gebruikt om de eeuwige natuur van God en Christus aan te duiden. Hier zijn enkele belangrijke aspecten van deze symbolen:

Oorsprong en betekenis:
Alfa en Omega in het Grieks: Alfa (Α) is de eerste letter van het Griekse alfabet, en Omega (Ω) is de laatste. Samen symboliseren ze het begin en het einde.

Bijbelse referenties: Deze symbolen worden direct genoemd in het boek Openbaring in het Nieuwe Testament. In Openbaring 1:8 zegt God: "Ik ben de Alfa en de Omega, zegt de Heer God, die is en die was en die komt, de Almachtige." Dit vers, samen met vergelijkbare uitspraken in Openbaring 21:6 en 22:13, benadrukt de eeuwigheid en almacht van God en Christus.

Symboliek:
Eeuwigheid en Almacht: Door zichzelf Alfa en Omega te noemen, benadrukt God zijn eeuwige bestaan, zonder begin en zonder einde. Dit geeft uitdrukking aan de almachtige en alomvattende aard van God.

Christelijke geloofsbelijdenis: Voor christenen betekent dit symbool ook dat Jezus Christus zowel het begin als het einde van alles is. Het omvat zijn rol in de schepping, zijn aanwezigheid in de geschiedenis en zijn uiteindelijke heerschappij over het einde der tijden.

Gebruik in de kunst en liturgie:
Iconografie: Alfa en Omega worden vaak afgebeeld in christelijke kunst, zoals op kruisbeelden, in manuscripten, op altaarkleden, en in glas-in-loodramen. Ze dienen als visuele herinnering aan de goddelijke natuur van Christus en zijn eeuwige heerschappij.

Liturgische teksten en hymnen: De termen Alfa en Omega worden soms gebruikt in christelijke liturgie en hymnen om God te loven en zijn eeuwige aard te benadrukken.

Theologische interpretatie:
Christocentrische interpretatie: In christelijke theologie wordt vaak benadrukt dat Christus als de Alfa en Omega zowel het begin als de vervulling van Gods plan voor de mensheid vertegenwoordigt. Dit betekent dat alles wat bestaat, zijn oorsprong vindt in Christus en ook zijn uiteindelijke doel en vervulling in Hem zal vinden.

Samenvattend symboliseren Alfa en Omega de allesomvattende aard van God en Jezus Christus, als het begin en het einde, en dienen ze als krachtige herinneringen aan hun eeuwigheid, almacht en centrale rol in het christelijke geloof.

Christenen in het Romeinse Rijk


Het Christendom verspreidt zich snel in het Romeinse Rijk. 
De goede wegen en de aantrekkingskracht van het geloof 
zorgen ervoor dat veel mensen christen worden.


De verspreiding van het Christendom in het Romeinse Rijk.
Verspreiding rond het jaar 75.
1
Verspreiding rond het jaar 200.
2
Verspreiding rond het jaar 300.
3
Verspreiding rond het jaar 400.
4

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

WAT
HAND?
IS 
HIER 
AAN DE 

Slide 12 - Slide

This item has no instructions


Wat is hier aan de hand?

Slide 13 - Open question

In deze slide hoeven de leerlingen alleen deze vraag te beantwoorden. 

Vervolgingen: In de eerste paar eeuwen na de stichting van het christendom werden christenen vaak vervolgd door de Romeinse autoriteiten vanwege hun afwijzing van de Romeinse goden en hun weigering om de keizer als god te vereren. De vroegste en meest beruchte vervolging was onder keizer Nero in de 1e eeuw na Christus, maar christenvervolgingen vonden op verschillende momenten en onder verschillende keizers plaats tot in de 4e eeuw na Christus.



Christenvervolging
Christenvervolging
Maar christen zijn in het Romeinse Rijk is levensgevaarlijk! 
De Romeinse keizers laten daarom de christenen vervolgen en doden...
Net als het Jodendom geloven de christenen maar in één god, en dat is niet de Romeinse keizer!

Slide 14 - Slide

Christenvervolgingen in het oude Romeinse Rijk, waaronder het beruchte "voor de leeuwen gooien" in de arena, zijn een belangrijk onderdeel van de vroege geschiedenis van het christendom. Hier zijn enkele belangrijke aspecten van deze vervolgingen:

1. Achtergrond van de Vervolgingen
Redenen voor vervolging: De vervolgingen werden vaak ingegeven door een combinatie van politieke, sociale en religieuze redenen. Christenen weigerden de Romeinse goden en de keizer te vereren, wat gezien werd als een bedreiging voor de Romeinse religieuze en politieke stabiliteit. Daarnaast werden ze beschuldigd van verschillende misdaden en morele overtredingen vanwege hun geheimzinnige rituelen en bijeenkomsten.

Culturele en sociale spanningen: Christenen werden vaak gezien als buitenstaanders die zich niet wilden conformeren aan de sociale normen van de Romeinse samenleving, wat leidde tot wantrouwen en vijandigheid.

2. Voorbeelden van Vervolgingen
Keizer Nero (54-68 na Christus): Een van de eerste en meest beruchte vervolgingen vond plaats onder keizer Nero, die de christenen de schuld gaf van de grote brand van Rome in 64 na Christus. Veel christenen werden geëxecuteerd op gruwelijke manieren, waaronder het voor de wilde dieren gooien in de arena, het verbranden als menselijke fakkels, en kruisiging.

Keizer Decius (249-251 na Christus): Decius voerde een rijkwijdse vervolging uit waarbij christenen werden gedwongen offers te brengen aan de Romeinse goden. Weigeraars werden geëxecuteerd of gevangen gezet.

Keizer Diocletianus (284-305 na Christus): Diocletianus' vervolging, ook bekend als de Grote Vervolging, was een van de meest intense en systematische vervolgingen. Veel christelijke leiders werden geëxecuteerd en heilige geschriften werden verbrand.

3. Martelaarschap en Gemeenschapsvorming
Martelaren: Vroege christelijke martelaren, zoals Ignatius van Antiochië en Polycarpus van Smyrna, werden geëerd en herinnerd voor hun vastberadenheid en geloof. Hun verhalen inspireerden andere christenen en versterkten de gemeenschap.

Gemeenschapsvorming: De vervolgingen versterkten de interne cohesie van de christelijke gemeenschappen, die elkaar ondersteunden en versterkten in tijden van crisis. Het martelaarschap werd gezien als een getuigenis van geloof en moedigde de volgelingen aan om standvastig te blijven.

Christenvervolging
Christenvervolging
Voor de leeuwen gooien, was een gebruikelijk doodstraf voor christenen tijdens hun vervolgingen in het Romeinse Rijk.

De toeschouwers waren verbijsterd, maar ook nieuwsgierig: als je toch zoveel vertrouwen in je God hebt, dan moet het wel een hele goede God zijn. 
Het moet een gruwelijk spektakel zijn geweest, maar wat vooral indruk op de toeschouwers maakte was dat de christenen soms niet gingen vechten met de leeuwen, maar bidden tot hun God. 

Slide 15 - Slide

Christenvervolgingen in het oude Romeinse Rijk, waaronder het beruchte "voor de leeuwen gooien" in de arena, zijn een belangrijk onderdeel van de vroege geschiedenis van het christendom. Hier zijn enkele belangrijke aspecten van deze vervolgingen:

1. Achtergrond van de Vervolgingen
Redenen voor vervolging: De vervolgingen werden vaak ingegeven door een combinatie van politieke, sociale en religieuze redenen. Christenen weigerden de Romeinse goden en de keizer te vereren, wat gezien werd als een bedreiging voor de Romeinse religieuze en politieke stabiliteit. Daarnaast werden ze beschuldigd van verschillende misdaden en morele overtredingen vanwege hun geheimzinnige rituelen en bijeenkomsten.

Culturele en sociale spanningen: Christenen werden vaak gezien als buitenstaanders die zich niet wilden conformeren aan de sociale normen van de Romeinse samenleving, wat leidde tot wantrouwen en vijandigheid.

2. Voorbeelden van Vervolgingen
Keizer Nero (54-68 na Christus): Een van de eerste en meest beruchte vervolgingen vond plaats onder keizer Nero, die de christenen de schuld gaf van de grote brand van Rome in 64 na Christus. Veel christenen werden geëxecuteerd op gruwelijke manieren, waaronder het voor de wilde dieren gooien in de arena, het verbranden als menselijke fakkels, en kruisiging.

Keizer Decius (249-251 na Christus): Decius voerde een rijkwijdse vervolging uit waarbij christenen werden gedwongen offers te brengen aan de Romeinse goden. Weigeraars werden geëxecuteerd of gevangen gezet.

Keizer Diocletianus (284-305 na Christus): Diocletianus' vervolging, ook bekend als de Grote Vervolging, was een van de meest intense en systematische vervolgingen. Veel christelijke leiders werden geëxecuteerd en heilige geschriften werden verbrand.

3. Martelaarschap en Gemeenschapsvorming
Martelaren: Vroege christelijke martelaren, zoals Ignatius van Antiochië en Polycarpus van Smyrna, werden geëerd en herinnerd voor hun vastberadenheid en geloof. Hun verhalen inspireerden andere christenen en versterkten de gemeenschap.

Gemeenschapsvorming: De vervolgingen versterkten de interne cohesie van de christelijke gemeenschappen, die elkaar ondersteunden en versterkten in tijden van crisis. Het martelaarschap werd gezien als een getuigenis van geloof en moedigde de volgelingen aan om standvastig te blijven.

Christenvervolging
Onder sommige Romeinse steden bevonden zich catacomben waarin christenen (maar ook Joden) hun doden begroeven.


Catacomben
De catacomben werden soms ook gebruikt voor kerkdiensten, omdat het boven de grond te gevaarlijk was om openlijk voor je geloof uit te komen.
Veel van deze catacomben zijn mooi versierd met christelijke muurschilderingen.

Slide 16 - Slide

De catacomben zijn ondergrondse begraafplaatsen die voornamelijk geassocieerd worden met de vroege christenen in Rome. 

1. Wat zijn catacomben?
Ondergrondse begraafplaatsen: Catacomben zijn complexe netwerken van ondergrondse gangen en kamers die werden gebruikt als begraafplaatsen. Ze bevinden zich meestal onder steden en zijn uitgehouwen in zachte steensoorten zoals tufsteen.
Oorsprong van de naam: De term "catacomben" komt van het Latijnse "catacumbas", wat "bij de holtes" betekent, verwijzend naar de ligging van de begraafplaatsen in grotten of holtes.

2. Gebruik door vroege christenen
Vroege christenen: De catacomben in Rome werden vanaf de 2e eeuw na Christus gebruikt door christenen als begraafplaatsen. Ze kozen voor ondergrondse begraafplaatsen omdat de grond in Rome duur was en christenen vaak tot de lagere klassen behoorden.

Veilige rustplaatsen: Het christelijke geloof in de wederopstanding van het lichaam betekende dat ze hun doden wilden begraven in plaats van cremeren, wat gebruikelijk was bij de Romeinen.

3. Structuur en inrichting
Labyrintisch netwerk: De catacomben bestaan uit smalle gangen die soms over meerdere niveaus zijn verspreid. Langs de wanden van deze gangen werden nissen uitgehouwen waarin lichamen werden geplaatst.

Graven en grafkamers: Naast eenvoudige nissen waren er ook grotere grafkamers en kapellen waar meerdere mensen konden worden begraven en waar christelijke ceremonies konden worden gehouden.

Inscripties en kunst: Veel catacomben bevatten inscripties, symbolen en fresco's die christelijke thema's uitbeelden, zoals de goede herder, vissen, duiven en scènes uit het Oude en Nieuwe Testament.

4. Historische betekenis
Getuigenissen van geloof: De catacomben getuigen van het leven en de praktijken van de vroege christelijke gemeenschappen. Ze bieden inzicht in hun geloofsovertuigingen, rituelen en de manier waarop ze omgingen met de dood.

Archeologische waarde: Catacomben zijn belangrijke archeologische vindplaatsen die ons veel leren over de vroege kerk en de sociale geschiedenis van Rome.

Christenvervolging


Maar christen zijn in het Romeinse Rijk is levensgevaarlijk! 
Net als het Jodendom geloven de christenen maar in één god, 
en dat is niet de Romeinse keizer!

De Romeinse keizers laten daarom de christenen vervolgen en doden...
Om voor elkaar (maar niet voor de Romeinen!) herkenbaar te zijn, gebruikten christenen symbolen. Zo tekenden ze bijvoorbeeld een ichthus (vis) in het zand om hun geloof aan andere christenen kenbaar te maken. Als er dan een Romein in de buurt was, konden ze het symbool weer eenvoudig wissen.

Waar staan de letters " Ichtus" voor?
timer
1:00

Slide 17 - Slide

Het Ichthus-teken, ook wel bekend als het vis-symbool, is een belangrijk christelijk symbool met diepe historische en theologische betekenis. Hier zijn enkele belangrijke aspecten van het Ichthus-teken:

1. Oorsprong en betekenis
Griekse oorsprong: Het woord "ichthus" (ἰχθύς) is het Griekse woord voor "vis". In het vroege christendom werd het gebruikt als een acroniem voor "Iēsous Christos, Theou Yios, Sōtēr" (Ἰησοῦς Χριστός, Θεοῦ Υἱός, Σωτήρ), wat vertaald betekent: "Jezus Christus, Zoon van God, Verlosser".

Symbool van erkenning: Het Ichthus-teken werd gebruikt door vroege christenen om hun geloof discreet te identificeren, vooral tijdens tijden van vervolging. Het symbool kon snel en eenvoudig getekend worden in de aarde of op muren.

2. Gebruik in het vroege christendom
Geheime code: Tijdens de vervolgingen door de Romeinse autoriteiten was het Ichthus-teken een geheime manier voor christenen om elkaar te herkennen. Een christen kon een boog van de vis tekenen en als de ander het symbool voltooide, wisten ze dat ze beide christenen waren.

Symboliek van de vis: De vis had verschillende symbolische betekenissen in de antieke wereld, en voor christenen verwees het ook naar de verhalen in het Nieuwe Testament, zoals de roeping van de vissers tot apostelen en het wonder van de brood- en visvermenigvuldiging.

3. Bijbelse associaties
Vissers van mensen: In het Evangelie volgens Matteüs (Matteüs 4:19) zegt Jezus tegen Simon Petrus en Andreas: "Kom, volg mij, en Ik zal u vissers van mensen maken." Dit benadrukt de missie van de discipelen om het evangelie te verspreiden.

Voedingswonderen: Het wonder van de vermenigvuldiging van de broden en de vissen (bijvoorbeeld in Matteüs 14:13-21) benadrukt de voorzienigheid van God en de overvloed die Jezus biedt.

Christenvervolging


Maar christen zijn in het Romeinse Rijk is levensgevaarlijk! 
Net als het Jodendom geloven de christenen maar in één god, 
en dat is niet de Romeinse keizer!

De Romeinse keizers laten daarom de christenen vervolgen en doden...
 Hij gaf hen de schuld van de grote brand van Rome (die hij vermoedelijk zelf had laten stichten) en liet hen op de meest gruwelijke manieren aan hun eind komen.

Keizer Nero 
Hij  was één van de felste tegenstanders van de christenen.

Slide 18 - Slide

Keizer Nero staat bekend om zijn wrede vervolging van christenen, voornamelijk in verband met de Grote Brand van Rome in 64 na Christus. Hier is een beknopte uitleg over de rol van keizer Nero bij de vervolging van christenen:

1. De Grote Brand van Rome (64 na Christus)
In juli van het jaar 64 na Christus brak er een enorme brand uit in Rome, die een groot deel van de stad verwoestte. De oorzaak van de brand is niet zeker, maar er zijn geruchten dat Nero zelf verantwoordelijk was of dat hij op zijn minst profiteerde van de brand.

2. Beschuldiging van de Christenen
Om de schuld van zichzelf af te leiden en om de publieke opinie te beïnvloeden, begon Nero de christenen de schuld te geven van de brand. Dit kwam voort uit de afkeer van de Romeinse autoriteiten voor de christenen vanwege hun afwijzing van traditionele Romeinse goden en hun weigering om de keizer als god te vereren.

3. Vervolging van Christenen
Als reactie op de beschuldigingen begon Nero christenen op grote schaal te vervolgen. Ze werden gearresteerd, gemarteld en geëxecuteerd op gruwelijke manieren.
Sommigen werden gekruisigd, anderen werden levend verbrand als menselijke fakkels om de straten te verlichten, en nog anderen werden aan wilde dieren gevoerd in de arena als publiek vermaak.

4. Politieke Motieven
De vervolging van christenen onder Nero had niet alleen religieuze motieven, maar ook politieke. Het diende als een manier voor Nero om de aandacht af te leiden van zijn eigen falen in de crisis na de brand, en om zijn machtspositie te versterken door een zondebok te creëren.

5. Historische Bronnen
Hoewel de meeste informatie over de vervolgingen onder Nero afkomstig is uit latere bronnen, zoals de geschriften van de historicus Tacitus en de christelijke traditie, zijn er aanwijzingen dat christenen inderdaad werden vervolgd tijdens zijn bewind.

Al met al staat Nero's naam in de geschiedenis bekend om zijn wreedheid en tyrannie, en zijn vervolging van christenen is een van de vele voorbeelden van zijn brute heerschappij.

Hoe komt het dat vooral arme mensen christen werden?
A
De christenen zorgden ervoor dat arme mensen omgekocht werden. Als zij christen zouden worden, kregen ze een groot geldbedrag.
B
Rijke mensen hadden een betere opleiding gehad. Daarom geloofden ze de dingen die de christenen vertelden, niet zo makkelijk
C
Christenen hielpen elkaar. Als er één ziek werd of in de problemen kwam, hielpen de anderen hem
D
Christenen geloven dat je in de hemel komt als je in Jezus gelooft. Arme mensen hadden een zwaar leven. Zij vonden het fijn dat er na de dood een prettiger leven zou komen

Slide 19 - Quiz

This item has no instructions

‘In 64 was er een grote brand: de helft van Rome 
brandde af.  Al gauw werd verteld dat keizer Nero 
de brand had laten aansteken, omdat hij ruimte nodig 
had voor een nieuw paleis. Daarom gaf Nero de 
christenen de schuld. Hij liet hen zwaar straffen.
Zo kregen zij beesten vellen aangetrokken om door 
wilde honden verscheurd te worden, of ze werden 
gekruisigd, of ze werden door vuur gedood: aan het 
eind van de dag werden ze aangestoken om te dienen 
als straatverlichting.’
Rond het jaar 100 schreef de Romeinse historicus Tacitus:

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

S
C
N
H
T
N
E
timer
0:30
R
I
Taartpunt-puzzel
Plaats de ontbrekende letter in de ‘taart’, waarna linksom of rechtsom een woord ontstaat.
Zij werden vervolgd.
C
D
E
F
G
H
I
J
K
L
M
N
O
P
Q
R
S
T
U
V
W
X
Y
Z
A
B

Slide 21 - Drag question

Antwoord: Christenen

Constantijn de Grote
Constantijn de Grote ziet een christelijk teken in de lucht.
Constantijn de Grote (regeerde van 306 tot 337 na Christus.) 
maakte een einde aan deze vervolgingen.
Christenen zijn ruim 3 eeuwen vervolgd in het Romeinse Rijk. 
Door Constantijn de Grote komt daar een einde aan: kort voor een veldslag zou hij in een visioen een teken hebben gezien met daarbij geschreven de woorden dat de god van de christenen hem de zege belooft. 
Hij won de veldslag en werd christen...

Slide 22 - Slide

Constantijn de Grote, ook bekend als Flavius Valerius Constantinus, was een keizer van het Romeinse Rijk die regeerde van 306 tot 337 na Christus. Hij is vooral bekend vanwege zijn rol in de geschiedenis van het christendom en zijn politieke en religieuze hervormingen. Hier is een beknopte uitleg over Constantijn de Grote:

1. Opkomst tot de macht
Constantijn werd geboren op 27 februari ca. 272 na Christus in Naissus, in het huidige Servië. Hij was de zoon van Constantius Chlorus, een Romeinse generaal, en Helena, die volgens sommige bronnen van lage afkomst was.
Na de dood van zijn vader in 306 na Christus, nam Constantijn de macht over in het westen van het Romeinse Rijk.

2. Religieuze tolerantie
Constantijn staat vooral bekend om zijn Edict van Milaan in 313 na Christus, dat religieuze tolerantie garandeerde voor het christendom binnen het Romeinse Rijk. Dit maakte een einde aan de vervolgingen van christenen en gaf hen de vrijheid om hun geloof openlijk te belijden.

Hoewel sommige historici geloven dat Constantijn zich pas later in zijn leven tot het christendom bekeerde, wordt hij vaak geassocieerd met het christendom vanwege zijn rol in het legaliseren en begunstigen ervan.

3. Politieke hervormingen
Constantijn voerde tal van politieke en administratieve hervormingen door tijdens zijn bewind, waaronder herstructureringen van het leger en het bestuur van het rijk.
Hij verplaatste de hoofdstad van het Romeinse Rijk van Rome naar Byzantium, dat hij omdoopte tot Constantinopel (het huidige Istanboel), waarmee hij het fundament legde voor het Byzantijnse Rijk.

4. Bouwprojecten en culturele bijdragen.
Constantijn was een fervent bouwer en financierde tal van grote bouwprojecten, waaronder de bouw van de Hagia Sophia en de bouw van de Sint-Pietersbasiliek in Rome.
Hij had ook grote invloed op de vormgeving van de christelijke kerk en speelde een rol bij de organisatie van de Eerste Concilie van Nicea in 325 na Christus, waar de geloofsbelijdenis van Nicea werd opgesteld.

5. Nalatenschap
Constantijn wordt vaak beschouwd als een van de belangrijkste figuren in de geschiedenis van het christendom vanwege zijn rol in het beëindigen van de vervolgingen en het bevorderen van het christendom binnen het Romeinse Rijk.
Zijn politieke en religieuze hervormingen hadden een blijvende invloed op de loop van de geschiedenis en legden de basis voor de latere ontwikkeling van het Byzantijnse Rijk en de verspreiding van het christendom in Europa.
Constantijn de Grote wordt vaak herinnerd als een van de meest invloedrijke keizers van het Romeinse Rijk, vanwege zijn politieke, religieuze en culturele erfenis.









  • .




Een standbeeld van Constantijn de Grote, of eigenlijk Flavius Valerius Aurelius Constantinus. De naam 'de Grote' heeft niets te maken met zijn lengte of het feit dat hij een goede keizer was. Het is een titel die de christelijke kerk aan hem heeft gegeven voor zijn bijdrage aan het christendom.
Vermoedelijk was de werkelijkheid iets anders: er braken steeds meer rellen uit tussen christenen en Romeinen. 
Constantijn bedacht de oplossing: godsdienstvrijheid voor de christenen. 
Hij werd zelf pas christen vlak vóór zijn dood.

Slide 23 - Slide

Er zijn verschillende redenen waarom sommige historici suggereren dat Constantijn de Grote mogelijk pas vlak voor zijn dood tot het christendom is bekeerd. Hier zijn enkele van die redenen:

1. Geen duidelijke bekering tijdens zijn hele leven:
Er zijn geen historische verslagen of documenten die een duidelijke bekering van Constantijn tot het christendom tijdens zijn hele leven bevestigen. Er zijn geen verifieerbare bronnen die zijn persoonlijke geloofsovertuigingen gedurende zijn bewind nauwkeurig beschrijven.

2. Religieuze tolerantie en politieke motieven:
Sommige historici suggereren dat Constantijns religieuze tolerantie en steun voor het christendom voornamelijk ingegeven waren door politieke en strategische motieven in plaats van persoonlijk geloof. Het legaliseren van het christendom en het beëindigen van de vervolgingen hielpen bij het versterken van zijn heerschappij en stabiliteit in het rijk.

3. Laattijdige doop:
Er zijn verslagen die suggereren dat Constantijn pas vlak voor zijn dood werd gedoopt. Het is bijvoorbeeld opgemerkt door sommige bronnen dat Constantijn pas op zijn sterfbed, toen hij ernstig ziek was, werd gedoopt door de Ariaanse bisschop Eusebius van Nicomedia.

4. Gebrek aan christelijke praktijken:
Ondanks zijn steun voor het christendom, was Constantijn niet consistent in het belijden van het geloof of het deelnemen aan christelijke praktijken. Hij bleef bijvoorbeeld tot zijn dood in 337 na Christus de titel van Pontifex Maximus, de hoogste priester in het heidense Romeinse pantheon, dragen.

Staatsgodsdienst
Staatsgodsdienst
In 380 gebeurt er iets bijzonders: keizer Theodosius verplicht iedereen om christen te worden. 
Het christendom wordt staatsgodsdienst en alle andere godsdiensten worden verboden. 
Iedereen die niet christen is wordt vervolgd en hij verbiedt de Olympische Spelen, omdat ze niet christelijk zijn.

Slide 24 - Slide

Keizer Theodosius I, ook wel bekend als Theodosius de Grote, was een belangrijke keizer van het Romeinse Rijk die regeerde van 379 tot 395 na Christus. Hij staat vooral bekend om zijn rol in het christelijk maken van het Romeinse Rijk en het beëindigen van het heidendom als de officiële religie van het rijk. Hier zijn enkele belangrijke punten over Theodosius' relatie met het christendom:

1. Bekering tot het christendom:
Theodosius werd geboren in een christelijke familie en was zelf een toegewijde christen. Hij werd vermoedelijk gedoopt in 380 na Christus door bisschop Ascholius van Thessaloniki, kort nadat hij de troon besteeg.

2. Edict van Thessaloniki (380 na Christus):
In hetzelfde jaar dat Theodosius de troon besteeg, vaardigde hij het Edict van Thessaloniki uit, waarin hij het christendom tot de staatsgodsdienst van het Romeinse Rijk verklaarde en het heidendom verbood. Dit was een keerpunt in de geschiedenis van het Romeinse Rijk, omdat het christendom nu officieel werd erkend en beschermd door de staat.

3. Verbod op heidense praktijken:
Als onderdeel van zijn streven naar een volledige bekering tot het christendom, vaardigde Theodosius wetten uit die heidense praktijken verbood, zoals het beoefenen van heidense religieuze rituelen en het bijwonen van heidense tempels. Deze wetten waren bedoeld om de dominantie van het christendom in het rijk te versterken.

4. Onderdrukking van het heidendom:
Theodosius voerde een actief beleid van onderdrukking van het heidendom, waarbij heidense tempels werden gesloten, heidense priesters werden vervolgd en heidense rituelen werden verboden. Hij streefde ernaar om het christendom te verheffen tot de enige religie van het rijk.

5. Rol in de Concilies:
Theodosius speelde ook een belangrijke rol in de organisatie van de oecumenische concilies, zoals het Eerste Concilie van Constantinopel in 381 na Christus, waar belangrijke theologische kwesties werden besproken en de geloofsbelijdenis van Nicea-Constantinopel werd opgesteld.

6. Nalatenschap:
Theodosius wordt vaak herinnerd als een van de meest invloedrijke keizers in de geschiedenis van het christendom vanwege zijn rol in het bevorderen van het christendom en het beëindigen van het heidendom in het Romeinse Rijk.
 Zijn beleid legde de basis voor de verdere verspreiding en dominantie van het christendom in Europa.

Al met al wordt Theodosius I beschouwd als een van de belangrijkste keizers in de geschiedenis van het christendom vanwege zijn beslissende rol in het bevorderen van het christendom als de officiële religie van het Romeinse Rijk.

Welke gebeurtenis is het langst geleden?
A
Het christendom is staatsgodsdienst
B
Het is verboden om christen te zijn. Iedereen die christen is, kan zwaar gestraft worden
C
De Romeinse keizer Constantijn wordt christen. Het christendom is niet meer verboden
D
Ondanks het gevaar worden steeds meer mensen christen

Slide 25 - Quiz

This item has no instructions



Welke gebeurtenis is het minst lang geleden?
A
Het christendom is staatsgodsdienst
B
Het is verboden om christen te zijn. Iedereen die christen is, kan zwaar gestraft worden
C
De Romeinse keizer Constantijn wordt christen. Het christendom is niet meer verboden
D
Ondanks het gevaar worden steeds meer mensen christen

Slide 26 - Quiz

This item has no instructions

Slide 27 - Video

Bron: westernconservatory.com/products/spread-gospel-map

Wat heb je deze les geleerd? 
Schrijf zoveel mogelijk op in 
60 seconden.
Wat heb je deze les geleerd? 
Schrijf zoveel mogelijk op in 60 seconden.
timer
1:00

Slide 28 - Open question

This item has no instructions