Spelling - les 5.7 + 4.9 + 5.8

BB2B
1 / 22
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

BB2B

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

Spelling 
     
5.7  +
4.9  +
5.8

Slide 3 - Slide

DOEL

VOLTOOID DEELWOORD

- je kunt voltooide deelwoorden correct spellen



Slide 4 - Slide

VOLTOOID DEELWOORD

VB: Het vliegtuig is op Schiphol geland. 

pv= is

vd= geland


VB: Robin heeft geen straf gekregen.

pv=heeft

vd=gekregen

Slide 5 - Slide

Wat is het voltooid deelwoord in de volgende zin:
Karin is naar Zaandam verhuisd.

Slide 6 - Open question

Wat is het voltooid deelwoord in de volgende zin:
Mijn vriendin heeft haar kamer alweer veranderd.

Slide 7 - Open question

Wat is het voltooid deelwoord in de volgende zin:
Waarom heb jij hem geloofd?

Slide 8 - Open question

voltooid deelwoord kort samengevat

Een voltooid deelwoord begint vaak met be-, ge-, ver- of ont-.


Een voltooid deelwoord eindigt op:

  • -d
  • -t
  • -en

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

Vul in:
snoepen
tt = _____, vt = _____, vd = _____

Slide 11 - Open question

Vul in:
stapelen
tt = _____, vt = _____, vd = _____

Slide 12 - Open question

Vul in:
rennen
tt = _____, vt = _____, vd = _____

Slide 13 - Open question

B. Bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord


                                                        de gewassen kleding

Slide 16 - Slide

Deze uitleg moet je niet hebben gemist!
vdw = gemist

bijv. gebr. vdw = gemist +e    en??
                                  (de gemiste uitleg)
         

Slide 17 - Slide

Anders heb je het echt niet geoefend!
vdw = geoefend

bijv. gebr. vdw = geoefend +e     en??
                                  (de geoefende opdracht)
         

Slide 18 - Slide

Ik heb de foto vergroot.
vdw = vergroot

bijv. gebr. vdw = vergroot + e      en??
                                  (de vergrote foto)
         

Slide 19 - Slide

Ze heeft haar afspraak verzet.
vdw = verzet

bijv. gebr. vdw = verzet +e   en??
                                  (de verzette afspraak)
         

Slide 20 - Slide

Maken: Spelling - les 5.7 + 4.9 + 5.8
timer
10:00
Klaar?

  • verwerking leesboek

Slide 21 - Slide

Afsluiting
  • Doelen herhalen
  • Huiswerk: les 5.7 + 4.9 + 5.8 afmaken
  • Volgende les:  herhalen op werkblad

Slide 22 - Slide