De wetenschappelijke methode
De wetenschappelijke methode
Hoe kun je zeker weten dat het lichtje van de koelkast uitgaat als de deur sluit?
Wetenschapsfilosofie
Wanneer mag een theorie wetenschappelijk worden genoemd?
Wetenschapsfilosofie
= kritisch reflecteren over wetenschap en wetenschappelijk onderzoek.
2 soorten:
De algemene wetenschapsfilosofie
De speciale wetenschapsfilosofie
De algemene wetenschapsfilosofie
De wetenschapsfilosofie is ‘algemeen’, omdat ze de onderwerpen en vragen uit de verschillende wetenschappelijke disciplines overstijgt. Ze reflecteert kritisch over …
x wat wetenschappers doen: experimenten en steekproeven uitvoeren, cijfers statistisch verwerken, wetten formuleren …
x wat al dan niet mag of moet tijdens wetenschappelijk onderzoek: proefdieren gebruiken, militaire doeleinden dienen, ongeacht welk onderwerp bestuderen …
x de gelijkenissen en verschillen tussen wetenschappelijke en nietwetenschappelijke kennis. Niet-wetenschappelijke kennis verwijst onder meer naar religie, ethiek en alledaagse feitenkennis.
De speciale wetenschapsfilosofie
Binnen de speciale wetenschapsfilosofie staan de concepten en methodieken centraal die eigen zijn aan specifieke wetenschappelijke disciplines, zoals biologie, fysica, geschiedenis …
De wetenschappelijke methode
= belangrijkste gereedschap om tot betrouwbare kennis te komen.
Soorten:
Inductie
Deductie
Inductie
Inductiespel van Natascha Kienstra
Inductie =
waarnemingen,
vermoedelijke samenhang bepalen (= wetmatigheid, hypothese), kijken of het klopt bij nieuwe waarnemingen (observaties/experimenten),
de hypothese eventueel bijstellen,
‘zekerheid’.
=> Zo kun je tot een beschrijving van natuurwetten komen.
Van uitzonderingen een algemene regel maken.
Deductie
Omgekeerde methode.
Redenering : algemeen naar het bijzondere. Specifieke gevallen (uitzonderingen) worden afgeleid van een algemene hypothese of uitspraak.
Deductie is heel belangrijk bij wiskunde en logica.
Opdracht 5&6
Inductief en deductief redeneren
Dit wordt vaak gebruikt bij sollicitatiegesprekken en bij intelligentietesten.
Dit geeft een breder beeld van de competenties en vaardigheden van de persoon.
Opdracht 7
Inductie of deductie?
Inductie of deductie?
Inductie of deductie?