K7 A Sehen B Wortschatz

Kapitel 7 - Wohnen
Zit volgens de plattegrond.
Leg je spullen op de tafel: boek, pen, laptop, oplader
1 / 30
next
Slide 1: Slide
DuitsMiddelbare schoolvmbo, mavo, havo, vwoLeerjaar 1,2

This lesson contains 30 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Items in this lesson

Kapitel 7 - Wohnen
Zit volgens de plattegrond.
Leg je spullen op de tafel: boek, pen, laptop, oplader

Slide 1 - Slide

Wohnen


Lernziel:
Je leert woorden om jullie huis / je kamer te beschrijven.

Slide 2 - Slide

Schrijf Duitse woorden die
met het thema wonen
hebben te maken!

Slide 3 - Mind map

Stappenplan
1. We gaan een Duits filmpje kijken over de indeling van een huis.
2. Daarna gaan we kijken of je een paar woordjes hebt onthouden.
3. We gaan de woordjes verder oefenen in LessonUp en in het boek.
4. Evaluatie

Slide 4 - Slide

Bekijk de video van de volgende slide!

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Video

de muur = ...
A
die Küche
B
das Fenster
C
die Wand
D
die Wohnung

Slide 7 - Quiz

die Küche

Slide 8 - Open question

der Stuhl

Slide 9 - Open question

het bureau =
A
der Tisch
B
der Fernseher
C
der Schreibtisch
D
die Tür

Slide 10 - Quiz

de kamer = ...

Slide 11 - Open question

der Garten

Slide 12 - Open question

der Schrank
A
de slang
B
de sla
C
de kast
D
de kaars

Slide 13 - Quiz

de badkamer = ...

Slide 14 - Open question

die Tür

Slide 15 - Open question

der Tisch
A
de tafel
B
de stoel
C
de tuin
D
de tv

Slide 16 - Quiz

der Garten

Slide 17 - Open question

boven=
A
oben
B
unten
C
neben
D
hinter

Slide 18 - Quiz

Wat is "het bed" in het Duits?

Slide 19 - Open question

Wohnen in der Mühle
Sommige mensen wonen in een molen. 
Hoe kan dat zijn?
Laten we er een filmpje over kijken.

--> Boek blz. 32, opdracht 1 b.

Slide 20 - Slide

Oefen de woorden uit A Sehen. Ga naar LessonUp.

Slide 21 - Slide

moeilijk
nu
de wc
tot
praten
bijna
als
das Klo
fast
toen
schwierig
bis
jetzt
reden

Slide 22 - Drag question

Herken je de namen van de volgende kleuren in het Duits?

Slide 23 - Slide

weiß
grün
lila/violett
gelb
grau
orange
schwarz
braun
blau
rosa
beige
rot

Slide 24 - Drag question

Huiswerk
Leer de woordjes (blz. 62 A Sehen, B Wortschatz) 
blz. 33 oef. 2
blz. 35 oef. 5
blz. 36 oef. 6, 7, 8
                         + kies een van de volgende opdrachten:
blz. 37 oef. 9 (meer uitdagend) of blz. 37 oef. 10 (iets makkelijker)

Slide 25 - Slide

Hoe vond je het gaan?
A
heel goed
B
goed
C
moeilijk
D
redelijk

Slide 26 - Quiz

Wat heb jij geleerd?

Slide 27 - Open question

Hoe heb jij geleerd?

Slide 28 - Open question

Wat ga jij doen om je kennis over het thema "wohnen" te verhogen?

Slide 29 - Open question

Het werkwoord "wohnen" vervoegen.
Sleep de desbetreffende uitgang naar de juiste plek
:
ich          wohn

du           wohn

er/sie/es wohn

wir          wohn

ihr           wohn

sie/Sie    wohn
e
st
t
en
en
t

Slide 30 - Drag question