Gastles Financiële Geletterdheid voor Jongeren EducatePRO


Leerdoel

1 / 20
next
Slide 1: Slide
New lesson editorBedrijfseconomieHBOStudiejaar 3

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson


Leerdoel


A

Een manier om je inkomen te verbergen

B

Een overzicht van je inkomsten en uitgaven

C

Een soort investering

D

Een spaarrekening


A

Ja, ik spaar elke maand een beetje!

B

Soms, als ik nog wat over heb aan het einde van de maand.

C

Nee, maar ik wil wel beginnen!

D

Sparen? Ik geef alles meteen uit!


A

Spaar alleen als je veel geld hebt.

B

Begin met een klein bedrag en verhoog het geleidelijk.

C

Spaar nooit, je moet nu genieten!

D

Spaar al je geld en geef niets uit!


A

Een budget maken – Hoeveel je elke maand kunt uitgeven.

B

Sparen – Geld opzijzetten voor later.

C

Investeren – Geld laten groeien door te investeren.

D

Omgaan met schulden – Leren hoe je met leningen en schulden omgaat.


A

Het geld uitgeven aan iets anders en later opnieuw sparen.

B

Vragen aan vrienden of ze de telefoon voor hem willen kopen.

C

Een extra bijbaantje zoeken om het resterende bedrag te verdienen.

D

Wachten tot de telefoon in de aanbieding is en dan pas kopen.


A

Huur betalen en niets overhouden voor andere uitgaven.

B

Een budget maken om te zien waar ze kan besparen.

C

Onmiddellijk een lening aanvragen om haar uitgaven te dekken.

D

Haar ouders vragen om haar financieel te ondersteunen.


A

Zichzelf helemaal niets meer toestaan.

B

Een budget instellen voor uitgaan en zich daaraan houden.

C

Minder vaak met vrienden uitgaan om geld te besparen.

D

Alleen maar uitgeven aan dure activiteiten om indruk te maken op zijn vrienden.


A

Zijn spaargeld gebruiken, zelfs als hij dat voor iets anders had willen sparen.

B

Wachten en sparen tot hij genoeg geld heeft voor de game.

C

Vragen of zijn ouders de game willen kopen.

D

De game kopen op credit en de kosten negeren.