Les eenmalig katheteriseren man en vrouw en bladder

Niet kunnen plassen: wat doe je?

1 / 37
next
Slide 1: Slide
New lesson editorSkillsMBOStudiejaar 2

This lesson contains 37 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min
Report this lesson

Items in this lesson

Niet kunnen plassen: wat doe je?

Tijd: 3 minuten.


Start vanuit de praktijk: "Een zorgvrager heeft al langere tijd niet geplast en voelt druk in de onderbuik." Laat studenten kort reageren op wat zij eerst willen weten, wat zij zouden observeren en welke ervaring zij hebben met katheteriseren of bladderen.


Leerdoel van de les: studenten maken kennis met eenmalig katheteriseren bij man en vrouw en met bladderen met een bladderscan. Aan het eind kunnen zij verschillen uitleggen, voorbereiding en nazorg benoemen, relevante observaties rapporteren en aangeven wanneer zij moeten stoppen en hulp vragen.


Houd het laagdrempelig: deze les is een introductie met demonstratie en een eerste oefenronde. Studenten oefenen niet zelfstandig op echte zorgvragers, alleen op oefenmodellen.

Na deze les kan ik...

Ik kan uitleggen wanneer je een bladderscan of een vorm van katheteriseren gebruikt, wat urineretentie en blaasresidu betekenen, wat de belangrijkste verschillen zijn tussen man en vrouw, en wat je veilig voorbereidt, observeert, rapporteert en wanneer je hulp vraagt.

Tijd: kort meenemen binnen de opening. Lees het leerdoel rustig voor. Benadruk dat oefenen vandaag onder begeleiding gebeurt en volgens het actuele school- of instellingsprotocol.

Welke woorden komen in je op bij niet kunnen plassen?

Gebruik deze woordwolk als rustige start na de leerdoelen. Verwachte thema’s: pijn, druk, blaas, katheter, scan, schaamte, hulp vragen, privacy, urine. Haak terug naar de openingscasus en benoem dat de les gaat over veilig kiezen, observeren en handelen.

Urinewegstelsel en urineweg

  • Nieren maken urine

  • Via urineleiders naar de blaas

  • Urine gaat via de urinebuis naar buiten

  • De blaas slaat urine tijdelijk op

Tijd: deel van 4 minuten voor dia 2.


Gebruik een duidelijke anatomische afbeelding met Nederlandse benamingen: nieren, urineleiders, blaas, urinebuis. Leg eenvoudig de route van urine uit. Houd het functioneel en kort.

Belangrijke begrippen

  • Urineretentie: niet of niet goed kunnen uitplassen

  • Blaasresidu: urine die na het plassen in de blaas achterblijft

  • Klachten kunnen zijn: druk, pijn, onrust of vaak kleine beetjes plassen

Leg vaktermen direct uit. Benoem dat klachten alleen niet genoeg zijn voor een conclusie; observaties en beleid tellen ook mee.

Verschil tussen man en vrouw

  • Man: langere urinebuis

  • Vrouw: kortere urinebuis

  • Dit verschil is belangrijk bij katheteriseren

  • De plasbuisopening bij de vrouw ligt dicht bij de vaginaopening

Maak zichtbaar dat de anatomie anders is en dat dit gevolgen heeft voor zicht, techniek en aandachtspunten. Noem geen vaste inbrengdiepten. Verwijs voor technische uitvoering altijd naar het actuele protocol.

Welke handeling, met welk doel?

  • Bladderscan: van buitenaf schatten hoeveel urine in de blaas zit

  • Eenmalig katheteriseren: blaas legen, daarna katheter verwijderen

  • Intermitterend katheteriseren: op afgesproken momenten herhaaldelijk legen

  • Verblijfskatheter: blijft zitten en heeft een ballon

Tijd: 4 minuten.


Zet de vier begrippen overzichtelijk naast elkaar in je uitleg. Leg uit dat de keuze afhangt van doel, klachten, opdracht en beleid.

Belangrijke verschillen

Een eenmalige katheter heeft geen ballonvulling nodig. Een bladderscan kan helpen om onnodig katheteriseren te voorkomen. De meetwaarde beoordeel je altijd samen met klachten, observaties en het afgesproken beleid.

Benadruk dat een meetwaarde op zichzelf niet genoeg is voor een besluit. Geef geen universele grenswaarden. Volg altijd het individuele beleid en het lokale protocol.

Wat betekent blaasresidu?

A

Urine wat na plassen in blaas achter blijft

B

Pijn bij plassen

C

Urine in nieren

D

Volle urinezak

Correct is: urine die na het plassen in de blaas achterblijft. De afleiders testen verwarring met klachten of andere delen van het urinewegstelsel.

Begrippen en keuzes

Bij een bladderscan schat je van buitenaf hoeveel urine in de blaas zit. Een eenmalige katheter gebruik je om de blaas te legen en daarna weer te verwijderen. Een verblijfskatheter heeft een ballon.

bladderscan
eenmalige katheter
ballon
urinebuis
residu
nier
coating

Laat studenten de drie kernverschillen koppelen aan doel en materiaal. Let erop dat een eenmalige katheter geen ballonvulling nodig heeft.

Voorbereiding en veiligheid

  • Controleer opdracht, indicatie en eigen bekwaamheid

  • Kijk in dossier, controleer identiteit en allergieën

  • Leg uit wat je doet en vraag toestemming

  • Bespreek privacy, schaamte en comfort

Tijd: deel van 4 minuten voor dia 4.


Benadruk dat katheteriseren een voorbehouden handeling is. Studenten werken in de praktijk volgens geldende opdracht- en begeleidingsafspraken. Laat merken dat veilige zorg begint vóór de handeling.

Aseptisch en zorgvuldig werken

  • Controleer materialen en de juiste katheter

  • Pas handhygiëne toe

  • Werk aseptisch

  • Houd het in te brengen deel van de katheter steriel

  • Onderscheid schoon en steriel werkveld

Technische details vooraf controleren: materiaalkeuze, soort katheter, verpakking, houdbaarheid, fabrikantaanwijzingen, benodigd glijmiddel of coating, en lokale afspraken. Verzin geen stappen, hoeveelheden of inwerktijden. Verwijs steeds naar protocol en fabrikant.

Demonstratie: man -> filmpje Thieme Meulenhoff

H 7.1 Orientatie

  • Let op privacy en comfort

  • Let op schoon en steriel werken

  • Kijk hoe reactie en urineafloop worden geobserveerd

  • Let op wat de docent doet bij weerstand of pijn

Tijd: 7 minuten.


Dit is een demonstratiedia, geen volledige stappenlijst. De docent demonstreert op een oefenmodel en denkt hardop volgens het actuele protocol.


Laat studenten gericht observeren:

  • Hoe worden privacy en comfort bewaakt?

  • Hoe blijft de katheter vrij van besmetting?

  • Wat is de functie van het voorgeschreven glijmiddel of de coating?

  • Hoe worden reactie en urineafloop geobserveerd?

  • Waarom moet de voorhuid, indien aanwezig, na afloop weer over de eikel?


Benadruk: nooit doorduwen bij weerstand. Bij pijn, bloedverlies of problemen met inbrengen: handeling onderbreken en passende hulp inschakelen volgens protocol.


Controlepunten vooraf voor docent: materiaalkeuze, houding, inbrengtechniek, glijmiddelgebruik, protocol van school of instelling, fabrikantaanwijzingen.

Specifiek aandachtspunt bij de man

  • Langere urinebuis

  • Voorzichtig werken zonder doorduwen

  • Reageer op pijn, weerstand of bloedverlies

  • Voorhuid na afloop weer terugplaatsen, indien aanwezig

Koppel deze punten direct aan wat studenten in de demonstratie zagen. Geef geen vaste inbrengdiepte. Veiligheid en observatie zijn hier het hoofdpunt.

Demonstratie: vrouw -> filmpje Thieme Meulenhoff

H 7.2 Orientatie

  • Zorg voor een comfortabele houding

  • Zorg voor goed zicht op de plasbuisopening

  • Let op verschil tussen plasbuisopening en vaginaopening

  • Observeer urineafloop en reactie

Tijd: 7 minuten.


Demonstreer op een vrouwelijk oefenmodel volgens het actuele protocol. Benadruk: reinigen van voor naar achter volgens protocol, schaamlippen gespreid houden, besmetting voorkomen, katheter voorzichtig inbrengen en urineafloop observeren.


Bij onbedoeld inbrengen in de vagina: die katheter niet opnieuw inbrengen in de plasbuis; volg het protocol en gebruik een nieuwe steriele katheter.


Controlepunten vooraf voor docent: materiaalkeuze, houding, zicht op de plasbuisopening, inbrengtechniek, glijmiddel of coating volgens fabrikant en protocol.

Man en vrouw vergeleken

  • Langere urinebuis

  • Extra aandacht voor weerstand

  • Voorhuid terugplaatsen indien aanwezig

  • Kortere urinebuis

  • Goed zicht op opening belangrijk

  • Kans op verwarring met vaginaopening

Man

Vrouw

Gebruik dit als korte vergelijkingstabel. Herhaal niet de volledige gezamenlijke voorbereiding. Laat het verschil in anatomie, katheterlengte en specifieke aandachtspunten benoemen zonder in protocolstappen te vervallen.

Wat doe je bij weerstand of pijn tijdens katheteriseren?

A

Rustig doorduwen

B

Dieper inbrengen

C

Onderbreken en hulp

D

Eerst laten hoesten

Correct: de handeling onderbreken en passende hulp inschakelen volgens protocol. Distractors zijn veelvoorkomende onveilige impulsen die je juist wilt afleren.

Noem 1 aandachtspunt bij de man en 1 bij de vrouw.

Bespreek de vergelijking kort klassikaal. Verwachte elementen: man = langere urinebuis, extra aandacht voor weerstand, voorhuid na afloop terugplaatsen indien aanwezig. Vrouw = kortere urinebuis, goed zicht op de plasbuisopening, verschil met vaginaopening herkennen, bij onbedoeld inbrengen in vagina nieuwe steriele katheter volgens protocol.

Bladderscan: wat is het?

  • Meet van buitenaf met geluidsgolven

  • Schat de hoeveelheid urine in de blaas

  • Na plassen kun je het residu meten

  • Het meetmoment moet je vastleggen

Tijd: deel van 6 minuten voor dia 7.


Leg eenvoudig uit dat de scanner echo gebruikt. Koppel de scan aan de vraag: hoeveel urine zit er nog in de blaas? Benadruk dat het tijdstip ten opzichte van plassen belangrijk is.

Bladderscan

  • Geef uitleg en vraag toestemming

  • Zorg voor privacy en goede houding

  • Gebruik gel en juiste instellingen

  • Plaats en richt de scanner volgens handleiding

  • Beoordeel of de meting betrouwbaar lijkt

Demonstreer volgens de handleiding van het beschikbare apparaat. Neem mee: uitleg, toestemming, privacy, houding, instellingen, gel aanbrengen, plaatsen/richten, meten, zo nodig opnieuw meten volgens handleiding, gel verwijderen en apparaat reinigen volgens voorschrift.

Wat kan de meting beïnvloeden?

  • Verkeerde positionering

  • Verkeerde instellingen

  • Meetmoment past niet bij de vraag

  • Bepaalde lichamelijke omstandigheden

  • Daarom: altijd samen beoordelen met klachten en observaties

Noem voorbeelden alleen algemeen en veilig. Geef geen universele grenswaarde waarbij altijd gekatheteriseerd moet worden. Volg het individuele beleid en het lokale protocol.

Waarom noteer je het meetmoment van een bladderscan?

A

Voor apparaatkeuze

B

Voor de residukleur

C

Voor juiste duiding

D

Voor minder gel

Correct: het meetmoment is nodig om de uitkomst goed te beoordelen, bijvoorbeeld in relatie tot net wel of niet geplast hebben.

Bladderscan goed beoordelen

Een bladderscan gebruikt geluidsgolven om de blaasinhoud te schatten. Na het plassen kun je het residu bepalen. De uitkomst beoordeel je altijd samen met klachten en observaties.

geluidsgolven
residu
observaties
ballon
nieren
voorhuid
coating

Controleer of studenten de kernwoorden uit de demonstratie herkennen en niet alleen de techniek onthouden.

Zelf oefenen: 6 stations

  • Station 1 +2 eenmalig katheteriseren man

  • Station 3 + 4: eenmalig katheteriseren vrouw



  • Indien bladderscan al aanwezig?
    Station 5 + 6: bladderscan

Tijd: 18 minuten.


Ga uit van vooraf klaargezette materialen en voldoende oefenmodellen. Oefenen gebeurt uitsluitend op oefenmodellen of in een geschikte simulatie.

Rollen tijdens het oefenen

Rollen

  • Uitvoerder

  • Observator

  • Zorgvrager / communicatiepartner

  • Wissel rollen als de tijd dat toelaat

  • Liever een onderdeel goed oefenen dan de handeling afraffelen

  • Bewaak asepsis

Aandacht

Benadruk dat niet iedere student vandaag alles volledig zal uitvoeren op alle stations. Veiligheid en zorgvuldig werken gaan voor snelheid.

Opdracht per station

  • Benodigdheden klaarzetten

  • Onderdeel uitvoeren volgens protocol

  • Veiligheidscheck doen

  • Observeren en feedback geven

  • Noem 1 compliment en 1 verbeterpunt

Studentinstructie: werk met de stappenkaart of het protocol van school/instelling. De observator let op zichtbare punten en geeft korte, concrete feedback.

Feedbackpunten

  • Geeft uitleg en vraagt toestemming

  • Bewaakt privacy en comfort

  • Werkt volgens hygiëneafspraken

  • Voorkomt besmetting van de katheter

  • Herkent problemen en vraagt op tijd hulp

  • Benoemt wat gerapporteerd moet worden

Gebruik deze punten als observatiehulp bij alle drie de stations. Laat studenten vooral letten op veilig gedrag en communicatie.

Oefenen op niveau

  • Leg uit waarom stappen nodig zijn

  • Reageer op een onverwachte situatie

Verdieping

Extra steun / basis

  • Stappenkaart en begeleiding

  • Uitvoeren met protocol en observator

Differentieer actief. Studenten met meer ervaring kunnen hun keuzes verwoorden; beginners mogen meer steun krijgen. Houd de oefening veilig en haalbaar.

Welk station vraagt van jou nu de meeste aandacht?

1

Man

2

Vrouw

3

Bladderscan

This item has no instructions

Welk feedbackpunt wil jij extra oefenen?

Gebruik dit als korte voorbereiding op de casus en afronding. Goede antwoorden noemen zichtbare feedbackpunten zoals uitleg geven, toestemming vragen, privacy en comfort bewaken, hygiëne, besmetting voorkomen, problemen herkennen, hulp vragen en rapporteren.

Korte toepassingscasus

Mevrouw Van Dalen heeft net geplast. Ze voelt nog druk in de onderbuik. Volgens afspraak doe je een bladderscan. De meetwaarde past niet goed bij haar klachten.

Tijd: 2 minuten.


Laat studenten kort meedenken: wat controleer je eerst, wat rapporteer je en mag je op basis van alleen deze meting zelf besluiten te katheteriseren? Houd tempo hoog; de uitwerking volgt op de volgende dia.

Casus: wat doe je dan?

  • Controleer meetmoment, uitvoering, positionering en instellingen

  • Kijk ook naar klachten en observaties

  • Rapporteer tijdstip, relatie tot plassen, meetwaarde en bijzonderheden

  • Besluit niet alleen op basis van 1 meting

  • Overleg en volg opdracht, beleid en protocol

Tijd: deel van 5 minuten voor dia 10.


Antwoorden:

  • Controleer of het meetmoment klopt en of de meting goed is uitgevoerd.

  • Beoordeel klachten en observaties mee.

  • Herhaal of overleg volgens protocol als de uitkomst niet logisch lijkt.

  • Rapporteer tijdstip, relatie tot het plassen, meetwaarde, klachten, bijzonderheden en vervolgafspraken.

  • Je mag niet op basis van alleen deze meting zelf besluiten te katheteriseren als daar geen opdracht, beleid of bevoegdheid voor is.

Nazorg na katheteriseren

  • Help comfort herstellen

  • Observeer hoeveelheid en uiterlijk van de urine

  • Rapporteer pijn, bloedverlies of problemen

  • Ruim materialen op

  • Pas handhygiëne toe

Verbind dit met de eerdere leerdoelen over observatie en rapportage. Benoem ook de reactie van de zorgvrager als relevante observatie.

Mag je op 1 bladderscanmeting zelf besluiten te katheteriseren?

A

Ja, altijd

B

Alleen bij pijn

C

Nee, niet alleen

D

Ja, na plassen

Correct: nee, niet op basis van alleen één meting. Volg opdracht, bevoegdheid, individueel beleid en protocol; betrek klachten en observaties.

Wat neem jij mee uit deze les?

Reflectievraag zonder fout antwoord. Laat studenten één concreet inzicht noemen, bijvoorbeeld over verschil man/vrouw, bladderscan, asepsis, stoppen bij weerstand of rapporteren.

Wat hielp jou vandaag het meest om dit te begrijpen?

Reflectievraag over leerproces. Mogelijke thema’s: demonstratie, vergelijking man/vrouw, oefenen in stations, casus, docent hardop laten denken, stappenkaart.

Begrippenlijst

Urineretentie - niet of onvoldoende kunnen uitplassen

Blaasresidu - urine die na het plassen in de blaas achterblijft

Bladderscan - apparaat dat van buitenaf de blaasinhoud schat

Eenmalig katheteriseren - katheter inbrengen om de blaas te legen en daarna verwijderen

Intermitterend katheteriseren - de blaas op afgesproken momenten herhaaldelijk legen

Verblijfskatheter - katheter die in de blaas blijft en een ballon heeft

Aseptisch werken - zo werken dat je besmetting voorkomt

Gebruik deze dia als korte samenvatting in de afronding of als naslag voor studenten.