What is LessonUp
Search
Channels
AI tools
Log in
Register
‹
Return to search
Zwakke werkwoorden met voltooid deelwoord
Zwakke ww met voltooid deelwoord
1 / 35
next
Slide 1:
Slide
Duits
Middelbare school
vmbo k
Leerjaar 3,4
This lesson contains
35 slides
, with
interactive quizzes
,
text slides
and
1 video
.
Lesson duration is:
50 min
Start lesson
Save
Share
Print lesson
Items in this lesson
Zwakke ww met voltooid deelwoord
Slide 1 - Slide
Zwakke werkwoorden
Slide 2 - Slide
IDEWIS
Wat is de volgorde van de persoonlijke voornaamwoorden?
Gebruik het woord "IDEWIS" als ezelsbruggetje.
I = ich (ik)
D = du (jij)
E = er/sie/es (hij/ zij/ het)
W = wir (wij)
I = ihr (jullie)
S = Sie/ sie (u / zij)
Slide 3 - Slide
Zwakke werkwoorden
...zijn regelmatig, er verandert niks in de stam in de verleden tijd
...worden volgens een vast schema vervoegd
.... er bestaat ook een handig ezelsbruggetje voor (volgend dia)
Slide 4 - Slide
Leerdoelen:
Na deze les...
ken je de regels voor het vervoegen van de zwakke werkwoorden
kun je met behulp van de regels een zwak ww in de juiste vorm zetten
kan je het voltooid deelwoord maken van een zwak ww
Slide 5 - Slide
Wat is een zwak werkwoord?
Wanneer je het werkwoord in de
verleden tijd
zet is er
geen klinkerverandering
Nederlandse zwakke werkwoorden zijn vrijwel altijd ook in het Duits zwak
Slide 6 - Slide
Ezelsbruggetje
Achter de stam van het werkwoord komen de uitgangen:
(FE)
E - ST - T - EN - T - EN
Slide 7 - Slide
Hoe krijg je de stam?
In het Duits krijg je de stam door
van het hele werkwoord
de
-en
of
-n
(als er geen 'e' voor staat)
weg te laten
Voorbeelden:
machen > mach; spielen > spiel; radeln > radel
Slide 8 - Slide
Voorbeeld:
machen
(doen, maken)
(ik)
(jij)
(hij/zij/het) (wij)
(jullie)
(zij/u)
ich
du
er/sie/es
wir
ihr
sie/Sie
mach
e
mach
st
mach
t
mach
en
mach
t
mach
en
Slide 9 - Slide
Uitzondering 1
Stam eindigt op
-d
of
-t
du, er/sie/es, ihr > krijgen een
extra 'e'
(dan is het ww makkelijker uit te spreken)
Slide 10 - Slide
Voorbeelden ww stam op -d/ -t
reden (= praten) >
arbeiten (= werken) >
du red
e
st
er red
e
t / sie red
e
t
ihr red
e
t
du arbeit
e
st er arbeit
e
t / sie atm
e
t
ihr arbeit
e
t
Slide 11 - Slide
Uitzondering 2
Als de stam op een 's'-klank eindigt (bijv. s, ss, ß, z):
dan komt er bij
du
alleen een
't'
achter de stam
(Anders zou je twee of drie keer een 's' hebben staan en dat is niet nodig; Duitsers willen bij "du" altijd wel de vaste uitgang "st" horen!
Slide 12 - Slide
Vertaal 'hij speelt'
spielen (= spelen)
A
er spielt
B
er spielst
C
du spielst
D
du spielt
Slide 13 - Quiz
Welke twee vervoegingsvormen zijn het hele werkwoord?
A
er/sie/es + wir
B
ich + wir
C
er/sie/es + ihr
D
wir + sie/Sie
Slide 14 - Quiz
Vertaal 'jullie kopen'
kaufen (= kopen)
A
ihr kauft
B
sie kauft
C
er kauft
D
du kauft
Slide 15 - Quiz
Vertaal 'hij rekent"
rekenen= rechnen
A
er rechnt
B
er rechnet
Slide 16 - Quiz
Vertaal 'jullie borstelen'
bürsten (= borstelen)
A
ihr bürst
B
ihr bürstet
C
ihr bürtet
D
ihr bürsten
Slide 17 - Quiz
Vertaal 'jij danst'
tanzen (= dansen)
A
du tanzest
B
du tanzst
C
du tanzt
Slide 18 - Quiz
Vertaal "jullie praten"
praten=reden
A
ich rede
B
er redet
C
sie reden
D
ihr redet
Slide 19 - Quiz
Slide 20 - Video
Herhaling "haben" en "sein"
Herhaal en oefen nu eerst de hulpwerkwoorden haben & sein
oefenen, die hebben we nodig om een zin in de v.t.t. te maken.
Slide 21 - Slide
Ich
du
er/sie/es
wir
ihr
sie/Sie
sein
haben
bin
bist
ist
sind
sind
seid
habe
hast
hat
habt
haben
haben
Slide 22 - Drag question
duits.net
Slide 23 - Link
Het voltooid deelwoord
In het Nederlands is dit bij de zwakke werkwoorden vaak ge-/be- ervoor en -t/-d erachter.
In het Duits is de basisregel
ge- + stam + -t
Bijv: machen > gemacht; spielen > gespielt.
Slide 24 - Slide
Uitzondering 1
Stam van het ww eindigt op -d of -t
het voltooid deelwoord krijgt een
extra 'e' tussen stam en -t
arbeiten - gearbeit
e
t
reden - gered
e
t
Zo is het volt. deelwoord makkelijker uit te spreken!
Bijv: machen > gemacht; spielen > gespielt.
Slide 25 - Slide
Uitzondering 2
Het hele ww einigt op de letters -ieren:
Het voltooid deelword maak je in dit geval met de regel
stam + t
kontrollieren - kontrolliert
studieren - studiert
Bijv: machen > gemacht; spielen > gespielt.
Slide 26 - Slide
kaufen - Ik heb gekocht
A
ich habe gekaufen
B
ich habe gekauft
C
ich habe gekauftet
D
ich habe gekaufd
Slide 27 - Quiz
chatten - Heb jij gechat?
A
Hast du gechatet ?
B
Hast du chattet ?
C
Hast du chatt ?
D
Hast du gechattet ?
Slide 28 - Quiz
tanzen - Heeft zij gedanst?
A
Hat sie getanzt?
B
Hat sie getanzet?
C
Hat sie tanzt
D
Hat sie tanz?
Slide 29 - Quiz
reagieren - Heeft hij gereageerd?
A
Hat er gereagiert ?
B
Hat er reagier ?
C
Hat er reagiert?
D
Hat er reagierd ?
Slide 30 - Quiz
hören - Hebben jullie gehoord?
A
Habt ihr gehört
B
Habt ihr gehort ?
C
Hat ihr gehört?
Slide 31 - Quiz
melden - Wij hebben het gemeld.
A
Ihr habt es gemeldet.
B
Wir haben es gemeldet.
C
Ich habe es gemeldet.
D
Wir haben es gemeldt.
Slide 32 - Quiz
rechnen- Het heeft geregend.
A
Es hat geregnet.
B
Es hat geregnt.
C
Hat es geregnet?
Slide 33 - Quiz
Heb je de lesdoelen bereikt??
😒
🙁
😐
🙂
😃
Slide 34 - Poll
Hausaufgaben
1. Leer de rijtjes van "haben" en "sein" uit je hoofd!
Dat zijn de hulpwerkwoorden in de zinnen met een voltooid deelwoord.
In de SO werden daar nog steeds veel fouten gemaakt.
2. Leer de regels voor het voltooid deelwoord.
Succes!!
Slide 35 - Slide
More lessons like this
1TL periode 2 les 16
July 2025
-
23 slides
Duits
Middelbare school
vmbo b, k, t, havo
Leerjaar 1
2TL periode 1 les 3
July 2025
-
15 slides
Duits
Middelbare school
vmbo k
Leerjaar 1
De grote kennisquiz
August 2024
-
44 slides
Duits
Middelbare school
mavo
Leerjaar 4
Quiz!
GT P2 W2 S2
July 2025
-
22 slides
Duits
Middelbare school
vmbo g, t
Leerjaar 2
1KB periode 2 les 15
July 2025
-
20 slides
Duits
Middelbare school
vmbo b, k, t, havo
Leerjaar 1
1TL periode 2 les 17
July 2025
-
17 slides
Duits
Middelbare school
vmbo b, k, t, havo
Leerjaar 1
3TL periode 1 les 4
July 2025
-
21 slides
Duits
Middelbare school
vmbo k
Leerjaar 1
4T Wiederholung Grammatik
July 2025
-
24 slides
Duits
Middelbare school
vmbo t
Leerjaar 4