Les 1 leereenheid 6 VP

Les 1: Leereenheid 9 VP
1. Anatomie en fysiologie
Spijsverteringsstelsel 
2. Stomazorg
1 / 32
next
Slide 1: Slide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 2

This lesson contains 32 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

Items in this lesson

Les 1: Leereenheid 9 VP
1. Anatomie en fysiologie
Spijsverteringsstelsel 
2. Stomazorg

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Lesdoelen
1. De student kan de belangrijkste anatomische en fysiologie van het spijsverteringskanaal benoemen en uitleggen.

2. De student kan situaties herkennen waarin de normale spijsvertering wordt onderbroken, zoals bij een stoma.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Welke organen zijn betrokken bij het Spijsverteringsstelsel

Slide 3 - Mind map

This item has no instructions

Spijsvertering

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Slide 5 - Video

This item has no instructions

Voedingsmiddelen en voedingsstoffen
Voedingsmiddel: Alles wat je kunt eten en drinken. Bevat voedingsstoffen die het lichaam nodig heeft om te kunnen functioneren.

Welke voedingsstoffen ken je?

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Voedingsstoffen
- Koolhydraten
- Eiwitten
- Vetten
- Mineralen 
- Vitaminen
-Vezels
- Water

welke stoffen vallen onder brandstof, bouwstof, reservestof en beschermstof?

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Slide 9 - Video

This item has no instructions

Spijsvertering
  • Het verteren van voedsel
  • Voedingsstoffen worden omgezet in energie
  • De spijsvertering begint zodra we iets eten of drinken
  • Het hele proces duurt 24 tot 48 uur

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Vertering (I)

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Vertering (II)
Eiwitten, koolhydraten en vetten hebben enzymen nodig uit spijsverteringsappen om te verteren

Enzymen maken de stoffen kleiner, zodat het verteerd kan worden in het lichaam 

Koolhydraten --> glucose

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Kunnen jullie functies van het spijsverteringstelsel noemen?

Slide 13 - Mind map

This item has no instructions

Functies spijsverteringstelsel
  • Opnemen van voedsel
  • Voedsel fijnmaken
  • Voedsel vervoeren
  • Voedsel afbreken en verteren 
  • Voedingsstoffen voor de lichaamscellen afgeven aan het bloed
  • Onverteerbare voedselbestanddelen afvoeren

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Opdracht 1
1) Maak een visuele weergave van het volledige spijsverteringskanaal.
2) Zoek per onderdeel van het spijsverteringskanaal de volgende informatie op
 (gebruik betrouwbare bronnen zoals zorgboeken, Thieme, of medische websites):

Mondholte
Keelholte en slokdarm
Maag
Dunne darm (duodenum, jejunum, ileum)
Dikke darm (colon)
Rectum en anus
Lever, galblaas, pancreas (hulporganen)

in tweetallen - 45 -60 minuten
Klaar?  --> leereenheid 6 doorlezen



Laat ze dit verwerken in een tabel of korte samenvatting.
Voor elk orgaan beschrijf:
1. Anatomische ligging
2. Belangrijkste functies
3. Wat er gebeurt als dit onderdeel niet meer functioneert zoals normaal

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Mond
  • De spijsvetering begint in de mond
  • eten afbijten, kauwen
  • Per dag 1 L speeksel aangemaakt
  • speekselklieren produceren speeksel (bevat enzymen)

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Slokdarm/ oesofagus
  • Slokdarm is 25 centimeter lang
  • Spieren in slokdarmwand trekken samen en ontspannen zicht
  • Sluitspiertje tussen slokdarm en maag
- vervoeren van het voedsel naar de 
   maag - geen vertering

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Maag/gaster
  • Tijdelijk opslaan van voedsel
  • in de maag wordt het voedsel gekneed en vermeng met maagsap
  • Maagsap bevat zoutzuur en enzymen
  • Zoutzuur zorgt ervoor dat bacteriën in het voedsel doodgaan
  • Maag bekleed met dikke laag slijmvlies

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Dunne darm/duodenum
  • Spijsverteringssappen en enzymen uit alvleesklier en galblaas aan voedsel toegevoegd. 
  • De wand van de dunne darm is geplooid en heeft kleine uitsteeksels
  • onderdeel van de dunne darm is de twaalvingerige darm> Hier wordt het voedsel vanuit de maag met gal en alvleessap gemengd. 

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Dikke darm (colon) en endeldarm (rectum)
  • Voedsel dat niet verteerd kan worden gaat naar dikke darm
  • Vocht en zouten eruit gehaald
  • Rectum
  • Omgekeerde 'U' in de buikholte

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Microbioom

  • In dikke darm leven goede bacteriën
  • Darmflora 

Vraag :
Wat is nodig voor een gezond microbioom?




Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Lever/hepar
  • Voedingsstoffen uit voedsel worden via het bloed naar lever gebracht
  • Omgezet in bouwstoffen of in energie
  • Gal
  • Ligging: rechtsboven in buikholte

Slide 22 - Slide

Via welke ader?
Galblaas/vesica biliaris
  • In de galblaas wordt het gal dat gemaakt wordt door de lever tijdelijk opgeslagen.
  • Ligging: rechtsboven in de buikholte

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

Alvleesklier/pancreas
  • Alvleesklier maakt alvleeskliersap
  • Hormonen insuline en glucagon
  • Ligging: links achter in de bovenbuik

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Stoma en spijsvertering
1. Wat een stoma is (colostoma, ileostoma).
2. Waarom een stoma wordt aangelegd
3. Welke delen van het spijsverteringskanaal worden omgeleid.
4. Wat de gevolgen zijn voor de consistentie, kleur, frequentie en geur van de ontlasting.

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Colostoma 
Ileostoma

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Waarom wordt een stoma aangelegd?

Slide 27 - Open question

This item has no instructions

Indicaties voor een stoma
Darmkanker
Chronische inflammatoire darmziekten
Diverticulitis
Darmobstructie (ileus): 
Lekkages of fistels: 
Ontlasten van de darm- bevordering genezing
Onbehandelbare fecale incontinentie
Trauma's of ongevallen
Aangeboren afwijkingen

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Opdracht 2
1. Leg uit hoe de locatie van de stoma invloed heeft op:
  • vochtbalans
  • consistentie van de ontlasting
  • risico op huidproblemen

2. Waarom moet een verpleegkundige precies weten waar het spijsverteringskanaal is onderbroken?

3. Wat moet je bij stomazorg extra in de gaten houden bij een ileostoma en waarom?

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Stoma irrigeren 

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

Instructie verzorgen stoma 
- Voorbereiding
- Uitvoering
- Afronding


Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Reflectievragen
Wat heb je geleerd over hoe het spijsverteringskanaal werkt?

Hoe helpt deze kennis bij het verzorgen van een stoma?

Wat is het nut van het visueel maken van anatomie tijdens verpleegkundige handelingen?

Slide 32 - Slide

This item has no instructions