7.6: Chemisch rekenen

7.6: Chemisch rekenen
1 / 24
next
Slide 1: Slide
ScheikundeMiddelbare schoolvmbo g, t, mavoLeerjaar 4

This lesson contains 24 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 15 min
Report this lesson

Items in this lesson

7.6: Chemisch rekenen

Slide 1 - Slide

Leerdoelen paragraaf 7.5 Moleculaire stoffen, molecuulmassa en massa%
-je kunt beschrijven uit welke deeltjes moleculaire stoffen zijn opgebouw
- je kunt de naam en de formule geven van een moleculaire stof
- je kunt uitleggen wat atoommassa en molecuul massa betekenen en molecuulmassa kunnen uitrekenen
-je kunt het massa percentage berekenen van een atoomsoort in een stof (verbinding)

Slide 2 - Slide

Leerdoelen paragraaf 7.6 Chemisch rekenen:
-Je kunt met machten van 10 rekenen
-je kunt grootheden en eenheden van elkaar onderscheiden
-je kunt eenheden omrekenen
-je kunt met significante cijfers werken

Slide 3 - Slide

Machten van 10
In de scheikunde (en natuurkunde) werken we met machten van tien. 

Waarom? Sommige getallen zijn zó groot, of zó klein, dat het veel werk wordt om iets op te schrijven. 

Slide 4 - Slide

Machten van 10
103 = 1 000
10 x 10 x 10 = 1 000

106 = 1 000 000
10 x 10 x 10 x 10 x 10 x 10 = 1 000 000

10-2 = 0,01
1 / 100 = 0,01

Slide 5 - Slide

Les 1: Verbrandingsreacties
7.6 Chemisch rekenen
Eenheden omrekenen

Slide 6 - Slide

Les 1: Verbrandingsreacties
7.6 Chemisch rekenen
Grootheden en eenheden
  • Grootheid: 'iets' dat je kunt meten.
  • Eenheid: de maat waarin je een grootheid meet.

Slide 7 - Slide

Oefensommen
0,85 km
850 000 mm
0,38 m
.... dam
0,98 km
.... m
50 cm^2
.... mm^2
5000 dm^3
.... km^3
30 hPa
.... Pa
5 L
.... dm^3

Slide 8 - Slide

Oefensommen
0,85 km
.... mm
0,38 m
.... dam
0,98 km
.... m
50 cm^2
.... mm^2
5000 dm^3
.... km^3
30 hPa
.... Pa
5 L
.... dm^3

Slide 9 - Slide

Oefensommen
0,85 km
850 000 mm
0,38 m
.... dam
0,98 km
.... m
50 cm^2
.... mm^2
5000 dm^3
.... km^3
30 hPa
.... Pa
5 L
.... dm^3

Slide 10 - Slide

Oefensommen
0,85 km
.... mm
0,38 m
.... dam
0,98 km
.... m
50 cm^2
.... mm^2
5000 dm^3
.... km^3
30 hPa
.... Pa
5 L
.... dm^3

Slide 11 - Slide

Les 1: Verbrandingsreacties
7.6 Chemisch rekenen
Significante cijfers
Elke meetinstrument heeft een bepaalde nauwkeurigheid.
  • Bij een geodriehoek is dat 1 mm.
  • Bij een maatcilinder van 50 mL is dat 0,1 mL.

Slide 12 - Slide

Les 1: Verbrandingsreacties
7.6 Chemisch rekenen
Significante cijfers
Elke meetinstrument heeft een bepaalde nauwkeurigheid.
  • Bij een geodriehoek is dat 1 mm.
  • De uitkomst van een geodriehoek kan 6,3 mm zijn, maar nooit 6,3124 mm.
  • De 6 en de 3 bepalen de nauwkeurigheid.
  • We zeggen dan: 6,3 bestaat uit 2 significante cijfers.

Slide 13 - Slide

Les 1: Verbrandingsreacties
7.6 Chemisch rekenen
Significante cijfers
Vermenigvuldigen en delen.
  • meetwaarde met minst aantal cijfers bepaald de significantie.
Optellen en aftrekken.
  • meetwaarde met minst aantal cijfers achter de komma bepaald de significantie.

Slide 14 - Slide

Significante cijfers
Als we dingen meten of berekenen, dan doen we dat met een bepaalde nauwkeurigheid. De nauwkeurigheid kan je inschatten aan de hand van de meetwaarden.

De getallen die we gebruiken in onze meetwaarde noemen we de significante cijfers.

Slide 15 - Slide

Vermenigvuldigen/delen

Slide 16 - Slide

Wat komt hier uit?
2536 : 56 = ???



Slide 17 - Slide

Wat komt hier uit?
2536 : 56 = 45


45, want het getal met de kleinste significantie heeft 2 significante getallen!



Slide 18 - Slide

Plussen en minnen

Slide 19 - Slide

Wat komt hier uit?
98,653 - 1,1 = ???

Slide 20 - Slide

Wat komt hier uit?
98,653 - 1,1 = 97,6

Want 1,1 heeft maar 1 kommagetal, dus het antwoord krijgt ook maar 1 komma getal. 

Slide 21 - Slide

Slide 22 - Slide

Slide 23 - Slide

Les 1: Verbrandingsreacties
AAND SLAG en HUISWERK
  • maken 7.6 opdr 1 t/m 15
  • Leren 7.1 t/m 7.5
7.6 Chemisch rekenen

Slide 24 - Slide