Havo 4 - argumenteren drogredenen les 2

1 / 21
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

H6 - argumenteren
      par. 4 Drogredenen
  • Ik kan verschillende drogredenen herkennen.


weektaak:    H6.4 Drogredenen: opdr 1, 2, 5 + twee opdrachten
                                                                   naar keuze uit 6 t/m 20

Slide 2 - Slide

Wat gaan we doen?
  • terugblik theorie
  • uitleg discussieregel
  • zelfstandig aan het werk

Slide 3 - Slide

drogredenen
fouten in argumentatie:
  • argumentatieschema wordt onjuist gebruikt.
  • er wordt een discussieregel overtreden

Slide 4 - Slide

opdracht
  • Pak blz. 210/211 uit het tekstboek voor je.

  • Geef van de zinnen op de volgende dia's aan welke drogreden er gebruikt wordt.
       
     

Slide 5 - Slide

Onze leraar Nederlands zegt ook dat paardrijden eigenlijk een vorm van dierenmishandeling is.
A
onjuist beroep op het autoriteitsschema
B
onjuist beroep op het oorzaak-gevolgschema
C
overdrijven van voor- of nadelen
D
vals dilemma

Slide 6 - Quiz

Als je niet toegelaten wordt op de toneelschool, kun je het wel vergeten ooit BN'er te worden.
A
onjuist beroep op het autoriteitsschema
B
onjuist beroep op het oorzaak-gevolgschema
C
overdrijven van voor- of nadelen
D
vals dilemma

Slide 7 - Quiz

De nieuwe wethouder komt uit Amsterdam. Hij zal dus wel hartstikke links zijn.
A
onjuist beroep op het autoriteitsschema
B
onjuist beroep op het oorzaak-gevolgschema
C
onjuist beroep op het kenmerk- of eigenschapsschema
D
overhaaste generalisatie

Slide 8 - Quiz

Het is slecht gesteld met de Nederlandse taal. Ik telde vanochtend in de krant wel vier fouten.
A
overhaaste generalisatie
B
onjuist beroep op het oorzaak-gevolgschema
C
onjuist beroep op het kenmerk- of eigenschapsschema
D
onjuist beroep op het vergelijkingsschema

Slide 9 - Quiz

Slide 10 - Slide

overtreden van discussieregels
  • Iemand houdt zich niet aan de discussieregel.
  • Bij het overtreden van een discussieregel worden er vaak geen argumenten gegeven.

Slide 11 - Slide

persoonlijke aanval
Iemand gaat niet in op de argumenten van de tegenstander, maar beschuldigt hem van onkunde, onbetrouwbaarheid of andere slechte eigenschappen. 

De persoon wordt aangevallen,  niet zijn standpunt.

Slide 12 - Slide

persoonlijke aanval
Wat weet jij van nu gezondheid, jij weegt zelf 105 kilo!

Ben je tegen Zwarte Piet? Dan ben je geen echte Nederlander!

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Video

ontduiken van bewijslast
Iemand beweert iets om vervolgens van de andere partij 'bewijs voor het tegendeel' te vragen.

Dat hoef ik niet te bewijzen, dat ís gewoon zo!
Ik heb nog geen goed argument gehoord tegen mijn opvatting over het klimaatprobleem.

Slide 15 - Slide

vertekenen standpunt
Het standpunt of een argument van de tegenstander wordt onjuist weergegeven.

De Amerikaanse president zegt dat Europa meer geld aan defensie uit moet geven. Zie je wel dat hij liever niets met Europa te maken heeft.

Slide 16 - Slide

bespelen van het publiek
Soms formuleert iemand zijn standpunt zó dat het moeilijker wordt om er tegenin te gaan. Dit om een afwijkende mening te voorkomen.

Je bent toch niet goed bij je hoofd als je daar wil wonen.

Slide 17 - Slide

cirkelredenering
Het standpunt wordt ondersteund door het herhalen van datzelfde standpunt, maar dan anders geformuleerd.

Iedereen mag zeggen wat hij wil, want in Nederland heb je recht op vrije meningsuiting.

Slide 18 - Slide

opdracht in tweetallen
Benoem de drogredenen.

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide

weektaak (agenda)
H6 par. 4 Drogredenen: 
opdr 1, 2, 5 + twee opdrachten naar keuze uit 6 t/m 20

Slide 21 - Slide