8.2 Kracht en beweging

8.2 Kracht en beweging
1 / 16
next
Slide 1: Slide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 2

This lesson contains 16 slides, with text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

8.2 Kracht en beweging

Slide 1 - Slide

8.2 Kracht en Beweging
Je kunt uitleggen dat voor een beweging een kracht nodig is. 

Je kunt aangeven welke 2 krachten een beweging tegenwerken. 

Je kunt aangeven wat de oorzaak van een bewegingsverandering is. 

Slide 2 - Slide

Hoe ontstaat beweging?


Voor beweging heb je kracht nodig.


Bij de wielrenner Dylan van Baarle is dat spierkracht.

Slide 3 - Slide

Ontstaan van beweging


- Spierkracht

- Zwaartekracht

- Waterkracht

- Windkracht

- Motorkracht

- Veerkracht

Slide 4 - Slide

Tegenwerkende krachten

Als je fietst, merk je dat de luchtweerstand je afremt. Je voelt deze weerstand als tegenwind.


Hoe sneller je fietst, hoe groter de luchtweerstand.

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Video

Rolweerstand
Ook de rolweerstand van je wielen remt je af. De rolweerstand is groot op een ruwe ondergrond zoals een grindpad of zand.

Slide 7 - Slide

Wrijvingskrachten

Luchtweerstand en rolweerstand zijn wrijvingskrachten.


Ze werken een beweging tegen.

Slide 8 - Slide

Een aerodynamische vorm zorgt er voor dat je minder last hebt van luchtweertstand.

Slide 9 - Slide

Aerodynamica
Aerodynamica heeft te maken met een de vorm van een voorwerp. Een hoekige vorm heeft een grote luchtweerstand en dus een slechte aerodynamica. Een afgeronde vorm heeft een kleine luchtweerstand en dus een goede aerodynamica. 

Aerodynamica van auto's wordt getest in een windtunnel met rook. Aan de vorm van de rook in de wind kun je zien hoe goed de wind langs een auto stroomt. 

Slide 10 - Slide

Filmpje
Nu zie je een filmpje waarin Formule 1 coureur Lewis Hamilton een bezoekje brengt aan een Mercedes fabriek. 

Hij staat in de windtunnel naast een auto die getest wordt. 

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Video

Aan de slag
Maak nu opdracht 1 tm 12 van 8.2 
timer
15:00

Slide 13 - Slide

Versnellen of vertragen
Als je meer spierkracht gebruikt dan de weerstand, ga je sneller. Als je minder spierkracht gebruikt dan de weerstand, ga je langzamer. 

Bekijk het volgende plaatje. 

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Verder met de opdrachten
Maak opdracht 13 tm 16. 

Slide 16 - Slide