GL4 Veiligheid

Welkom GL4
40 min rooster

08:05 - 08:15
startactiviteit 
lezen theorie
08:15 - 08:35
lesdoelen bespreken + uitleg theorie
08:35 - 09:15
zelfstandig werken
maken opdrachten: 
1 t/m 5
09:15 - 09:20
check & nakijken gemaakte opdrachten
09:20 - 09:25
afronden & lesdoelen behaald
1 / 19
next
Slide 1: Slide
Dienstverlening en ProductenMiddelbare schoolvmbo gLeerjaar 4

This lesson contains 19 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 100 min

Items in this lesson

Welkom GL4
40 min rooster

08:05 - 08:15
startactiviteit 
lezen theorie
08:15 - 08:35
lesdoelen bespreken + uitleg theorie
08:35 - 09:15
zelfstandig werken
maken opdrachten: 
1 t/m 5
09:15 - 09:20
check & nakijken gemaakte opdrachten
09:20 - 09:25
afronden & lesdoelen behaald

Slide 1 - Slide

Lesdoelen
  • je weet wat een plattegrond is  
  • je weet wat er met een routing wordt bedoeld
  • je kent de pictogrammen die bij veiligheid horen
  • je weet wat een AED is
  • je weet waarom noodverlichting belangrijk is 
  • je weet welke blusmiddelen er zijn en welke brandklassen er zijn 
  • je weet welke hulpdiensten er zijn
  • je kent alle belangrijke begrippen/pictogrammen die bij beveiliging horen

Slide 2 - Slide

Plattegrond

  • een plattegrond is veel kleiner dan de echte situatie
  • handig om iemand te zoeken of de weg te wijzen
  • te laten zien hoe een huis of gebouw eruitziet
  • de kortste route van punt A naar punt B te plannen
  • te tekenen hoe je een evenement of festivalterrein wilt inrichten

Slide 3 - Slide

Op schaal tekenen
Op schaal tekenen wil zeggen dat de maten op de tekening worden veranderd, maar de verhoudingen gelijk blijven.

Bijvoorbeeld je tekent schaal 1:5
Dit betekent 1cm is in werkelijkheid 5 cm.
Als je iets opmeet en het is 25 cm.
25 delen door 5 = 5cm. Op je blaadje teken je dus 5cm

Je kan ook schaal 1:1 tekenen.
1 cm is dus ook werkelijk 1 cm.


Slide 4 - Slide

Routing maken
  • wegbewijzering
  • de weg wijzen op een evenement 
  • lijnen op de vloer, bordjes, linten

Een goede bewegwijzering is:
  • helder
  • begrijpelijk
  • opvallend
  • leesbaar
  • gezet op alle beslispunten (kruispunten, splitsingen)
  • voorzien van grote letters of pictogrammen

Slide 5 - Slide

Veiligheid in openbare gebouwen
  • vluchtroutes; een route waarlangs je moet vluchten als er een noodsituatie is
  • nooduitgangen (bij brand of voor ambulance)
  • ontruimingsplan (vluchtroutes, nooduitgangen en blusmiddelen)
  • pictogrammen

vluchtroute                              vluchtroute via trappen            nooduitgang

Slide 6 - Slide

AED-apparaat
  • hangt in de meeste openbare ruimtes
  • je kunt hier iemand die een hartaanval krijgt mee helpen
  • het apparaat vertelt je wat je moet doen om het slachtoffer te helpen

Slide 7 - Slide

Noodverlichting
  • aanwezig als de stroom uitvalt
  • geeft de vluchtroutes  en de plaats van de nooduitgang aan
  • ook als het donker is wijst de noodverlichting de weg

Slide 8 - Slide

Blusmiddelen
  • poederblussers; gebruik je bij een kleine brand
  • brandslang; gebruik je bij een grotere brand
  • blusdekens; gebruik je als iemand in brand staat of vlam in de pan te doven

Slide 9 - Slide

Brandklassen
  • brand kan in verschillende brandklassen worden ingedeeld
  • brandklasse is een groep van branden die op elkaar lijken; wordt geordend op basis van de brandende stof -> de brandweer stemt het blusmiddel af op de brandklasse

  • klasse A: blusmiddel moet geschikt zijn voor het blussen van vaste stoffen (hout,papier, textiel enz)
  • klasse B: blusmiddel moet geschikt zijn voor het blussen van vloeistoffen en vloeibaar wordenden stoffen (olie, benzine, vetten enz)
  • klasse C: blusmiddel moet geschikt zijn voor het blussen van gassen (butaan, propaan en aardgas)
  • klasse D: blusmiddel moet geschikt zijn voor het blussen van brandbare metalen (magnesium, natrium, kalium etc)
  • klasse E: betreft elektrische branden; je mag niet blussen met water of schuim. Wel blussen met CO2 of poeder
  • klasse F: blusmiddel moet geschikt zijn voor het blussen van zeer hete oliën en vetten 

Slide 10 - Slide

Hulpdiensten
  • BHV: bedrijfshulpverlener
  • Ehbo'er: eerste hulp bij ongelukken

  • 112 bellen voor:
  1. ambulance; vervoer naar het ziekenhuis, levensreddend
  2. brandweer; bestrijding van brand, hulp bij beknellingen
  3. politie; regelen van verkeer en eerste hulp
  4. reddingsbrigade; redden van slachtoffers en eerste hulphandelingen

Slide 11 - Slide

Beveiliging
  • risicoanalyse; deze maak je voordat je een activiteit begint: je schrijft op wat de risico's zijn en wat er fout kan gaan (leeftijd-hoeveelheid mensen-weersinvloeden)
  • beveiligingsplan; hierin schrijf je de knelpunten voor vluchtroutes, blusapparatuur en ehbo, wat zijn de veiligheidsrisico's en je geeft oplossingen aan
  • beveiligers; om te surveilleren (kijken en controleren), fouilleren (bij de ingang) -ingangscontrole of toegangscontrole en visiteren (controle van persoonlijke bezittingen)
  • veiligheidszorg; je draagt zorg voor de veiligheid van de bezoekers

  • crowds : grote groep mensen
  • crowd control controleren/ in de gaten houden van een grote groep mensen (supporters)
  • crowd management: waar zitten de problemen in de groep, waar zijn knelpunten, hoe ga je om varen met de groep en hoe zorg je dat alles goed verloopt
  • compartimeren: je deelt de groep op in enkele groepen die aanwijzingen krijgen waar hun nooduitgang is (een stadion is ook opgebouwd uit compartimenten

Slide 12 - Slide

Nood- en hulpposten
Als je een activiteit organiseert moet je ook vaak een hulppost inrichten. Als dit nodig is dan staat het in je vergunning vermeld. Dit noem je ook wel eerstehulppost of een noodhulppost.

Eisen eerstehulppost:
  • herkenbaarheid (geel vest met hulpverlener of ehbo) en zichtbaar door pictogram
  • bemensing: minimaal 2 hulpverleners met een geldig ehbo diploma
  • bereikbaarheid: gemakkelijk bereikbaar voor hulpdiensten (vaak aan het begin van het terrein)
  • post: brancard toegankelijk, vlakke vloer, goede verlichting, elektriciteitsaansluiting, watervoorziening, sanitaire voorziening (wc en douche), goede geluidsisolatie en privacy voor patiënten
This video is no longer available
Welke video was dit?

Slide 13 - Slide

Pictogrammen voor veiligheid en milieu
vluchtroute                                      nooduitgang via trap                                        aed                                                              brandbare stoffen
bedrijfshulpverlening
blusdeken
brandhaspel
poederblusser

Slide 14 - Slide

Lesdoelen behaald?
  • je weet wat een plattegrond is  
  • je weet wat er met een routing wordt bedoeld
  • je kent de pictogrammen die met veiligheid horen
  • je weet wat een AED is
  • je weet waarom noodverlichting belangrijk is 
  • je weet welke blusmiddelen er zijn en welke brandklassen er zijn 
  • je weet welke hulpdiensten er zijn
  • je kent alle belangrijke begrippen/pictogrammen die bij beveiliging horen

Slide 15 - Slide

antwoorden opdracht 1







Totale oppervlakte:
Lengte × breedte = 120 × 75 = 9000 m2

Slide 16 - Slide

antwoorden opdracht 2


Slide 17 - Slide

antwoorden opdracht 3


volgorde 3 - 1 - 2

Slide 18 - Slide

antwoorden opdracht 4



een evenementenhal van 110 × 68 meter =                      11000 x 6800 cm = 11cm x 6,8 cm
een grote buitenruimte van 120 × 85 meter =                12000 x 8500 cm = 12cm x 8,5 cm
een music hall van 80 × 80 m =                                               8000 x 8000 cm = 8cm x 8 cm
zes vergaderruimten van ieder 20 × 20 m =                      2000 x 2000 cm = 2 x 2 cm

b. Maak op een vel papier een plattegrond van de Bavelse Burcht.
Teken op een schaal van 1 : 1.000. -> 1cm = 1000 cm in werkelijkheid

=>Je deelt alles nu door 1000








Slide 19 - Slide