4.2 online

H4: Verlichting en Revolutie
4.2 Verlichting: theorie en praktijk
1 / 24
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

H4: Verlichting en Revolutie
4.2 Verlichting: theorie en praktijk

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

kenmerkende aspecten
1. Het streven van vorsten naar absolute macht
2. Rationeel optimisme en  'verlicht denken' dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: godsdienst , politiek, economie en sociale verhoudingen.
3. De democratische revoluties in westerse landen met als gevolg discussies over grondwetten, grondrechten en staatsburgerschap.
ontwikkelingen en verschijnselen die typisch zijn voor deze periode.
Welk KA past bij deze paragraaf?

Slide 3 - Slide

kenmerkende aspecten
1. Het streven van vorsten naar absolute macht
2. Rationeel optimisme en  'verlicht denken' dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: godsdienst , politiek, economie en sociale verhoudingen.
3. De democratische revoluties in westerse landen met als gevolg discussies over grondwetten, grondrechten en staatsburgerschap.
ontwikkelingen en verschijnselen die typisch zijn voor deze periode.
Welk KA past bij deze paragraaf?

Slide 4 - Slide

hoofdvraag: Waardoor brak de Franse Revolutie uit en welke politieke en maatschappelijke verandringen bracht die teweeg?
deelvragen:
1. Hoe bestuurde Lodewijk XIV Frankrijk?
2. Welke kritiek hadden de Verlichtingsfilosofen op de absolute heersers en welke ideeën hadden zij over politiek en bestuur?
3. Hoe leefde de Franse bevolking aan de vooravond van de Franse Revolutie?
4. He verliep de Franse Revolutie en waarom liep die uit op de Terreur?
5. Wat veranderde er door de komst van Napoleon?

Vertel maar

Slide 5 - Slide

De Wetenschappelijke Revolutie was
A
Een tijd waarin vrouwen meer wetenschap gingen beoefenen.
B
Een tijd waarin wetenschap binnen 10 jaar heel erg veranderde.
C
Een tijd waarin wetenschap veranderde in de zeventiende eeuw.
D
Een tijd waarin smartphones belangrijk werden.

Slide 6 - Quiz

Wat werd er zoal onderzocht?

Slide 7 - Mind map

Iedereen leek wel geïnteresseerd in wetenschap! Een gezelschap kijkt toe bij een nieuwe uitvinding. Schilderij van Joseph Wright of Derby, 1768
Hoe kun je in deze bron zien dat de afgebeelde mensen bezig zijn met wetenschap?

Slide 8 - Slide

Rationalisme is...
A
Proberen de wereld te begrijpen door goed naar de Bijbel te kijken.
B
De oude Griekse wetenschap.
C
Een middeleeuwse filosofie.
D
Proberen de wereld te begrijpen met gebruik van het gezond verstand.

Slide 9 - Quiz

Aanhangers van de verlichting...
A
... dachten dat je met religie (geloof) alles kunt verklaren.
B
... waren voor verdraagzaamheid, gelijkheid en vrijheid.
C
... wilden de maatschappij houden zoals deze was.
D
... geen van de genoemde antwoorden is juist.

Slide 10 - Quiz

Welke twee verlichtingsfilosofen worden genoemd in deze paragraaf?

Slide 11 - Mind map

John Locke
Montesquieu
Trias Politica
Vorst is er voor het volk en niet andersom.

Slide 12 - Slide

Wat is geen idee van John Locke
A
Alle mensen zijn gelijk geboren.
B
Koningen mogen een land regeren als ze de belangen van het volk tegemoet komen
C
Dat de macht verdeeld moest worden over 3 machten.
D
Iedereen heeft dezelfde grondrechten.

Slide 13 - Quiz

Leg uit wat volgens John Locke de taak van een goede koning is.
Wie is er volgens Locke belangrijker, het volk of de vorst?
Welk nadeel van absolutisme noemt Locke in bron 12?

Slide 14 - Slide

de Scheiding der Machten: Trias Politica
de rechtbanken
parlement
regering: premier + ministers

Slide 15 - Drag question

Trias Politica, drie machten:
wetgevende
uitvoerende
rechterlijke
wie?
wie?
wie?
wat ze doen:
wat ze doen:
wat ze doen:
wetten handhaven
parlement
rechters
zij die de wet overtreden bestraffen
wetten maken
de overheid

Slide 16 - Drag question

De Trias Politica van Montesquieu - schuif naar de juiste plek!
onafhankelijke rechters
regering
parlement
De wetgevende macht
De uitvoerende macht
Rechtsprekende macht

Slide 17 - Drag question

Jean-Jacques Rousseau
John Locke
Charles de Montesquieu
De koning krijgt macht uit handen van het volk
De macht moet altijd bij het volk liggen
Trias politica/ scheiding der machten

Slide 18 - Drag question

Hoe werden al deze nieuwe ideeën over bestuur en samenleving verspreid?

Slide 19 - Open question

Verlichte vorsten
Frederik de Grote van Pruissen gaf volk geen inspraak in het bestuur, maar verbeterde wel het onderwijs en gaf geloofsvrijheid.
Catharina de Grote van Rusland liet een grondwet schrijven met ideeën over gelijkheid en vrijheid.
Leg eens in je eigen woorden uit wat 'verlicht absolutisme' is volgens jou.

Slide 20 - Slide

Was Lodewijk XIV een verlichte absolute vorst?

Slide 21 - Poll

Wat heb je geleerd?

Slide 22 - Open question

Wat vind je nog lastig?

Slide 23 - Open question

huiswerk
Bestudeer par 4.3, maak een samenvatting en laat ruimte voor de dingen die je niet begrijpt.

Slide 24 - Slide