Ser-Estar-Hay - Dia 31

¡Bienvenidos a la clase de español!
Capítulo 6: Verano en Cádiz 
Cádiz
1 / 35
next
Slide 1: Slide
SpaansMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

This lesson contains 35 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

¡Bienvenidos a la clase de español!
Capítulo 6: Verano en Cádiz 
Cádiz

Slide 1 - Slide

La clase de hoy: De les vandaag

La meta de la clase: het doel van les 
De grammatica en de woordenschat opfrissen en die kunnen toepassen in de opdrachten.

Actividades: Grammaticale regels!!    (Oefentoets 2)
- Jullie oefenen met de woordjes van hoofdstuk 6.
- Jullie oefenen met he gebruik van "Ser-Estar -Hay" "Presente". 
- Jullie oefenen met de  "Presente perfecto".
- Jullie oefenen met de "Luistervaardigheid".  
                                      
                                  Voorbereiden op de toets 
                                                                    
                                                                    

Slide 2 - Slide

Oefen je kennis
woordenschat PA1.6

Slide 3 - Slide


Schrijf de vertaling op van het rode woord. No hay olas.

Slide 4 - Open question


Schrijf de vertaling op van het rode woord. En la maleta tengo una linterna.

Slide 5 - Open question


Schrijf het juiste Spaanse woord op. 
Llueve mucho. Hay que llevar un ______________. 

Slide 6 - Open question


Schrijf het juiste Spaanse woord op. 
Hay que escribir. Necesito papel y un ______________. 

Slide 7 - Open question


Schrijf de 3 juiste woorden op + lidwoord. 
El día consta de tres partes: _____, _____ y _____.

Slide 8 - Open question


Voy a la playa. 
Noem drie Spaanse dingen + lidwoord die je normaalgesproken meeneemt.

Slide 9 - Open question


Estoy en la playa. 
Noem twee Spaanse activiteiten die je daar normaalgesproken doet.

Slide 10 - Open question

Oefen je kennis
ser, estar y hay PA1.6

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Video

¿Ser of Estar?
locatie
A
ser
B
estar

Slide 13 - Quiz

¿Ser of Estar?
uiterlijke kenmerken
A
ser
B
estar

Slide 14 - Quiz

Ser of estar?
beroep
A
ser
B
estar

Slide 15 - Quiz

Ser of estar?
gemoedstoestand
A
ser
B
estar

Slide 16 - Quiz

Ser of estar?
tijdstippen, momenten
A
ser
B
estar

Slide 17 - Quiz

¿Hay, Ser o Estar?
"En el camping ___________ tiendas".
A
están
B
son
C
hay
D
estar

Slide 18 - Quiz

¿Hay, Ser o Estar?
"La recepción ___________ aquí".
A
está
B
es
C
hay
D
estás

Slide 19 - Quiz

¿Hay, Ser o Estar?
" ___________ las ocho y veinticinco".
A
están
B
es
C
hay
D
son

Slide 20 - Quiz

Oefen je kennis
presente perfecto PA1.6

Slide 21 - Slide

je moet 4 Spaansewerkwoorden met onregelmatig deelwoord kennen 

Slide 22 - Slide

De presente perfecto gebruik je om iets te vertellen over:
A
het heden
B
het verleden
C
de toekomst
D
alledrie

Slide 23 - Quiz


De presente perfecto bestaat uit _____ onderdelen. Schrijf het juiste getal op.

Slide 24 - Open question

de "presente perfecto" maak je door...
A
een vorm van haber + stam ww + ado/ido
B
een vorm van ir + a + hele ww
C
een vorm van estar + stam ww + ando/iendo
D
een vorm van tener + ado

Slide 25 - Quiz

Vervoeg in de perfecto:
ir (ellas)
A
Ha iro
B
Hemos iro
C
Han ido
D
Habéis ido

Slide 26 - Quiz

Vervoeg in de perfecto:
Tú (escribir)
A
he escribido
B
ha escrito
C
has escribido
D
has escrito

Slide 27 - Quiz

Vertaal met de perfecto:
"wij hebben gezegd"
A
hamos decido
B
hemos dicho
C
hemos decido
D
hamos dicho

Slide 28 - Quiz


Vertaal het werkwoord en maak de presente perfecto.
Mi amigo Juan _____ (invullen) el formulario.

Slide 29 - Open question

Sleep de presente perfecto naar het juiste zin.
Me llamo Javier, vivo en Lima, Peru
me gusta estudiar español
Mis compañeros y yo siempre hacemos los deberes
también vamos a Sevilla
hoy empezamos la segunda clase de este año
Soy Javier, he vivido en Lima, Peru

me ha gustado estudiar español
hemos hecho los deberes
hemos  ido a Sevilla
hemos empezado la segunda clase de este año

Slide 30 - Drag question

Sleep de zinnen naar de juiste onderwerp
Vaste eigenschappen
Plaatsbepaling
Gemoedstoestanden of tijdelijke situaties
Es intelingente y trabaja bien
¿Estás nervioso?
Estamos en la playa
Esta tomando el sol
Luke es holandés
¿Sois amigo de Wick?

Slide 31 - Drag question

Oefen luistervaardigheid
klik naar de volgende dia

Slide 32 - Slide

Klik op het audiofragment, luister en sleep de uitspraken naar Verdadero of Falso.
Verdadero
Falso
Cristina vraagt waar de meisjes zijn.
Marta is haar rugzak vergeten.
Marta is dol op surfen.

Slide 33 - Drag question

¿Qué tal ha ido el oefentoets?
Ben je klaar voor de echte toets?
A
Muy bien
B
Bien
C
Mwah
D
Mal

Slide 34 - Quiz

8 februari: Toets PA1.6  
Je kent/kunt toepassen:
- vorm en gebruik presente perfecto (voltooide tijd): haber + deelwoord regelmatig en 4x onregelmatig deelwoord 
- vorm en onderscheid tussen verschillende vormen van 'zijn': ser, estar y hay
Voc PA1:  6.4 S/N en N/S
- je bent in staat Spaanse zinnen te maken met de geleerde grammatica en woorden van PA1.6
Zie classroom voor extra informatie, links naar gram, links naar ejercicios

Slide 35 - Slide