uiterlijke verzorging klas 1 en 2 introductie
uiterlijke verzorging klas 1 en 2 introductie
Doel
Doel 1:ik kan uitleggen wat persoonlijke verzorging is.
Doel 2: Ik kan uitleggen wat het verschil is tussen persoonlijke en professionele hygiëne
Hoeveel tijd besteed jij per dag aan je verzorging? Wat doe jij allemaal?
Je Uiterlijk
Op sommige kenmerken heb je invloed, op sommige niet.
Waar heb je invloed op? Waar heb je geen invloed op?
Je uiterlijk is wat anderen kunnen zien.
Wat doe jij allemaal aan je uiterlijk?
Welke producten gebruik jij?
Lichaamsverzorging:
Activiteiten en gewoonten die gericht zijn op het gezond en schoon houden van het lichaam om de algehele gezondheid en het welzijn te bevorderen. Dit omvat onder andere het wassen, afdrogen en aanbrengen van crèmes op de huid, verzorging van het haar en de mond
Waarom is lichaamsverzorging ook prettig voor de mensen met wie jij omgaat?
Persoonlijke verzorging
•Het is belangrijk voor:
- een goede gezondheid: kleinere kans op ziek worden.
- invloed op andere mensen: sociale contacten.
- jouw gevoel: Je voelt je vaak beter en opgefrist na een wasbeurt.
Met je uiterlijk en persoonlijke verzorging laat jij een indruk achter bij iemand anders. Als jij solliciteert, werkt, op stage gesprek gaat, met iemand kletst.
Kijk de volgende video, wat is een eerste indruk? Wat gebeurd er?
Wat gebeurde er in de video?
Besprek, wat hoort bij een goede eerste indruk:
manieren?
op tijd?
houding? open/gesloten?
aankijken
kleding
verzorging
energie: druk of rustig, blij gespannen
taal gebruik?
informatie over het bedrijf?
Wat nog meer?
Je kleding stijl valt ook onder persoonlijke verzorging.
Voor stage of werk kun je andere kleding kiezen als in je vrije tijd.
Wat is wel gepast en wat is niet gepast op stage?
Praktijk opdracht:
Jij gaat op een sollicitatie gesprek en wilt een goede eerst indruk achterlaten.
Maak een collage met twee vakken:
Een vak voor kleding gepast voor een eerste kennismaking op je nieuwe werk.
Een vak met kleding gepast voor vrije tijd.
Je mag de tijdschriften gebruiken.
Wat hebben wij geleerd? Vat samen in steekwoorden.