Modernisme - Kunst en het gevoel

Moderne Tijd
Hoofdstuk 3: Kunst en gevoel

Schilderkunst
1 / 20
next
Slide 1: Slide
KunstMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

This lesson contains 20 slides, with text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Moderne Tijd
Hoofdstuk 3: Kunst en gevoel

Schilderkunst

Slide 1 - Slide

Vier invalshoeken

GEVOEL - EXPRESSIONISME (H3)
RATIO - FUNCTIONALITEIT en ABSTRACTIE (H4)
BOODSCHAP - FUTURISME/SURREALISME en POLITIEK (H5)
AMUSEMENT - JAZZ en POPULAIRE ESTHETIEK (animatie) (H6)


Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Van IM- naar EXpressionisme
Impressionisme: vangen van het moment - veel aandacht voor lichtinval.
Post-impressionisme: meer vervorming, meer gevoel in het schilderij.
Expressionisme: autonome kunst ontstaat en het gevoel van de kunstenaar wordt het belangrijkste. Onder invloed van binnenwereld (Freud, Röntgen), individualisme (Nietzsche)

Slide 4 - Slide

H:3 lesdoel

Je kunt het gevoel in schilderkunst herkennen, benoemen en duiden.

Je kent de stroming Expressionisme en kunt het ontstaan hiervan beschrijven.

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Video

Expressionisme (1905 - 1940)
Schilder wil zijn gevoel uitdrukken door vervorming van de werkelijkheid. Overwegend Duits. Er zijn geen wetten, maar vaak: 

  • extatische, felle en onnatuurlijke kleuren
  • grillige beelden / composities
  • vervormingen
  • grof geschilderd

  • geen of 'fout' perspectief

Slide 8 - Slide

Expressionisme: groepen en substromingen


Frankrijk:
  • Fauvisme (Henri Matisse)

Duitsland:
  • Die Brücke (Ernst Ludwig Kirchner) 
  • Der Blaue Reiter (Wassily Kandinsky)

Slide 9 - Slide

                Fauvisme, Frankrijk 1905-1910
Henri Matisse, Portret van mevrouw Matisse/ De groene lijn, 1905

  • Gauguin en van Gogh als voorbeeld
  • heldere, ongemengde kleuren

  • Geen inhoudelijke symboliek
  • Inspiratie voor Duits expressionisme
Andre Derain,
The Turning Road, 1906
Kees van Dongen,
In het Plaza, 1911

Slide 10 - Slide

Kunstenaarsgroep Die Brücke, Duitsland 1905-1913
Ernst Ludwig Kirchner, Nollendorfplatz, 1912
  • 'Primitieve kunst' is inspiratiebron (bv. Afrikaanse maskers)
  • kritische, pessimistische visie
  • houtsnedes, grove schildertechniek
  • soms expres 'lelijk', hoekig
Groepsportret van 'Die Brucke' door Kirchner, 1927
Erich Heckel, 
Young Girl, 1913

Slide 11 - Slide

Emil Nolde - Maskers (1911)

Slide 12 - Slide

Kunstenaarsgroep Der Blaue Reiter, Duitsland 1911-1915


  • Opgericht door  Wassily Kandinsky
  • geen stijlregels
Wassily Kandinsky, Der Blaue Reiter, 1903
(post-impressionisme)
Wassily Kandinsky, Improvisatie (dromerig), 1913
Franz Marc, Die gelbe Kuh, 1911

  • Ontwikkeling naar abstracte kunst
  • Symboliek in kleur

Slide 13 - Slide

Kandinsky
De blauwe berg (1908)

Kleuren krijgen spirituele betekenis, vormen worden versimpeld, onderbewustzijn is leidend, andere culturen zijn inspiratie. 

Slide 14 - Slide

Franz Marc - Grote blauwe paarden (1911)
Symboliek: blauw staat voor mannelijkheid, rood voor het leven

Slide 15 - Slide

Aan het werk
Houd hoofdstuk 3 erbij
blz. 20 t/m 37

Maak 'Kunst en het gevoel' blok 4 en/of 7

Slide 16 - Slide

Picasso's inventieve Desmoiselles
De volgende video bespreekt het werk ten opzichte van de kunst die er al was.

Handig bij H3blok4 

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Video

College van een collega
Over de cultuur van het moderne natuurlijk

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Video