Herhaling Anatomie

Herhaling Anatomie
1 / 40
next
Slide 1: Slide
AnatomieMBOStudiejaar 1

This lesson contains 40 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 100 min

Items in this lesson

Herhaling Anatomie

Slide 1 - Slide

Wat is anatomie?

Slide 2 - Mind map

Noem een ander woord voor anatomie

Slide 3 - Open question

Wat is fysiologie?

Slide 4 - Mind map

Je hart ligt in je borstholte met de hartpunt naar links gekanteld
A
Anatomie
B
Fysiologie

Slide 5 - Quiz

Rode bloedcellen vervoeren zuurstof
A
Anatomie
B
Fysiologie

Slide 6 - Quiz

De schedel bestaat uit zogenaamde platte beenderen
A
Anatomie
B
Fysiologie

Slide 7 - Quiz

Je hart pompt bloed door je lichaam
A
Anatomie
B
Fysiologie

Slide 8 - Quiz

Het DNA bevat?
A
Genetisch materiaal
B
Erfelijk materiaal
C
Water met opgeloste stoffen
D
Eiwitten

Slide 9 - Quiz

De cel is van binnen opgevuld met

Slide 10 - Open question

De cel heeft energie nodig voor de eiwitproductie. Wat is de belangrijkste energiebron voor je lichaam?
A
Koolhydraten
B
Glucose
C
Zetmeel
D
Suiker

Slide 11 - Quiz

Hoeveel chromosomen bevat een menselijke celkern

Slide 12 - Open question

Wat is mitose?
A
Speciale celdeling
B
Gewone celdeling

Slide 13 - Quiz

wat is meiose
A
Speciale celdeling
B
Gewone celdeling
C
Deling geslachtscellen

Slide 14 - Quiz

Wat is een ander woord voor dekweefsel?

Slide 15 - Open question

Wat is een functie van dekweefsel/epitheel?

Slide 16 - Open question

Noem 3 soorten dekweefsel:

Slide 17 - Open question

Waar vinden we geen éénlagig dekweefsel?
A
Urinewegen en spijsverteringstelsel
B
Longblaasjes en haarvaten

Slide 18 - Quiz

Waar vind je meerlagig dekweefstel?
A
Opperhuid
B
Luchtwegen

Slide 19 - Quiz

Waar vinden we het klierepitheel?
A
speekselklieren
B
alvleesklier
C
Allebei zijn goed
D
Allebei zijn fout

Slide 20 - Quiz

Wat is primaire preventie?

Slide 21 - Mind map

Noem 2 voorbeelden van primaire preventie

Slide 22 - Open question

Welke typen weefsels worden tot de bindweefsel gerekend?
A
vetweefsel kraakbeen bot ,zenuwweefsel
B
zenuwweefsel, vetweefsel, kraakbeen en bot
C
kraakbeenweefsel, botweefsel en spierweefsel,
D
Vetweefsel, botweefsel en bloed en lymfe

Slide 23 - Quiz

Wat is draagkracht?

Slide 24 - Open question

Wat is draaglast?

Slide 25 - Open question

Wat doet het afweersysteem?
A
De puzzel die opgelost moet worden om het virus te vinden
B
Het zijn goede cellen die vechten tegen slechte cellen

Slide 26 - Quiz

Wat doet het afweersysteem bij hooikoorts?

Slide 27 - Open question

Bij een auto-immuumziekte worden lichaamseigen cellen aangevallen
A
waar
B
niet waar

Slide 28 - Quiz

Wat gebeurt er bij een auto-immuunziekte?

Slide 29 - Open question

Wat is de betekenis van progressief?

Slide 30 - Mind map

Wat is een complicatie

Slide 31 - Open question

Wat betekent remissie

Slide 32 - Open question

Wat betekent recidief

Slide 33 - Open question

Endogene oorzaak
A
Binnenuit
B
Buitenaf

Slide 34 - Quiz

Exogene oorzaak
A
Binnenuit
B
Buitenaf

Slide 35 - Quiz

Wat is een parasiet?
A
Wormen in je darmen
B
Teek
C
Malariamug
D
Alle antwoorden zijn goed

Slide 36 - Quiz

Wat is een besmetting?
A
Dat iemand je ziek maakt
B
dat bacteriën en virussen je lichaam binnen komen
C
dat je afweerstoffen maakt
D
dat bacteriën en virussen je beschermen

Slide 37 - Quiz

Welke 5 kenmerken heeft een ontsteking

Slide 38 - Mind map

Waarom is een kwaadaardige tumor gevaarlijk?

Slide 39 - Open question

Op welke 2 manieren kan een tumor behandeld worden?

Slide 40 - Open question