Voorkennis bloed, anemie en stolling

Uit welke 2 onderdelen bestaat bloed?
1 / 42
next
Slide 1: Open question
Zorg en WelzijnMBOStudiejaar 1

This lesson contains 42 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

Uit welke 2 onderdelen bestaat bloed?

Slide 1 - Open question

Sleep de juiste omschrijvingen naar de juiste bloedcel.
zuurstoftransport
Rode bloedcel
Witte bloedcel
Bloedplaatje
erytrocyt
Leukocyt
Trombocyten
Bescherming ziekteverwekkers
Stolling

Slide 2 - Drag question

Slide 3 - Slide

Waar worden nieuwe bloedcellen gemaakt?

Slide 4 - Open question

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Welke gezondheidsprobleem krijgt een zorgvrager met te weinig erytrocyten?
A
bloedarmoede (anemie)
B
ontsteking
C
bloedingen
D
stolsels

Slide 7 - Quiz

Slide 8 - Slide

Hoe onderzoekt een arts of iemand anemie heeft?

Slide 9 - Open question

Slide 10 - Slide

Welke klachten passen bij een anemie?

Slide 11 - Mind map

Slide 12 - Slide

Wat is juist?
A
Anemie is altijd aangeboren
B
Anemie is soms aangeboren
C
Anemie is nooit aangeboren

Slide 13 - Quiz

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Slide

Welke 3 onderdelen zie je?

Slide 20 - Open question

Slide 21 - Slide

Slide 22 - Slide

Slide 23 - Slide

Slide 24 - Slide

Sleep de juiste omschrijving naar de juiste fase.
Vasoconstrictie
Trombocytenaggregatie
Fibrineprop
Venauwing van bloedvat
bloedplaatjes plakken aan elkaar
vorming van fibrinedraden

Slide 25 - Drag question

Welke 2 problemen krijg je als je stolling niet goed werkt?

Slide 26 - Open question

Slide 27 - Slide

Welke behandeling bij te weinig stolling?
Tip: denk aan welke onderdelen je nodig hebt voor stolling!

Slide 28 - Open question

Slide 29 - Slide

Slide 30 - Slide

Sleep de juiste omschrijving naar de juiste term
Trombus
Embolus
Stolsel vast aan bloedvat
losgeschoten stolsel
Trombosebeen
longembolie

Slide 31 - Drag question

Slide 32 - Slide

Wat is een bekende aandoening bij teveel stolling?

Slide 33 - Open question

Slide 34 - Slide

Slide 35 - Slide

Welke complicatie kan optreden bij een trombosebeen?

Slide 36 - Open question

Slide 37 - Slide

Slide 38 - Slide

Wat heb je nu geleerd over anemie en stollingsstoornissen?
Wat wil je zeker onthouden?

Slide 39 - Slide

Leerdoelen behaald?

De student:
legt uit wat de pathologie van anemie is en de symptomen, oorzaken en behandeling van anemie zijn.
legt uit wat de symptomen van stollingsstoornissen zijn en hoe het wordt behandeld.

Slide 40 - Slide

Sleep de juiste omschrijvingen naar de juiste bloedcel.
zuurstoftransport
Rode bloedcel
Witte bloedcel
Bloedplaatje
erytrocyt
Anemie
Leukocyt
Infecties
Trombocyten
Bloedingen 
Stolsels
Bescherming ziekteverwekkers
Stolling

Slide 41 - Drag question

Erytro-
cyten
Stolling
ijzer
EPO
Intrinsieke factor
Vitamine K
Vitamine B6 en B12
Foliumzuur (B11)
Fibrinogeen
Trombocyten
Stollingsfactoren

Slide 42 - Drag question