Voeding en sport: energie in balans

Voeding en sport: energie in balans

1 / 28
next
Slide 1: Slide
New lesson editorSport en bewegenTertiary Education

This lesson contains 28 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

Voeding en sport: energie in balans

Wat weet je al over voeding en daarnaast specifiek voeding in combinatie met sport?

Lesdoel

Aan het eind van deze les kun je uitleggen hoe voeding, energiebalans en het type sport samenhangen, en kun je voedingsadvies geven aan sporters.

Wat is de energiebalans?

De energiebalans is het verschil tussen de energie-inname via voeding en het energieverbruik door het lichaam.

Rustmetabolisme

Het rustmetabolisme is de hoeveelheid energie die je lichaam in rust gebruikt. Dit vormt het grootste deel van je dagelijkse energieverbruik.

PAL-waarde

De PAL-waarde (Physical Activity Level) is belangrijk om je totale dagelijkse energiebehoefte (in calorieën) te bepalen door je ruststofwisseling (BMR) te vermenigvuldigen met je activiteitsniveau.

Het helpt bij het bereiken van een gezond gewicht (afvallen/aankomen) door inzicht in je verbruik

Hoe bereken je je totale energieverbruik?
De PAL-waarde is een factor die je kiest op basis van je dagelijkse activiteiten. De stappen zijn:

  1. Bereken de BMR (ruststofwisseling): Dit is de energie die je nodig hebt in rust, gebaseerd op lengte, gewicht, leeftijd en geslacht.

  2. Bepaal je PAL: Schat in hoe actief je bent (zie tabel).

  3. Vermenigvuldig: BMR x PAL= totale behoefte




Hoe bereken je je energieverbruik?

2. Activiteitenfactor (PAL-waarde)

Vermenigvuldig het rustmetabolisme met de activiteitenfactor afgestemd op inspanningstype.

Gebruik formules zoals Harris-Benedict of Mifflin-St. Je gewicht, lengte, leeftijd en geslacht zijn bepalend.


1. Rustmetabolisme

Mannen:
Basaal Metabolisme = 88.362 + (13.397 x massa in kg) + (4.799 x lichaamslengte in cm) – (5.677 x leeftijd in jaren)


Vrouwen:
Basaal Metabolisme = 447.593 + (9.247 x massa in kg) + (3.098 x lichaamslengte in cm) – (4.330 x leeftijd in  jaren)

Totale energieverbruik berekenen

Je berekent het totale energieverbruik door de ruststofwisseling te vermenigvuldigen met de PAL-waarde.

Het dagelijkse activiteitenpatroon wordt ook wel je ‘physical activity’ level genoemd (PAL-waarde).


De jongeman van 20 jaar heeft een ruststofwisseling van 1740 kcal. Stel dat deze jongeman studeert, maar daarnaast redelijk actief is door veel op de fiets te doen en regelmatig te staan of te lopen. Zijn PAL-waarde is dan ongeveer 1,5.


Zijn verbruik komt dan op 1,5 X 1740 = 2610 kcal.

MET of PAL?

  1. PAL-waarden; Met PAL (Physical Activity Level)-waarden kun je een schatting maken van hoeveel energie je lichaam dagelijks nodig heeft. Door je rustmetabolisme te vermenigvuldigen met de gekozen PAL-waarde, krijg je een inschatting van jouw energiebehoefte. PAL-waarden zijn in basis een gemiddelde berekening van hoeveel energie iemand op basis van a) MET-waarden en b) een bepaalde leefstijl, op een dag verbruikt. In die zin hebben ze een groot deel van het werk dus al voor je gedaan. Maar zeker als er een groot verschil zit in hoe actief je bent van dag tot dag, kunnen ze lastig zijn om mee te werken.


  1. MET-waarden; Een tweede manier om te schatten hoeveel energie je lichaam nodig heeft, is aan de hand van MET-waarden. Hierbij kijk je per activiteit hoeveel energie het kost. Deze methode is nauwkeuriger dan de methode met PAL-waarde, maar vergt ook wat meer werk.


  1. Je zou ook kunnen kiezen voor een middenweg. Selecteer dan de PAL-waarde die van toepassing is op jouw minst actieve dagen en neem deze als basis. Op dagen waarop je veel meer beweegt, bijvoorbeeld door te sporten of doordat je die dag veel hebt gewandeld, gedanst of gefietst, vul je de caloriebehoefte die je voor jezelf hebt berekent met de PAL-waarde aan met het extra verbruik door deze activiteiten op basis van de MET-waarden.

Inspanning en energieverbruik

Tijdens sporten verbruik je extra energie. Het soort sport bepaalt hoeveel extra energie je nodig hebt.


Hiervoor kan je de MET-waardes gebruiken:


Formule

Energieverbuik per minuut = [MET-waarde] x 3,5 x [gewicht in kg] / 200

Sportbeoefening

In het voorbeeld van de 20-jarige jongeman met een ruststofwisseling van 1740 kcal en een PAL-waarde van 1,5 komt het energieverbruik zonder sportbeoefening uit op 2610 kcal. Nu sport deze 20-jarige jongeman vrij veel. Hij voetbalt en traint tweemaal per week 1,5 uur en speelt een wedstrijd van 1,5 uur.

Het energieverbruik voor zijn sportbeoefening komt hiermee op: 7 X 4,5 X 68 = 2142 kcal. Dit verbruikt hij wekelijks. Per dag verbruikt hij 306 kcal met sportbeoefening.

Zijn totale energieverbruik komt hiermee op 2916 kcal.t

Voorbeeld: energieverbruik per sport

Kracht (zoals fitness)

Iets minder calorieën, meer eiwitbehoefte.

Duurzaam (zoals hardlopen)

Veel calorieverbruik, vraagt om extra koolhydraten.

Hydratatie: essentieel voor sporters

Goede hydratatie is belangrijk voor sportprestaties en herstel.


Water volstaat, tenzij de inspanning intensief of langer dan een uur is.


Hydratatie tijdens en na sport: Richtlijnen

  • Voor de training: Drink 2-4 uur voor de inspanning ongeveer 300-600 ml water.

  • Tijdens de training: Drink regelmatig kleine hoeveelheden (150-250 ml elke 15-20 minuten) om uitdroging te voorkomen.

  • Na de training: Drink binnen een uur minstens 500 ml tot wel 1,5 liter water per kilogram verloren lichaamsgewicht.

  • Controle: Check de kleur van je urine; lichtgeel is een teken van goede hydratatie.

  • Dorst: Wacht niet tot je dorst hebt, want dan ben je eigenlijk al te laat.


Wanneer heb je supplementen nodig?

A

Tijdens intensieve training

B

Bij een tekort aan voedingsstoffen

C

Altijd, ongeacht je dieet

D

Bij elke maaltijd

Wanneer heb je supplementen nodig?

Meestal is een gezond voedingspatroon voldoende. Supplementen kunnen nodig zijn bij tekorten of specifieke doelen, maar zijn geen vervanger voor basisvoeding.

Herstel na inspanning

Na inspanning is het belangrijk om koolhydraten en eiwitten aan te vullen voor optimaal herstel.

Energiebehoefte en timing

Verdeling van energie over de dag en rondom de training is cruciaal voor prestaties en herstel.


Energiebehoefte en Timing

  • Vóór de training (2-3 uur): Een uitgebalanceerde maaltijd met koolhydraten (brandstof) en eiwitten (spierbescherming) is ideaal.

  • Kort voor de training (1-2 uur): Kies voor licht verteerbare koolhydraten zoals een banaan, rijstwafels of een kleine snack om de maag niet te zwaar te belasten.

  • Tijdens de training:

    • < 90 minuten: Meestal is water voldoende.

    • > 90 minuten of hoge intensiteit: Koolhydraten (bijv. sportdrank, gel) zijn essentieel om prestaties te behouden.

  • Na de training (binnen 1-2 uur): Eiwitten (20-40 gram) zijn cruciaal voor spierherstel, samen met koolhydraten om de glycogeenvoorraad aan te vullen.

Reflectie: je eigen situatie

Hoe ziet jouw voedingspatroon eruit op een trainingsdag? Waar denk je dat verbetering mogelijk is?

Opdracht

Aan de slag!

Bedenk een voedingsadvies voor een sporter uit jouw favoriete sport, rekening houdend met energiebalans, rustmetabolisme en hydratatie.

Gebruik evt. onderstaande tool om voor jezelf of een andere sporter tot een mooi advies te komen!

Mijn eetmeter

https://mijn.voedingscentrum.nl/nl/eetmeter/


Mijn Eetmeter is een eetdagboek waarin je dagelijks invult wat je eet en drinkt. Er staan ruim 100.000 producten in Mijn Eetmeter. De tool laat zien of je voldoende voedingsstoffen en energie binnenkrijgt. Ook kun je per dag bekijken hoeveel jij eet uit de Schijf van Vijf én erbuiten. Voor de producten buiten de Schijf van Vijf reiken we gezondere alternatieven aan. Zo werk je stapje voor stapje aan een (nog) gezonder eetpatroon.


Je krijgt in Mijn Eetmeter een voedingsstoffen-advies (inclusief kilocalorieën) en een Schijf van Vijf-advies.

Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Debatonderwerpen: voeding en sport

Debatonderwerpen over voeding en sport

  1. Hoe beïnvloedt voeding sportprestaties?

  2. Is vegetarisch eten beter voor sporters?

  3. Moet suiker worden verboden in sportdranken?

  4. Zijn supplementen nodig voor optimale sportprestaties?

  5. Heeft fastfood een plaats in het dieet van atleten?

  6. Kunnen energiedrankjes sportprestaties verbeteren?

  7. Is biologische voeding essentieel voor sporters?

  8. Hoe belangrijk is hydratatie tijdens het sporten?

  9. Moeten sporters een specifiek dieet volgen?

  10. Is ontbijt de belangrijkste maaltijd voor sporters?

Samenvatting; Voeding en sport: energie in balans

Vandaag hebben we geleerd over de relatie tussen voeding, energiebalans en sport. Aan het einde van de les kun je uitleggen hoe deze elementen samenhangen en voedingsadvies geven aan sporters.


De energiebalans

De energiebalans is het verschil tussen de energie die je binnenkrijgt via voeding en het energieverbruik van je lichaam. Het rustmetabolisme is de hoeveelheid energie die je lichaam in rust gebruikt en vormt het grootste deel van je dagelijkse energieverbruik.


Berekening van energieverbruik

  1. Rustmetabolisme: Bereken met formules zoals Harris-Benedict, gebaseerd op gewicht, lengte, leeftijd en geslacht.

  2. Activiteitenfactor (PAL-waarde): Vermenigvuldig het rustmetabolisme met de PAL-waarde, afgestemd op je inspanningsniveau.


Hydratatie en voedingssupplementen

Goede hydratatie is essentieel voor sportprestaties en herstel. Supplementen zijn meestal niet nodig, maar kunnen nuttig zijn bij specifieke doelen of tekorten.


Timing van energie-inname

Vóór, tijdens en na de training is het belangrijk om je energie-inname goed te timen voor optimale prestaties en herstel. Eet bijvoorbeeld 2-3 uur vóór de training een uitgebalanceerde maaltijd en vul na de training koolhydraten en eiwitten aan.

Woordenlijst over voeding en sport

  • Activiteitenfactor (PAL-waarde): Een getal dat aangeeft hoe actief je bent, gebruikt om je totale energieverbruik te berekenen.

  • Basaal metabolisme: De hoeveelheid energie die je lichaam in rust verbruikt.

  • Energiebehoefte: De hoeveelheid energie (calorieën) die je dagelijks nodig hebt om je lichaam te laten functioneren.

  • Energiebalans: Het verschil tussen de energie die je via voeding binnenkrijgt en de energie die je lichaam verbruikt.

  • Energieverbruik: De energie die je lichaam gebruikt voor alle activiteiten, inclusief rust en beweging.

  • Hydratatie: Het proces van voldoende drinken om je lichaam goed gehydrateerd te houden.

  • Koolhydraten: Een belangrijke bron van energie, vooral tijdens langdurige of intensieve inspanning.

  • Rustmetabolisme: De energie die je lichaam in rust verbruikt om vitale functies te ondersteunen.

  • Supplementen: Extra voedingsstoffen die je kunt nemen als aanvulling op je dieet, vaak niet noodzakelijk bij een gebalanceerd dieet.

  • Voedingsadvies: Aanbevelingen over wat en wanneer te eten om je gezondheid en sportprestaties te optimaliseren.