Nederlands H1 woordenschat woordbetekenissen

1 / 16
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1,2

This lesson contains 16 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Een synoniem is...
A
het zelfde woord, andere betekenis.
B
een ander woord, zelfde betekenis.

Slide 7 - Quiz

Sleep het juiste synoniem 
naar het goede woord.
begrijpen
blessure
eenvoudig
gemakkelijk
snappen
verwonding

Slide 8 - Drag question

Zoek de synoniemen.
afwezig
nadoen
aansteken
ongetwijfeld
absent
zeker
besmetten
imiteren

Slide 9 - Drag question


Wat is geen tegenstelling?
A
Traag - Langzaam
B
Boven - Onder
C
Laag - Hoog
D
Gevaarlijk - Veilig

Slide 10 - Quiz

Wat is een tegenstelling?
A
Langzaam en snel
B
Lief en schattig
C
Mooi en meisje

Slide 11 - Quiz

Wat zijn tegenstellingen?
A
Woorden die het tegenovergestelde betekenen
B
Woorden die hetzelfde betekenen

Slide 12 - Quiz

Slide 13 - Video

4
timer
15:00

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide