Feedback herhalingstoetsen

Feedback herhalingstoetsen
7VJHO - Gedragswetenschappen
Mevrouw van Loon
2025-2026
1 / 29
next
Slide 1: Slide
GedragswetenschappenSecundair onderwijs

This lesson contains 29 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Feedback herhalingstoetsen
7VJHO - Gedragswetenschappen
Mevrouw van Loon
2025-2026

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Herhaling
Volledigheid = jouw antwoord is niet volledig genoeg om (alle) punten te krijgen. 

Relevantie = jouw antwoord sluit niet (volledig) aan bij de vraag (lees: jouw antwoord is fout).

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Tip: lees de instructies/vragen steeds volledig en goed

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Tip: lees de instructies/vragen steeds volledig en goed

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Tip: analyseer de vraag stapsgewijs 

Bij verband/vergelijkingsvragen gebruik je best de tussenstappen zoals gezien in H4!


Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Tip: analyseer de vraag stapsgewijs 
De volgende kaders helpen je hierbij:

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Tip: gebruik al het materiaal

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Tip: wees volledig genoeg 
(kijk naar het aantal punten)

(staat op 6 punten)

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Tip: geef concreet antwoord op de vraag
Tip: let op 'extreme' woorden zoals 'altijd', 'nooit', 'uitsluitend', ...

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Verbandvragen

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Leg het verband uit tussen opvoeding als transactioneel proces (H1) en het model van Belsky (H2).

Slide 11 - Slide

BLOEM/VIOLETTA LATEN UITWERKEN AAN BOD

Opvoeding als transactioneel proces: wederzijdse beïnvloeding tussen kind en opvoeder (0.5/0.5)
Opvoeding als transactioneel proces: gebeurt in interactie met de omgeving. (0/0.5)
Model van Belsky; sociaal-contextueel procesmodel van opvoeding (BONUS)
Model van Belsky: In dat model bracht hij determinanten van ouderlijk gedrag in kaart. (0/1)
Verband: Belsky ging ervan uit dat opvoeding tweerichtingsverkeer is. Er is wederzijdse beïnvloeding tussen opvoeder en kind. Het is dus een transactioneel model. (0.5/0.5)
Verband: Links in het model staan beïnvloedende ouderfactoren: hun eigen kindertijd, hun persoonlijkheid, partnerrelatie en job. (0/0.5)
Verband: Rechts staan de kindfactoren. (0/0.5)
Verband: Ook het sociale netwerk speelt een rol (0/0.5)
Op welke manier komt het belang van opvoeden (H1) aan bod in de visie van Langeveld (H2)?

Slide 12 - Slide

AHMAD/OLEKSII LATEN UITWERKEN AAN BORD (of Farah)

Belang van opvoeden: Opvoeding is noodzakelijk, want een mens is hulpeloos bij de geboorte (1/1)
Langeveld: binnen geesteswetenschappelijke pedagogiek (0/0.5)
Langeveld: Met aanleg alleen komt het kind er niet; handelen van de opvoeder doet ertoe (eerste principe) (1/1)
Verband: Beide benadrukken dat opvoeders essentieel zijn voor menselijke ontwikkeling (0.5/0.5)
Hoe komt het idee van individualisering uit hoofdstuk 1 terug in het balansmodel?

Slide 13 - Slide

AHMAD/OLEKSII LATEN UITWERKEN AAN BORD 

Individualisering betekent dat elk kind uniek is en een andere aanpak nodig heeft (0/1)
Omdat elk kind en elk gezin een andere combinatie van draagkracht en draaglast heeft en dus een aangepaste aanpak nodig is. (1/1)
Resultaten enquête
leerstofoverzicht is duidelijk, leuke thema's/hoofdstukken, uitgebreider antwoorden, verbanden leggen is moeilijk maar oefening baart kunst, veel uitleg en hulp

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Vragen/bezorgdheden/...
Geef elkaar tips!

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

De verschillen tussen de pedagogische modellen en stromingen zijn soms moeilijk uit elkaar te houden, vooral welke kenmerken bij welk model horen.

ik zou graag een tips of trukjes willen hoe ik de hoofstukken en opgestomde model of theorie gemakkelijk kan verwerken en niet door elkaar zou halen. Want sommige theorie wordt zo precies verdiept waardoor we als leerling gemakkelijk kunnen verwarren en de theorie door elkaar halen.

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

De verbanden leggen, en sommige dingen leren te begrijpen en niet alleen te kennen.

ZEER WAARDEVOL!!

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Het minst leuke onderdeel vond ik het behoefteondersteunend opvoeding van Vansteenkiste en Soenens. Ik vond het soms moelilijk om de verschillende behoeften en bouwstenen uit elkaar te houden.

Hoe moet ik alle bouwstenen, basisbehoeften, kind- en ouderfactoren enzovoort leren zodat ik die snel zal kunnen opsommen en weten wat die inhouden?



Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Waar hebben jullie nood aan?
Ik wil extra oefeningen
Eens 7
Mag maar hoeft niet 5
Ik wil samen de leerstof overlopen
Eens 5
Mag maar hoeft niet 7
Ik wil specifieke inhoudelijke vragen kunnen stellen
Eens 2
Mag maar hoeft niet 3
Oneens 6
Ik wil tips over studieplanning en -technieken
Eens 8
Mag maar hoeft niet 4
Ik wil tijd om zelfstandig voor te bereiden
Eens 6
Mag maar hoeft niet 5
Oneens 1

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Oefeningen
Nieuwe autoriteit (Omer) + verbanden

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Zijn het bio-ecologisch model en het balansmodel transactioneel? Leg zo volledig mogelijk uit waarom wel/niet.

Slide 21 - Slide

NIEMAND VOLLEDIG JUIST, ALS OPDRACHT GEVEN?

Hoofdstuk 1 stelt dat opvoeding een transactioneel proces is. (0/0.5)
Dit wilt zeggen dat er een wederzijdse beïnvloeding is tussen de drie actoren (0/0.5)
Dit komt duidelijk terug in het bio‑ecologisch model, waarin ontwikkeling wordt gezien als wederzijdse beïnvloeding tussen kind en omgeving (1/1)
en tussen de verschillende systemen onderling. (0/1)
In het balansmodel komt het transactionele terug in het evenwicht/wisselwerking tussen draaglast (risicofactoren) en draagkracht (beschermende factoren) (1/1)
die verspreid zijn over de drie niveaus (wat overeenkomt met de drie actoren uit hoofdstuk 1) (0/1)
Het bio-ecologisch model en balansmodel werken rond een gedeeld thema. Leg uit wat ze gemeenschappelijk hebben en op welke manier ze verschillen.

Slide 22 - Slide

NIEMAND VOLLEDIG JUIST, ALS OPDRACHT GEVEN?

Beide modellen benadrukken het belang van de omgeving. (0/1)
Het bio‑ecologisch model van Bronfenbrenner bekijkt de omgeving als een geheel van vier systemen die samen de ontwikkeling van het kind beïnvloeden. (1/1)
Het balansmodel focust daarentegen op het evenwicht tussen risicofactoren en beschermende factoren binnen het kind en haar/zijn omgeving. (1/1)
Beide modellen erkennen het belang van context, maar leggen een ander accent: Bronfenbrenner structureert de omgeving, terwijl het balansmodel de kwetsbaarheid en draagkracht binnen die omgeving benadrukt. (0/1)
Op welke manier sluit het behoefteondersteunend model aan bij de geesteswetenschappelijke pedagogiek? Leg het verband zo volledig mogelijk uit.

Slide 23 - Slide

NIEMAND VOLLEDIG JUIST, ALS OPDRACHT GEVEN? (evt Bloem)

Geesteswetenschappelijke pedagogiek: er is veel aandacht voor de individuele beleving en leefwereld van het kind. (0/1)
Geesteswetenschappelijke pedagogiek: De opvoeder past zich daaraan aan. (0/0.5)
Behoefteondersteunend model: dimensie van autonomieondersteunend vs. controlerend opvoeden (0/0.5)
Behoefteondersteunend model: grondhouding zegt dat ouders moeten vertrekken vanuit het kind. (0/1)
Behoefteondersteunend model: Ze proberen zo goed mogelijk aansluiting te vinden bij hun leefwereld en zienswijze. (0/0.5)
Verband: beiden gaan uit van de individuele beleving en leefwereld. (0/0.5)
Hoe zie je individualisering (H1) terug in het gezinspedagogisch model? Leg het verband zo volledig mogelijk uit.

Slide 24 - Slide

NIEMAND VOLLEDIG JUIST, ALS OPDRACHT GEVEN? (evt Oleksii of Amelia)

Gezinspedagogisch model: opvoeding is afstemming tussen pedagogische vraag en aanbod (0/1)
Gezinspedagogisch model: pedagogische vraag wordt bepaald door kindfactoren en basisbehoeften (1/1)
Individualisering: elk kind is uniek (0.5/0.5)
Individualisering: individualisering betekent dat je de opvoeding moet aanpassen (0/0.5)
Verband: de pedagogische vraag (bepaald door kindfactoren en behoeften) en het pedagogisch aanbod (bepaald door ouder-/opvoederfactoren) zien er voor iedereen anders uit dus werkt niet elke aanpak/opvoeding voor iedereen. Dit komt op hetzelfde neer als individualisering van H1. (0/1)
Het gezinspedagogisch en behoefteondersteunend model werken rond een gedeeld thema. Leg uit hoe dit gedeeld thema aan bod komt in de twee modellen en waarin ze verschillen.

Slide 25 - Slide

NIEMAND VOLLEDIG JUIST, ALS OPDRACHT GEVEN? (evt Oleksii of Amelia)

Gedeeld thema: basisbehoeften (0/1)
Gezinspedagogisch model: basisbehoeften komen aan bod binnen pedagogische vraag (1/1)
Gezinspedagogisch model: affectie, structuur, ondersteuning, sociale noden (0/0.5)
Gezinspedagogisch model: elk kind heeft ze maar kunnen een andere invulling hebben (0/0.5)
Behoefteondersteunend model: drie basisbehoeften/vitamines staan centraal in dit model (0/1)
Behoefteondersteunend model: autonomie, verbondenheid, competentie (bonus) (0.5/0.5)
Behoefteondersteunend model: basisbehoeften worden gezien als de motor voor de ontwikkeling van kinderen (0/0.5)
Behoefteondersteunend model: universeel en van even groot belang (0/0.5)
Verschil: in gezinspedagogisch model bepalen de basisbehoeften mee de pedagogische vraag terwijl behoefteondersteunend model echt vertrekt vanuit basisbehoeften (hebben een centralere rol) (0/0.5)
Mijn rapport volgens jullie

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Slide 29 - Slide

This item has no instructions