Spelling 3.8

3.8 Spelling 
  • Je leert hoofdletters correct te gebruiken
  • Je leert waar je een apostrof, trema en accenttekens gebruikt
  • Je leert wat een spellingchecker is

Maar nu eerst lekker lezen :)
timer
15:00
1 / 14
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

This lesson contains 14 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

3.8 Spelling 
  • Je leert hoofdletters correct te gebruiken
  • Je leert waar je een apostrof, trema en accenttekens gebruikt
  • Je leert wat een spellingchecker is

Maar nu eerst lekker lezen :)
timer
15:00

Slide 1 - Slide

Spellingtypes
wat voor type ben jij ?
A
spellingkwijler Jij vindt spelling echt fantastisch !
B
spellingglijder Jij baalt echt van spelling. Je probeert het, maar vindt het lastig
C
spellingmijder Jij steekt je kop in het zand; je doet gewoon maar wat en hoopt op een goede afloop

Slide 2 - Quiz

De verdachte (worden)..... gisteren (herkennen) ...

A
wordt/herkent
B
wordt/herkend
C
werd/herkend
D
werd/herkent

Slide 3 - Quiz

toen hij een taxi (hebben)... (bestellen)
A
had/bestelt
B
had/besteld

Slide 4 - Quiz

(Vinden) ... je dat goed gedrag moet worden (belonen) ... ?
A
vind/beloont
B
vind/beloond
C
vindt/beloont
D
vindt/beloond

Slide 5 - Quiz

Slide 6 - Slide

Welke zin is goed geschreven?
A
's Nachts komt de vampier.
B
'S nachts komt de vampier.

Slide 7 - Quiz

Met of zonder hoofdletter?
A
December
B
december

Slide 8 - Quiz

Met of zonder hoofdletter?

een kerstkaart
A
wel met hoofdletter
B
niet met hoofdletter

Slide 9 - Quiz

Met of zonder hoofdletter?

de efteling
A
wel met hoofdletter
B
niet met hoofdletter

Slide 10 - Quiz

Met of zonder hoofdletter?
A
paashaas
B
Paashaas

Slide 11 - Quiz

Met of zonder hoofdletter?
A
Pinksteren
B
pinksteren
C

Slide 12 - Quiz

Met of zonder hoofdletter?
A
Amsterdam
B
amsterdam

Slide 13 - Quiz

Huiswerk Spelling 3.8

  • oefen met Test Jezelf spelling 3.8
  • oefen met Versterk Jezelf 3.8

Slide 14 - Slide