6.1 Een wereldeconomie

Wat was de aanleiding voor de ontdekkingsreizen? (tijdvak 5)

A

De val van Constantinopel verminderde de toegankelijkheid tot het Aziatische handelsnetwerk

B

de technische vooruitgang bij de bouw en navigatie van schepen

C

de wil om vreemde volken te bekeren tot het christelijke geloof

D

Na eeuwen van lockdown kon je weer reizen.

1 / 40
next
Slide 1: Quiz
New lesson editorGeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

This lesson contains 40 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min
Report this lesson

Items in this lesson

Wat was de aanleiding voor de ontdekkingsreizen? (tijdvak 5)

A

De val van Constantinopel verminderde de toegankelijkheid tot het Aziatische handelsnetwerk

B

de technische vooruitgang bij de bouw en navigatie van schepen

C

de wil om vreemde volken te bekeren tot het christelijke geloof

D

Na eeuwen van lockdown kon je weer reizen.

Wat is Renaissance? (tijdvak 5)

A

Italiaans voor middeleeuwen

B

Strijd tussen keizer en paus

C

Bloeiperiode van de kunst

D

Ander woord voor Romeinse tijd

Wat betekent Reformatie? (Tijdvak 6)

A

Daar zijn de gereformeerden lid van.

B

Periode waarin mensen de rooms katholieke kerk wilden veranderen.

C

Aanhanger van christelijke godsdienst die uit protest werd opgericht.

D

Burgerlijke bestuurder van een stad of gewest.

(tijdvak 6) Het tijdvak van regenten en vorsten duurt van .... tot .....

A

500 - 1000 n. Chr.

B

1000 - 1500 n. Chr.

C

1500 - 1600 n. Chr.

D

1600 - 1700 n. Chr.

Als we het hebben over het Tijdvak van Regenten en Vorsten dan hebben we het over de......................... eeuw (Tijdvak 6)

A

15e eeuw

B

16e eeuw

C

17e eeuw

D

18e eeuw

                       Tijdvak 6: regenten & vorsten     

  • 1600-1700: regenten & vorsten

  • Onderwerpen:

  1. Ontstaan van een Wereldeconomie (6.1)

  2. De Gouden eeuw (6.2)

  3. Het absolutisme (6.3)

  4. Wetenschappelijke revolutie (6.4)

Tijdvak 5.. 

Tijdvak 6: werken in expertgroepen 

1.  Jullie gaan zelf aan de slag met hoofdstuk 6 
2. Eerst maak je een groep van 3. 3. Binnen de stamgroep spreek je in 2 minuten een taakverdeling af: ieder wordt expert van de            eigen leerstof

     Leerling 1:  Een wereldeconomie 

     Leerling 2: De gouden eeuw van Nederland 

     Leerling 3: Het absolutisme 

     Leerling 4: De wetenschappelijke revolutie 

Tijdvak 6: werken in expertgroepen 

4. Alle afgevaardigden van de groepjes gaan bij elkaar zitten (alle nummers 1 bij elkaar, alle nummers 2 bij elkaar, etc.). 

Iedere groep gaat m.b.v. het boek en (eventueel het internet) zoveel mogelijk informatie verzamelen over de eigen deelparagraaf (35 minuten) 

5. Je maakt als groep een presentatie van minimaal 3 slides over jullie paragraaf. 

6. Na de 20 minuten keren jullie terug naar de stamgroep en wissel je in volgorde informatie uit: 
Ieder groepslid vertelt in 4 minuten wat hij/zij heeft geleerd. De andere groepsleden nemen dit over en stellen vragen. 

7. Docent geeft aan wanneer het tijd is om te wisselen. 



6.1  Een Wereldeconomie

Aan het eind van deze lessenserie kun jij: 

  • de rol van de moedernegotie in de economie van de Republiek benoemen.

  • Uitleggen hoe de VOC ontstond en welke rechten deze onderneming had.

  • Uitleggen wat handelskapitalisme en een wereldeconomie is en

  • de rol van de Republiek in deze wereldeconomie benoemen

Kenmerkend aspect 

Wereldwijde handelscontacten, handelskapitalisme,    en het begin van een wereldeconomie


Handelskapitalisme

  • In de Late Middeleeuwen ontstonden in de Nederlanden en Italië rijke handelssteden

  •  Kooplieden investeerden hun geld in handel (en daaraan verbonden bedrijfstakken) 

  • Deze handel was internationaal, maar wel binnen Europa. Uitzondering: specerijenhandel

Graantekort leidt tot bloeiende handel 

  • Ook de noordelijke Nederlanden (later de Republiek) handelden veel

  • Nederland was niet geschikt voor landbouw (te veel water) 

  • Voor Nederland was graanhandel in het Oostzeegebied het meest belangrijk 

  • Daarom wordt dit de moedernegotie genoemd =

  • Moeder der alle handel 

Moedernegotie

Voor veilige doorgang door Sont moest saluutschot gegeven worden + belasting betaald op basis dekbreedte

Hollanders losten dit op met het Fluitschip: een smal dek met breed ruim (400-500 ton) en slechts 10 bemanningsleden. 

Waarde Moedernegotie in 1636

Naar hedendaagse maatstaven kun je dit bedrag met een factor 200 vermenigvuldigen. 

De winsten van de moedernegotie maakte het mogelijk dat handelaren naar verre oorden trokken om Aziatische producten te verkrijgen

Portugal had het monopolie op specerijenhandel en was onderdeel van Spanje. Om toch aan specerijen te komen organiseerden Nederlandse handelaren zelf expedities naar het 'Oosten'. 

Cornelis de Houtman's 'Eerste Schipvaart' (1595-1597)


Concurrentie leidt tot VOC 

  • Naast de Oostzeehandel was handel met Azië belangrijk

  • Hiervoor werden handelscompagnieën opgericht

  • Maar succes leidde tot eigen ondergang!

  • Veel concurrentie --> prijsstijgingen in Azië + lagere verkoopprijzen in Europa 

  • Staten-Generaal greep in 

  • 1602: alle handelscompagnieën samen in Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC). 

Aan het eind van deze les kun jij:

  • Minimaal 2 rechten van de VOC benoemen, en

  • Uitleggen waarin de VOC en WIC van elkaar verschilden én overeenkwamen

  • Kun jij een beargumenteerde mening geven over de vraag of Jan Pieterszoon Coen een standbeeld verdient.

'De eerste multinational ter wereld' 

VOC krijgt handelsmonopolie 'in het Oosten' 

Werken voor VOC erg impopulair

  • 3 jaar weg, geronseld of ontvoerd in de kroeg

  • Ziekten als scheurbuik

  • Angst voor zinkend schip

  • Straffen 

handel beschermen

De VOC mocht:

  1. Verdragen afsluiten met vorsten.

  2. Oorlog voeren en forten bouwen

  3. Gebieden besturen

  4. vijandelijke schepen kapen


Het handelsnetwerk van de VOC

  • VOC bouwde factorijen Azië en Afrika. Centrum: Batavia op Java


  • Bijvoorbeeld:

  • Met zilver kochten zij zijde in bijvoorbeeld China.

  • Dit ruilde zij in voor specerijen in de Molukken.

  • Dit werd in Nederland weer verkocht voor zilver.

Het Handelsnetwerk van de VOC

  • Kruidnagel en Muskaatnoten groeide alleen op de Molukken.

  • Het lukte de VOC om de Portugezen, Spanjaarden en Engelsen te verjagen.

  • Uiteindelijk dwong de VOC de Molukkers alleen aan de VOC te verkopen.

  • Wie dat niet deed werd vermoord, uitgehongerd of als slaaf weggevoerd.

Succes van VOC leidde tot WIC

  • Voor de handel rond de Atlantische Oceaan werd de West-Indische Compagnie (WIC) opgericht

  • In eerste instantie gericht op kaapvaart: het dwarszitten van de Spaanse handel.

  • De WIC had factorijen aan de kusten van:

  • West-Afrika
    Amerika

  • Na de vrede met Spanje was de trans-Atlantische driehoekshandel de meest belangrijke inkomstenbron.


  • De WIC ging aan handel in slaafgemaakten doen.



Historische vaardigheid:
Standplaatsgebondenheid

Er wordt mee aangegeven dat ieders denken en handelen bepaald worden door de positie die wordt ingenomen ten opzichte van anderen en door persoonlijke ervaringen.

  • In verschillende momenten in de tijd wordt er anders over iemand gedacht.

  • Wat als we de manier waarop we iemand herdenken in conflict komt met hedendaagse waarden en normen?

Actiegroep 'de Grauwe Eeuw' bekladt monumenten in Hoorn (2016)


Jan Pieterszoon Coen, een omstreden figuur 

In deze les gaan wij een antwoord formuleren op de vraag:
Jan Pieterszoon Coen, held of schurk?

Lees het artikel: 'Moet standbeeld JPC weg?' https://www.rtlnieuws.nl/nieuws/nederland/artikel/5158391/jp-coen-standbeeld-hoorn-tunnel-protest-voc-we-promise

  1. Maak de taken op het vragenblad

  2. Formuleer een onderbouwde mening op de vraag: Verdient JPC volgens jou een standbeeld?