Thema C - les 1

  • Telefoon in de telefoontas
  • Spullen op tafel (boek, schrift, pen)
  • Laptop dicht op de hoek van je tafel
1 / 39
next
Slide 1: Slide
NederlandsSpeciaal OnderwijsLeerroute 3

This lesson contains 39 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

  • Telefoon in de telefoontas
  • Spullen op tafel (boek, schrift, pen)
  • Laptop dicht op de hoek van je tafel

Slide 1 - Slide

Wat gaan we doen?

  • Thema C - Kunst
  • Introductieopdracht
  • Mening beoordelen
  • Gedichten bekijken en beoordelen

Slide 2 - Slide

Doelen
Ik kan mijn mening over kunst formuleren.
Ik kan meningen en argumenten op waarde schatten.

Slide 3 - Slide

Thema C - Kunst
Paragraaf 1 - Uit de kunst (blz 158/159)
Maak opdracht 1 (alleen of in tweetallen)

Slide 4 - Slide

Meningen beoordelen

Slide 5 - Slide


Kunst is voor de rijken.
Als iets in een museum hangt, is het kunst.
Kunst geeft zin aan het leven.

Slide 6 - Poll

Filmpje over kunst
Kijkersvragen:
Aan het begin van het filmpje komt een aantal leerlingen aan het woord over de vraag wat kunst is. Welke mening vind jij het meest overtuigend, die van Mees, die van Luuk of die van Isabelle? Leg uit.

Welke redenen worden er in het filmpje gegeven om iets kunst te noemen?

Slide 7 - Slide

  • Telefoon in de telefoontas
  • Spullen op tafel (boek, schrift, pen)
  • Laptop in je tas

Slide 8 - Slide

Wat gaan we doen?
Thema C - Kunst
  • Terugblik
  • Actief lezen
  • Gedichten bekijken en beoordelen

Slide 9 - Slide

Doelen
Ik kan mijn mening over kunst formuleren.
Ik kan meningen en argumenten op waarde schatten.
Ik kan een tekst actief lezen.
Ik kan mijn mening onder woorden brengen en onderbouwen met argumenten.

Slide 10 - Slide

Terugblik

Slide 11 - Slide

Waarde van een mening bepalen
  • Wie geeft de mening? Is de spreker een deskundige? Iemand die door zijn studie of baan veel over het onderwerp weet, kan zijn mening waarschijnlijk beter onderbouwen dan een willekeurige voorbijganger of een talkshowgast die toevallig aan dezelfde tafel zit.
  
  • Heeft de spreker belang bij het onderwerp? Iemand kan bewust alleen de informatie geven die past bij wat hij wil bereiken, en feiten die daar niet bij passen, weglaten of minder belangrijk laten lijken.

  • Let op de inhoud. Brengt de spreker zijn mening duidelijk onder woorden en onderbouwt hij deze met goede argumenten?

Slide 12 - Slide

Vandaag: actief lezen

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Opdracht 4

Slide 15 - Slide

Opdracht 4

Bekijk de afbeelding en beschrijf in 25-50 woorden wat er volgens jou te zien is.

Slide 16 - Slide

Opdracht 4
Samen lezen tekst 3 (164/165)

Lees alinea 1 t/m 4 nogmaals en noteer voor elke alinea (in de kantlijn) in maximaal twee woorden waar iedere alinea over gaat.

Slide 17 - Slide

Opdracht 4
Op welke manier wordt de Arc de Triomphe bekleed?


Slide 18 - Slide

Opdracht 4
Lees alinea 5 t/m 8 nogmaals en noteer voor elke alinea (in de kantlijn) in maximaal twee woorden waar iedere alinea over gaat.

Slide 19 - Slide

Opdracht 4
Hoe zorgden de makers voor 'beweging' in het werk?

Waarom pakten Christo en Jeanne-Claude gebouwen in?

Wordt een kunstwerk een nieuw kunstwerk wanneer je het laat inpakken? Licht toe.

Slide 20 - Slide

  • Telefoon in de telefoontas
  • Spullen op tafel (boek, schrift, pen)
  • Laptop in je tas

Slide 21 - Slide

Wat gaan we doen?
Thema C - Kunst
  • Onderwijs Anders Week
  • Terugblik
  • Par. 4 Niet zomaar iets


Slide 22 - Slide

Onderwijs Anders Week
Maandag:  Openluchtmuseum Arnhem

  • 8:15 uur op school, verzamelen in lokaal 12
  • 16:00 uur weer terug op school
  • Speurtocht in groepjes 
  • Daarna vrij rondlopen door het museumpark

Slide 23 - Slide

Groepjes
1. Mette, Noa, Nimke, Elin
2. Fay, Sara, Aniek, Febe
3. Annemijn, Fleur, Eef, Esmee
4. Moos, Jurre, Platon, Robin
5. Jonah, Daan, Pieter
6. Sam, Thijmen, Rowin
7. Jasper, Victor, Edwin, Max
8. Jelte, Mats, Kean
9. Mart, Chris, Armin

Slide 24 - Slide

Onderwijs Anders Week
Dinsdag: triathlon

  • 11:00  - 14:30 uur
  • Let goed op waar je moet zijn en hoe laat
  • Zie ook Magistermail

Slide 25 - Slide

Onderwijs Anders Week
Woensdag:  Cultuurdag

  • 12:30 - 15:15 uur
  •  Verschillende workshops
  • Zie ook Magistermail

Slide 26 - Slide

Onderwijs Anders Week
Je ontvangt vandaag via Magistermail:
-de brief over de OAW die naar alle ouders is verstuurd
-nogmaals de informatie over de excursie naar het Openluchtmuseum
-de groepsindeling voor de speurtocht

Slide 27 - Slide

Doelen
Ik kan mijn mening over kunst formuleren.
Ik kan meningen en argumenten op waarde schatten.
Ik kan een tekst actief lezen.
Ik kan mijn mening onder woorden brengen en onderbouwen met argumenten.
Ik kan reflecteren op het onderwerp van een fictieve tekst.

Slide 28 - Slide

Terugblik

Slide 29 - Slide

Waarde van een mening bepalen
  • Wie geeft de mening? Is de spreker een deskundige? Iemand die door zijn studie of baan veel over het onderwerp weet, kan zijn mening waarschijnlijk beter onderbouwen dan een willekeurige voorbijganger of een talkshowgast die toevallig aan dezelfde tafel zit.
  
  • Heeft de spreker belang bij het onderwerp? Iemand kan bewust alleen de informatie geven die past bij wat hij wil bereiken, en feiten die daar niet bij passen, weglaten of minder belangrijk laten lijken.

  • Let op de inhoud. Brengt de spreker zijn mening duidelijk onder woorden en onderbouwt hij deze met goede argumenten?

Slide 30 - Slide

Slide 31 - Slide

Vandaag: fictie

Slide 32 - Slide

Tekst 1
Wat is kunst? 
(NN blz 167 + schrift/pen)


Slide 33 - Slide

POËZIE

Slide 34 - Slide

Je leert:
  • een mening te vormen over gedichten van anderen
  • wat de kenmerken van gedichten zijn
  • hoe je zelf verschillende soorten gedichten schrijft

Slide 35 - Slide

Startopdracht
  • We lezen samen een aantal gedichten
  • Twee- of drietallen: bekijk de gedichten 
  • Maak een volgorde van makkelijk naar moeilijk

Slide 36 - Slide

Startopdracht
  • Twee- of drietallen: bekijk de gedichten
  • Maak een volgorde van mooi naar minst mooi

Slide 37 - Slide

Gedichten
Wat maakt een gedicht een gedicht?

Kun je een aantal kenmerken noemen?

Slide 38 - Slide

Gedichten
  • vrije vorm van creatief schrijven
  • gedicht bestaat uit versregels
  • versregels bij elkaar noem je een strofe
  • je herkent strofes door witregels 
  • bijna elke gedicht kent rijm
  • veel gedichten bevatten herhaling
  • vaak worden er vergelijkingen gemaakt

Slide 39 - Slide