Onomatopee

1 / 22
next
Slide 1: Slide
TaalMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes, text slides and 4 videos.

time-iconLesson duration is: 69 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

  • Deel vooraf de werkbladen uit.
  • Start de les met de vraag: welke van deze twee figuren is 'kiki' en wie is 'bouba'. 
  • Opschrijven op werkblad. Kom je later op terug.

Slide 2 - Video

This item has no instructions

Welk geluid maakt dit dier?

Slide 3 - Mind map

Maak een woordweb. Kan via LessonUp. Kan ook op het bord.
Welk geluid maakt dit dier?

Slide 4 - Mind map

Maak een woordweb. Kan via LessonUp. Kan ook op het bord.
Welk geluid maakt dit dier?

Slide 5 - Mind map

Maak een woordweb. Kan via LessonUp. Kan ook op het bord.
1. Signaleren

Wat hebben de woorden pieppiep,  kukeleku en miauw met elkaar te maken? 

Slide 6 - Slide

Er is een verband tussen deze woorden. Alle woorden bootsen een klank na. Doen de klank van een dier na. Dit is een bijzonder verschijnsel in taal: onomatopee.


Een woord dat een klank nabootst.

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Slide 8 - Video

This item has no instructions

2. Voorbeelden verzamelen

Welke voorbeelden van deze klanknabootsingen kun je nog meer bedenken? 

Slide 9 - Slide

Vraag aan de klas. Ken je nog meer van dat soort woorden? Zet de volgende slides in als ze niet tot antwoorden komen.

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Onomatopeeën
Klanknabootsingen;
Ze komen vooral voor in stripverhalen en in het dierenrijk;
Sommige werkwoorden zijn van een onomatopee afgeleid (piepen, miauwen, blaffen, grommen);
Vaker dan andere woorden bestaan ze alleen uit medeklinkers (brrrr, pffff, zzzzz).

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Zegt een haan in het Engels ook kukeleku?

Slide 16 - Mind map

Vraag aan de klas. Introduceer het filmpje met dierengeluiden. Leerlingen schrijven eerst de geluiden in het Nederlands op - vervolgens in het Engels.

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Slide 18 - Video

This item has no instructions

Slide 19 - Video

This item has no instructions

Slide 20 - Slide

Antwoorden bespreken.

Slide 21 - Slide

Kom terug op de startvraag en leg uit dat waar je dit testje ook ter wereld doet - iedereen kiest 'kiki' voor het scherpe figuurtje en 'bouba' voor het ronde vormpje. Klanken roepen een beeld, een gevoel op. 
Kiki klinkt scherp, koud en hard. 
Bouba klinkt zacht, warm en rond.
Bedenk een nieuw product
  1. Maak een tweetal.
  2. Bedenk samen een nieuw product dat nog niet bestaat.
  3. Geef het product een naam (denk aan kiki en bouba).
  4. Vul de vragen in op het werkblad.
  5. Schrijf een reclametekst voor je product.

Klaar? Maak één van de extra opdrachten op je werkblad.

Slide 22 - Slide

This item has no instructions