H2.6 Geld Lenen en Kopen op Krediet

Deze les

  • Huiswerk bespreken: rekentrainers blz. 74 en 75

  • uitleg 2.6

  • huiswerk 2.6

1 / 19
next
Slide 1: Slide
New lesson editorEconomieMiddelbare schoolvmbo g, t, mavoLeerjaar 3

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Deze les

  • Huiswerk bespreken: rekentrainers blz. 74 en 75

  • uitleg 2.6

  • huiswerk 2.6

Geld Lenen en Kopen op Krediet


Leerdoelen

Je weet wat kopen op krediet is.

Je kent de begrippen:

  • koop op afbetaling

  • doorlopend krediet

  • persoonlijke lening

  • kredietlimiet

  • huurkoop

  • leasing

Wat weet je al over geld lenen en kopen op krediet?

Kopen op Krediet

Kopen op krediet betekent dat je een product koopt en pas later betaalt, vaak met rente.

Koop op Afbetaling

Bij koop op afbetaling betaal je het product in termijnen, inclusief rente, totdat het volledig is afbetaald.

Doorlopend Krediet

Een doorlopend krediet is een flexibele leenvorm waarbij je tot een bepaald bedrag kunt lenen.

Persoonlijke lening

Je sluit een lening af voor de afbetaling van dure consumptiegoederen, zoals een caravan, nieuwe keuken of badkamer. Je sluit de lening af bij de verkoper. Tegenwoordig zijn er ook een hoop bedrijven die een krediet willen verstrekken.

Kredietlimiet

Een kredietlimiet is het maximale bedrag dat je kunt lenen binnen een kredietovereenkomst.

Huurkoop

Bij huurkoop huur je een product en betaal je in termijnen. Pas na de laatste betaling wordt het product jouw eigendom.

Leasing

Bij leasing huur je een product voor een langere periode, meestal zonder de intentie om het product uiteindelijk te bezitten.

Risico's van Geld Lenen

Geld lenen kost extra geld door de rente die je moet betalen over het geleende bedrag.

Risico's van Huren en Leasen

Bij huren of leasen is het risico dat het product niet volledig van jou is en eerder kapot kan gaan dan dat het afbetaald is.




Huiswerk

H2 paragraaf 6 opdracht: 1, 2, 3, 5, 7, 8, 9 en 10 > huiswerk voor donderdag 17-10.



Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.