KT1 Les 2 M9 Infectieziekten en afweer

KT1 Infectieziekten 
1 / 19
next
Slide 1: Slide
Anatomie Fysiologie PathologieMBOStudiejaar 3

This lesson contains 19 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

KT1 Infectieziekten 

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Lesdoelen
1. De student heeft kennis van de meest in Nederland voorkomende infectieziekten.
2. De student kent de meest voorkomende behandelmethoden van infectieziekten.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Wat betekenen de volgende woorden ook al weer?
A. Ontsteking         F. Infiltraat             K. Sepsis
B. Commensaal    G. Pus/etter           L. Koorts
C. Pathogeen         H. Abces                 M. Dolor/Rubor/Tumor/Calor/ Functio                                                                                           laesa 
D. Incubatietijd      I. Fistel                      N. Lymfocytose
E. Virulentie             J. Leukocytose      O. Immuniteit 

Slide 3 - Slide

Zie Hoofdstuk 7.2.1 en 7.2.2. Inleiding medische kennis

Commensale bacteriën zijn micro-organismen die van nature in of op de gastheer aanwezig zijn, bijvoorbeeld de E. Coli-bacterie in het darmkanaal van mensen. Het zijn nuttige bacteriën. 

Pathogeen: schadelijke bacteriën.

Leukocystose: toegenomen aantal leukocyten obv bacteriële infectie.

Lymfocytose: is wanneer er in het bloed veel lymfocyten aanwezig zijn obv een virusinfectie. De witte bloedcellen (lymfocyten) gaan de strijd aan met het virus. Denk aan opgezette lymfeklieren. 

Virulentie: de mate van ziekmakend vermogen
Zet bij de volgende ziektebeelden de juiste ziekteverwekker.
(Is dit een bacterie, virus, schimmels, gisten, wormen of protozoa? (amoebe) 
Furunkel              Influenza                             Aarsmade
Kinkhoest           Acute darminfectie         Candida albicans
Pneumonie        Varicella zoster                 Giardia lamblia
Erysipelas           Herpes simplex
Ziekte van Lyme  Mononucleosis infectiosa

Slide 4 - Slide

Zie hoofdstuk 7 Inleiding medische kennis

Furunkel (steenpuist): bacterie
Kinkhoest: bacterie
Pneumonie: bacterie
Erysipelas: bacterie
Ziekte van Lyme: bacterie

Influenza: griep: virus
Darminfectie: virus
Varicella zoster: virus
Herpes simplex: virus
Mononucleosis infectiosa (ziekte van Pfeiffer)

Candida albicans: schimmels
Giardia lamblia: protozoa amoeben - eencellige diertjes. 

Aan de slag
Werken in Expertgroepen (7) om de stof te herhalen. 
Hiervoor heb je nodig:
-Boek Geneesmiddelenkennis
-De volgende dia's in de Lessonup

Slide 5 - Slide

De eerste ronde 7 groepen die met de verschillende opdrachten aan het werk gaan.

De tweede ronde: nieuwe groepen waarvan in elke groep min. 1 uit de oude groep zit. 

De derde ronde: ruimte om vragen te stellen of nog ontbrekende antwoorden te vinden met elkaar.

Dan weer klassikaal: welke vragen zijn er nog?
Alle antwoorden staan in het boek!

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Slide 9 - Slide

diarree is ook een bijwerking

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Voorbeeld
aciclovir

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Amoebicide middelen
Bijv. metronidazol en mebendazol

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Amoebicide middelen
=Stoffen die worminfecties bestrijden. 
Zowel de aarsmade als de spoelworm worden behandeld met Mebendazol.
Zelfzorgmiddel
Advies goed kauwen en niet gebruiken onder de 2 jaar. 

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Permetrine
wordt ook gebruikt als Trichomonacide middel.

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Slide 19 - Slide

This item has no instructions