6.4 Is de schatkist goed gevuld? Deel 1

Verwachtingen vandaag!
  • Mijn boek ligt open op paragraaf: 6.4 blz. 196
  • Ik heb alleen de benodigde spullen op tafel: Boek, etui en rekenmachine.
  • Als ik wat wil zeggen steek ik mijn hand op
  • Als de docent praat ben ik stil
  • Ik respecteer een ander en zijn eigendommen
1 / 14
next
Slide 1: Slide
EconomieVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

This lesson contains 14 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Verwachtingen vandaag!
  • Mijn boek ligt open op paragraaf: 6.4 blz. 196
  • Ik heb alleen de benodigde spullen op tafel: Boek, etui en rekenmachine.
  • Als ik wat wil zeggen steek ik mijn hand op
  • Als de docent praat ben ik stil
  • Ik respecteer een ander en zijn eigendommen

Slide 1 - Slide

Leerdoelen herhalen
  • Je kunt uitleggen waarom de overheid subsidie geeft en accijns heft.
  • Je kunt twee voorbeelden van niet-belastingontvangsten noemen. 

Slide 2 - Slide

6.4 Is de schatkist goed gevuld? Deel 1
H1 Economie is meer dan geld

Slide 3 - Slide

Leerdoelen herhalen
  • Je kunt uitleggen wat de rijksbegroting is.
  • Je kunt uitleggen wat de rijksbegroting en de miljoenennota met elkaar te maken hebben.
  • Je kunt het verschil benoemen tussen een begrotingstekort en een begrotingsoverschot. 

Slide 4 - Slide

Rijksbegroting
  • De overheid maakt ieder jaar een begroting
  • Elke derde dinsdag van september op Prinsjesdag leest de koning de troonrede voor.
  • Hierin staan de plannen van de regering voor komend jaar.
  • De regering maakt dan ook de rijksbegroting bekend.
  • Dat is een overzicht van de verwachte inkomsten en uitgaven van het Rijk voor het komende jaar.

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Miljoenennota
  • De overheid moet keuzes maken: waar geef je geld aan uit een waaraan niet?
  • Als de overheid meer geld wil besteden aan onderwijs, moet ze bezuinigen op bijvoorbeeld de aanleg van wegen.
  • Bij de rijksbegroting hoort de miljoenennota. Dit is een toelichting op de rijksbegroting.
  • Hierin legt de regering uit welke keuzes zij gemaakt heeft.
  • De regering mag haar plannen uitvoeren na goedkeuring ervan door de Eerste en Tweede Kamer.

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Begrotingstekort en -overschot
  • Als de overheid meer uitgeeft dan inkomsten verwacht, heeft ze een begrotingstekort
  • Dat kan voorkomen worden door te bezuinigen op de uitgaven, of door het verhogen van de belastingen. 
  • Als de overheid in een jaar meer inkomsten dan uitgaven verwacht, is er een begrotingsoverschot.
  • De overheid kan dan kiezen waaraan ze het begrotingsoverschot wil besteden. Bijvoorbeeld meer geld geven aan de zorg of schulden terugbetalen.

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

Aan het werk!
Maken opdrachten 6.4: 2, 12 en 13 (omcirkelen)
Rekenopdracht: 7

Opdrachten laten controleren bij de docent, bij goedkeuring nakijken.
Nagekeken werk laten controleren bij de docent, bij goedkeuring:
  • Maken plusopdrachten Hoofdstuk 6
  • Bezig met een ander vak
  • Lezen

 

timer
25:00

Slide 13 - Slide

Leerdoelen herhalen
  • Je kunt uitleggen wat de rijksbegroting is.
  • Je kunt uitleggen wat de rijksbegroting en de miljoenennota met elkaar te maken hebben.
  • Je kunt het verschil benoemen tussen een begrotingstekort en een begrotingsoverschot. 

Slide 14 - Slide