Week 3. (Les 2). Schijf van vijf en voedingstoffen

1 / 39
next
Slide 1: Slide
Zorg en WelzijnMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 3,4

This lesson contains 39 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 140 min
Report this lesson

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Startklaar
  • Welkom Klas! 
  • Ga allemaal op je plek zitten. 
timer
3:00

Slide 2 - Slide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Schijf van vijf en voedingsstoffen 

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

JdW-kijkwijzer
Lesopbouw:

  1. Vooraf:
    Startklaar, Voorkennis activeren, Formatief Handelen

  2. Instructie:
    Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden, Formatief Handelen

  3. Toepassing:
    Actieve verwerking, Formatief handelen 

  4. Evaluatie:
    Afsluiting

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Terugblik 

Slide 6 - Mind map

2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen. 
           Leerdoelen
Aan het einde van de les kan je: 
  • R: De vijf vakken van de Schijf van Vijf en belangrijke voedingsstoffen benoemen.
  • T1: Uitleggen waarom je verschillende voedingsstoffen nodig hebt.
  • T2: Voedingsmiddelen in het juiste vak van de Schijf van Vijf plaatsen.
  • I: Een maaltijd beoordelen en uitleggen hoe je deze gezonder kunt maken.

Slide 7 - Slide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
Schijf van vijf

Slide 8 - Mind map

This item has no instructions

Slide 9 - Slide

De Schijf van Vijf van het Voedingscentrum is het officiële Nederlandse voorlichtingsmodel dat laat zien wat je het beste kunt eten en drinken voor een gezond lichaam.


Het Voedingscentrum heeft op 9 april 2026 de vernieuwde Schijf van Vijf gepresenteerd. De bekende vijf visuele vakken blijven hetzelfde, maar de adviezen zijn flink aangescherpt. In de nieuwe richtlijnen spelen duurzaamheid (milieubelasting) en voedselveiligheid (zoals blootstelling aan PFAS en zware metalen) een even grote rol als de eigen gezondheid. Het algemene advies verschuift hiermee naar een meer plantaardig eetpatroon
Veranderingen door trends en ontwikkelingen:

  • Plantaardige voeding
  • Duurzaam eten
  • Bewust eten
  • Voedselallergieën en intoleranties
  • Meer gemak

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Regels Schijf van Vijf 
  1. Eet gevarieerd: kies uit alle vakken.
  2. Eet niet te veel en beweeg: let op porties en beweging.
  3. Kies gezonde vetten: minder verzadigd, meer plantaardig.
  4. Eet genoeg groente, fruit en volkoren.
  5. Eet veilig: let op hygiëne en houdbaarheid.

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Veilig Eten 
Adviezen van het Voedingscentrum:


Kopen
Let op de houdbaarheid.
Wassen 
Was je handen, keukengereedschappen en groenten en fruit.
Scheiden 
Scheid rauw en gaar eten van elkaar. 
Verhitten 
Verhit warm eten goed, vooral vlees, kip, vis, schaal- en schelpdieren.
Koelen 
Bewaar producten die snel kunnen bederven in de koelkast

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Voedingsgewoonten 
Voedingsgewoonten zijn wat we regelmatig eten en drinken, en worden beïnvloed door onze cultuur en herkomst.

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Vegetariërs en Veganisten 
Een vegetariër: eet geen vlees of vis maar wel zuivel en eieren.
Een veganist: eet helemaal geen dierlijke producten.
Een flexitariër: eet af en toe geen vlees of vis


Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Voedingsstoffen en middelen 
Voedingsmiddelen: alle producten die je eet of drinkt.
Voedingsstoffen: de bruikbare bestandsdelen uit voedingsmiddelen.

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Hieronder staan een aantal voedingsmiddelen en voedingsstoffen. Sleep de woorden naar de juiste groep.
voedingstoffen
voedingsmiddel
<b>voedingstoffen</b>
<b>voedingsmiddel</b>
vetten
tofu 
thee
koolhydraten
eiwitten
appel
volkorenbrood
mineralen
vitaminen 
kaas

Slide 16 - Drag question

This item has no instructions

Functies voedingsstoffen 
Voedingsstoffen hebben verschillende functies. Voorbeelden zijn:
  • opbouw van ons lichaam;
  • het regelen van lichaamsprocessen;
  • energie geven aan het lichaam.

Je lichaam heeft energie nodig om:
  • te bewegen;
  • te werken;
  • je lichaamstemperatuur op 37 ⁰C te houden.





Slide 17 - Slide

Mondeling toevoeging: 

In alles wat je eet zit energie, deze energie wordt gemeten in kilocalorieën (Kcal) of kilojoules (KJ). Meestal wordt hiervoor (kilo)calorieën gebruikt.
Energiebalans 
Energiebalans betekent dat je evenveel energie binnenkrijgt als je verbruikt.



  • Eet je regelmatig meer dan je nodig hebt, dan kom je aan.
  • Eet je regelmatig te weinig, dan val je af.

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Macrovoedingsstoffen

Macrovoedingsstoffen: zijn de brandstof voor het lichaam.
Macrovoedingsstoffen leveren energie, ze bevatten calorieën.

  • Eiwitten
  • Koolhydraten
  • Vetten   

Slide 19 - Slide

Mondeling toevoeging 
- Het lichaam heeft veel macrovoedingstoffen nodig 
Eiwitten 
Eiwitten zijn nodig als bouwstof voor de lichaamscellen 

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Koolhydraten

Koolhydraten geven je lichaam energie (brandstof).



Koolhydraten zitten in 
  • brood
  • ontbijtgranen
  • aardappelen
  • peulvruchten
  • groente 
  • graanproducten zoals rijst, pasta en couscous.

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Vetten 
Vet geeft je energie en is een brandstof voor je lichaam. 



Slide 22 - Slide

mondeling: 
Je hebt vet nodig, maar niet te veel.
Microvoedingsstoffen

Het lichaam heeft minder microvoedingsstoffen nodig. Ze leveren geen energie
maar zijn nodig voor veel processen in het lichaam.

  • Vitaminen
  • Mineralen

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

Vitaminen en Mineralen 
Vitamines en Mineralen  geven geen energie.

Vitaminen 
  • Vetoplosbare vitamines: A, D, E en K. Die kan je lichaam opslaan.
  • Wateroplosbare vitamines: B1 t/m B12 en C. Die moet je elke dag aanvullen.

    Mineralen 
  • Mineralen zorgen voor gezondheid, groei en ontwikkeling.
  • Van spoorelementen heb je maar weinig nodig.
  • Je lichaam maakt zelf geen mineralen.

Slide 24 - Slide

Mondeling 
Wateroplosbare vitamines: Je lichaam kan deze stoffen
niet goed vasthouden en daarom moet je ze dagelijks
aanvullen.

Water en vezels 
Water en vezels zijn nog twee belangrijke bestanddelen van voeding.
  • Water voor de vochtbalans en het transport van voedingstoffen.
  • Vezels zorgen voor een vol gevoel en helpen bij de stoelgang.

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Etiketten 

  1. Naam
  2. Lijst van ingrediënten en additieven
  3. Allergenen
  4. Voedingswaarde
  5. Netto hoeveelheid
  6. Houdbaarheid
  7. THT (ten minste houdbaar tot)
    TGT (te gebruiken tot)
  8. Naam en adres fabrikant/producent
Land van oorsprong of plaats van herkomst

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Ingrediënten
Waar het product van gemaakt is.
Het ingrediënt dat er het meest in zit, staat vooraan. 



Slide 27 - Slide

This item has no instructions

De fabrikant
Zodat je weet waar je terechtkunt als je een vraag of een klacht hebt.

Bereidingswijze
Hoe je het moet klaarmaken.

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Houdsbaarheidsdatum
  • TGT: te gebruiken tot
  • Staat op verse producten
  • Na deze datum mag je het product niet meer gebruiken. Het kan bedorven zijn.

  • THT: ten minste houdbaar tot
  • Staat op langer houdbare producten
  • Na de THT-datum is het product vaak minder lekker

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Op het etiket staan ook allergenen
Allergenen zijn stofjes die allergische reacties kunnen geven. Ze komen het lichaam binnen via het eten. 

Allergenen moeten vermeld staan op het product.

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

Hoe moet je een verpakking weggooien?
Uit sommige producten kunnen weer nieuwe producten gemaakt worden. 

Dit heet recyclen. 

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Keurmerk 
Een keurmerk is:  een logo op een product waarmee de fabrikant een bepaalde kwaliteit van dat product belooft.

Slide 32 - Slide

Mondeling vertellen 

- Afkomstig van biologisch dynamische landbouw
- Dierenwelzijn, natuur en milieu
- Uitgangspunt samenhang tussen mens, plant, dier, bodem en kosmos. 
Keurmerken
Zie pagina 74 in je boek 

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Voedingssupplementen 
Voedingssupplementen zijn bedoeld als aanvulling op de dagelijkse voeding.
Deze producten hebben verschillende vormen, zoals: pillen, poeders, druppels,
capsules of drankjes.

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

Geloof en Voeding 
Islam 
geen varkensvlees/alcohol, halal vlees, ramadan.
Jodendom 
koosjer eten, geen melk & vlees samen, vastendagen.
Hindoeïsme
vaak vegetarisch, vegetarisch bij feesten, vasten bij rituelen.
Boeddhisme 
meestal vegetarisch, geen verslavende producten.
Christendom
eten alles. vasten tussen carnaval en Pasen.

Slide 35 - Slide

koosher: gespleten hoeven
Aan de slag
Werksheet: Dagmenu (45 min) 

Wie: Alleen 
Hoe: Lees de instructie goed door en maak de opdracht op je computer 
Klaar?: Inleveren via Somtodat/ Teams. 

Praktijk: Keurmerk opdracht. (35 min) 






timer
35:00
timer
45:00

Slide 36 - Slide

Keurmerk opdracht.

Kies zelf of je de leerling allen of in skills groep dit opdracht laat maken. Terug te vinden in de bijlagen. 

LET OP!!: NIET dubbelzijdig printen 
Terugkijken 
op de leerdoelen
Ik kan: 
  • R: de vijf vakken van de Schijf van Vijf en belangrijke voedingsstoffen benoemen.
  • T1: uitleggen waarom je verschillende voedingsstoffen nodig hebt.
  • T2: voedingsmiddelen in het juiste vak van de Schijf van Vijf plaatsen.
  • I: een maaltijd beoordelen en uitleggen hoe je deze gezonder kunt maken.

Slide 37 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.

    Begrippen uit deze les
  • Schijf van vijf
  • Regels van schijf van vijf 
  • Voedingsstoffen 
  • Voedingsmiddel 
  • Voedingsgewoonten 
  • Vegetariërs 
  • Veganisten  
  • Keurmerk 

Slide 38 - Slide

This item has no instructions

Eindslide.

Ruimte voor een afsluitend woord.

Slide 39 - Slide

This item has no instructions