This lesson contains 22 slides, with text slides and 1 video.
Lesson duration is: 80 min
Report this lesson
Items in this lesson
WELKOM V1I!
Susan Zwijns - zwn@sgdc.nl - Mens & Natuur
WELKOM V2F!
Pak je chromebook, etui en agenda
Slide 1 - Slide
WELKOM V1I!
Susan Zwijns - zwn@sgdc.nl - Mens & Natuur
WELKOM V2F!
Ga zitten volgens de plattegrond
Leg je chromebook (dicht) op tafel
Leg je schrift + werkboek + etui op tafel
Leg je tas in de kast
Slide 2 - Slide
Feitje van de dag!
uit hoeveel cellen bestaat een mens?
Slide 3 - Slide
Feitje van de dag!
Volgens New Scientist heeft een gemiddelde volwassen man ongeveer 36 biljoen cellen en een gemiddelde volwassen vrouw ongeveer 28 biljoen cellen. Dit komt vooral door het verschil in lichaamsgrootte en -gewicht.
Slide 4 - Slide
www.technopolis.be
Slide 5 - Link
Regels
Actief meedoen
Aandacht voor elkaar
Als ik praat...
Slide 6 - Slide
Wat gaan we vandaag doen?
1. Knipblad Orgaanstelsels
2. Theorie: Opbouw organisme/ cellen
3. Opdrachten maken
4. Afsluiting
Doelen:
1.1 Ik kan uitleggen hoe een organisme is opgebouwd van molecuul tot organisme.
1.2 Ik leg uit dat organismen ingedeeld worden in planten, dieren, schimmels en bacteriën (de vier rijken) en beschrijf de verschillen hiertussen.
1.3 Ik leg uit dat cellen stoffen actief en passief kunnen opnemen en gebruiken.
1.4 Ik benoem de celkern, het celmembraan en cytoplasma en leg de functie van elk onderdeel uit.
1.5 Ik noem voorbeelden van organen bij dieren en mensen en beschrijf de bouw en functie in 8 verschillende orgaanstelsels.
Slide 7 - Slide
Slide 8 - Video
Orgaanstelsels
Organen
Slide 9 - Slide
Huiswerk nakijken
Knipblad
- Maak het knipblad
- Laat het controleren
- Plak het knipblad in je aantekenschrift
Hulp nodig? kom naar mijn bureau
timer
15:00
Klaar? Lees de rest van de TK door (over cellen en weefsels) Huiswerk!
Slide 10 - Slide
Slide 11 - Slide
1.2 Ik leg uit dat organismen ingedeeld worden in planten, dieren, schimmels en bacteriën (de vier rijken) en beschrijf de verschillen hiertussen
Slide 12 - Slide
Opbouw organisme
Molecuul = Stoffen waaruit alles is opgebouwd.
Cel = Bouwsteen van elk organisme.
Weefsel = Een groep cellen met dezelfde taak.
Orgaan = Een deel van een organisme met een eigen taak.
Orgaanstelsel = Een groep organen die samen werken om een bepaalde taak uit te voeren.
Organisme = Een levend wezen.
Slide 13 - Slide
4 rijken
Organismen kun je verdelen in vier verschillende groepen (rijken).
Dit hangt af van de opbouw van de cellen.
Er zijn overeenkomsten en verschillen tussen de cellen.
Slide 14 - Slide
zoek de verschillen
schrijf in je aantekeningenschrift mee
Molecuul = Stoffen waaruit alles is opgebouwd.
Cel = Bouwsteen van elk organisme.
Weefsel = Een groep cellen met dezelfde taak.
Orgaan = Een deel van een organisme met een eigen taak.
Orgaanstelsel = Een groep organen die samen werken om een bepaalde taak uit te voeren.
Organisme = Een levend wezen.
Slide 15 - Slide
kleinste vorm van leven: de cel
Slide 16 - Slide
kleinste vorm van leven
Om te kunnen leven moet een cel:
- voedingsstoffen kunnen opnemen
- afval kunnen uitscheiden
Slide 17 - Slide
1.3 Ik leg uit dat cellen stoffen actief en passief kunnen opnemen en gebruiken.
opdrachtje!
Slide 18 - Slide
1.3 Ik leg uit dat cellen stoffen actief en passief kunnen opnemen en gebruiken.
Passief: dit kost geen energie, de stoffen stromen van een plek met een hoge concentratie naar een plek met een lage concentratie.
Actief: dit kost energie, de stoffen gaan van een plek met een lage concentratie naar een plek met een hoge concentratie van die stof.
Slide 19 - Slide
Huiswerk nakijken
Hoofdstuk 1
TK: Opbouw organisme
- Open de theoriekaart op de MN website
- Lees de theorie goed door
- Maak de vragen in je werkboek
Hulp nodig? kom naar mijn bureau
timer
10:00
Klaar? kom een Quest halen om te lezen
Slide 20 - Slide
Hoe ging de les?
Hoe vond jij de les?
Welk cijfer geef jij jouw eigen inzet vandaag? (tussen de 1 en de 10)
Heb jij de leerdoelen behaald? Wat heb je geleerd? (begrip?)
Doelen:
1.1 Ik kan uitleggen hoe een organisme is opgebouwd van molecuul tot organisme.
1.2 Ik leg uit dat organismen ingedeeld worden in planten, dieren, schimmels en bacteriën (de vier rijken) en beschrijf de verschillen hiertussen.
1.3 Ik leg uit dat cellen stoffen actief en passief kunnen opnemen en gebruiken.
1.4 Ik benoem de celkern, het celmembraan en cytoplasma en leg de functie van elk onderdeel uit.
1.5 Ik noem voorbeelden van organen bij dieren en mensen en beschrijf de bouw en functie in 8 verschillende orgaanstelsels.
Slide 21 - Slide
Dierlijke cel
Celmembraan: dun vliesje om de cel heen.
Celkern: Regelt alles wat in de cel gebeurt
Celplasma: stroperige vloeistof met opgeloste stoffen die de cel opvult