Burgerschap les 6 module 3

1 / 25
next
Slide 1: Slide
BurgerschapMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

This lesson contains 25 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 70 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

De maatschappij en IK!
Module 1 Kenmerken van democratie

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

              Startklaar
  • Op je plek zitten 
  • Telefoon is thuis of in de kluis 
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui 
timer
3:00

Slide 3 - Slide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.

Slide 5 - Video

This item has no instructions

Terugblik vorige week
1. Wat is een regeringsvorm?
2. Wat is een dictatuur?
3. Wat zijn de gevolgen van een dictatuur?
4. Wat is een democratie?
5. Wat zijn verkiezingen?

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Wat zijn de drie belangrijkste kenmerken van een dictatuur die je hebt geleerd?
A
Geen vrije verkiezingen, verbod van kritiek op de leider, geen vrije pers
B
Vrije verkiezingen, vrijheid van meningsuiting, vrije pers
C
Gelijkheid voor de wet, onafhankelijke rechterlijke macht, vrije pers
D
Geen politie, geen overheid, geen regels

Slide 7 - Quiz

This item has no instructions

Hoe beïnvloedt het ontbreken van vrije verkiezingen de macht van de burgers in een dictatuur?
A
Burgers kunnen maar op één partij stemmen
B
Burgers hebben meer stemrecht
C
Burgers kunnen elke leider afzetten
D
Burgers hebben geen invloed op wetgeving

Slide 8 - Quiz

This item has no instructions

Waarom is het verbod van kritiek op de leider een kenmerk van een dictatuur?
A
Het voorkomt politieke stabiliteit
B
Het versterkt de macht van de leider
C
Het moedigt open discussie aan
D
Het bevordert vrije meningsuiting

Slide 9 - Quiz

This item has no instructions

Slide 10 - Link

I.p.v. lezen heb ik ervoor gekozen om een informatieve video te laten zien. De informatie kunnen de leerlingen verwerken in hun werkboekjes
Leerdoelen
1. Je kent de belangrijkste kenmerken van een democratie

2. Je begrijpt hoe het ontbreken van vrije verkiezingen ervoor zorgt dat burgers minder invloed hebben.

3. Je kunt uitleggen waarom kritiek op de leider verboden is en hoe dit de leider sterker maakt.

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Begrippen
1. Dictatuur 
2. Verkiezingen 
3. Vrije pers
4. Volksvertegenwoordiging
5. Grondwet

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Kenmerken van een democratie
In een democratie hebben mensen invloed op hoe het land wordt bestuurd. Vandaag gaan we het hebben over de vijf belangrijkste kenmerken van een democratie.

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

1. Volksvertegenwoordiging
In een democratie kiezen mensen wie er voor hen beslissingen neemt. Deze mensen heten volksvertegenwoordigers. Ze maken regels en wetten namens de burgers. Zo kunnen de mensen in een land hun mening laten horen via de mensen die ze hebben gekozen.

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

2. De Grondwet
De Grondwet is een boek met de belangrijkste regels van een land. In de Grondwet staat wat wel en niet mag, en welke rechten mensen hebben. Bijvoorbeeld dat je mag zeggen wat je vindt. De Grondwet beschermt mensen en zorgt ervoor dat iedereen eerlijk behandeld wordt.

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

3. Scheiding van de machten
In een democratie heeft niet één persoon alle macht.
De macht is verdeeld in drie groepen:
  1. De wetgevende macht – Deze mensen maken de regels en wetten.
  2. De uitvoerende macht – Deze mensen voeren de regels uit (bijvoorbeeld de regering).
  3. De rechterlijke macht – Deze mensen kijken of iedereen zich aan de regels houdt (de rechters).


Slide 16 - Slide

This item has no instructions

 4. Vrijheid en gelijkheid
In een democratie is iedereen gelijk. Iedereen mag zeggen wat hij of zij vindt en mag zijn wie hij of zij is. Dit betekent ook dat mensen dezelfde kansen krijgen, of je nu rijk of arm bent, of een ander geloof hebt. Dit zorgt ervoor dat iedereen mee kan doen in de samenleving.

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Invloed op vrijheden
In een democratie hebben mensen meer vrijheid.
Ze mogen zelf kiezen wie de baas is en hun mening zeggen.
In een dictatuur mag dat meestal niet, en hebben mensen minder vrijheid.

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Herhaling
1. Wat betekent volksvertegenwoordiging?
2. Wat staat er in de Grondwet?
3. Waarom is het belangrijk dat de macht verdeeld is?
4. Wat betekent vrijheid in een democratie?
5. Wat is het verschil tussen een democratie en een dictatuur?

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Voorbereiding op de eindopdracht
-Groepjes van 4 maken
-Kies een stelling
-Zoek online naar informatie over het onderwerp en argumenten voor je stelling
-Presenteer aan de klas wat je hebt onderzocht (Mag met powerpoint) 

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Stellingen
Thema: Vluchtelingen
Stelling: Mensen die vluchten voor oorlog moeten altijd in Nederland kunnen wonen.

Thema: Integratie (meedoen in de samenleving)
Stelling: Als je in Nederland woont, moet je ook proberen Nederlands te leren.

Thema: Identiteit
Stelling: Iedereen mag zelf bepalen wie hij of zij is, en hoe hij of zij wil leven.

Thema: Samenleven in Nederland
Stelling: Het is belangrijk om respect te hebben voor mensen met een andere afkomst of geloof.

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Slide 22 - Slide

This item has no instructions


Controle vragen
A
a.
B
b.
C
c.
D
d.

Slide 23 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
Samen aan de slag
Checklist:
  • Expliciete instructie voor toepassingsopdracht: wat, hoe, hoe lang, klaar?
  • Afwisseling in oefentypes (herkneden van de lesstof)
  • Eerst voordoen, daarna begeleidt inoefenen, vervolgens zelfstanding en weer samen (ik--wij-jij/jullie-wij)
  • Het leren zichtbaar maken (zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode )
  • Differentiëren waar nodig: heterogeen en flexibel.

Slide 24 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.
      Leerdoelen
Leerdoel:

  • De leerlingen kennen voorbeelden van waarden.
  • De leerlingen kennen de betekenis van de waarden discriminatie, respect, verantwoordelijkheid en rechtvaardigheid.









Slide 25 - Slide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.