Parkinson

12 december 23
ziekte van Parkinson

1 / 25
next
Slide 1: Slide
BspMBOStudiejaar 3

This lesson contains 25 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

12 december 23
ziekte van Parkinson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Wat is parkinson 
De ziekte van Parkinson is de snelst groeiende neurologische aandoening van dit moment. Toch weten we nog weinig van de ziekte. Het is tijd dat we meer kennis en inzicht krijgen. Zodat we parkinson beter kunnen behandelen, genezen en uiteindelijk voorkomen.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Wat zijn de oorzaken? 
Er zijn verschillende oorzaken en die hebben invloed op elkaar. Bij sommige mensen is de ziekte van Parkinson erfelijk. 
Te weinig dopamine
Heb je de ziekte van Parkinson, dan sterven je hersencellen in de zwarte kern (substantia nigra in de hersenstam) langzaam af. Hierdoor maakt je lichaam te weinig dopamine aan. Dopamine hebben we nodig als “boodschapper” in de hersenen. Deze stof maakt dat verschillende zenuwcellen met elkaar kunnen communiceren. Raakt dit proces verstoort, dan heeft dat een grote invloed op onze manier van leven.

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Slide 4 - Link

This item has no instructions

Slide 5 - Video

This item has no instructions

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Slide 12 - Video

This item has no instructions

Maak de opdracht Parkinson 

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Vraag 1:
Zoek uit waarom levodopa wel werkzaam is.

Slide 14 - Open question

Levodopa kan wel door de bloed-hersenbarriere en wordt in de hersenen omgezet in dopamine
Vraag 2:
Waarom is het noodzakelijk dat levodopa wordt gecombineerd met een decarboxylaseremmer?

Slide 15 - Open question

Om te voorkomen dat de levodopa al in het lichaam wordt omgezet in dopamine en dan niet meer door de bloed-hersenbarriere in de hersenen terecht kan komen.
Vraag 3:
Verklaar waarom dit bijwerkingen zijn van levodopa.


Slide 16 - Open question

Een hoog dopaminegehalte in de hersenen kan voor hallucinaties zorgen (daarom wordt bij psychoses ook dopamineantagonisten gegeven) en beïnvloedt het braakcentrum 
Vraag 4:
Waarom is dit noodzakelijk?

Slide 17 - Open question

Dit kan voor patienten heel beangstigend zijn en een reden zijn om met de medicatie te stoppen. 
Vraag 5:
Verklaar waarom dit belangrijke adviezen zijn.



Slide 18 - Open question

levodopa wordt minder goed opgenomen wanneer het met voedsel wordt ingenomen. Het bindt mn aan eiwitten. vandaar dat het ook niet met melk mag worden ingenomen.
Er kan obstipatie veroorzaakt worden

Vraag 6:
Welke informatie vind je zinvol om tijdens een eerste uitgifte gesprek aan de balie te benadrukken en op welke wijze pak je dit aan.

Slide 19 - Open question

Effect van voedsel op de opname en met name eiwitten. Belang therapietrouw. Wijzen op mogelijke bijwerkingen en dat deze meestal van voorbijgaande aard zijn. Bv hallucinaties. Het is goed om te weten wat een patiënt kan verwachten. 
Vraag 7:
Geef een overzicht van dopamine agonisten die bij de ziekte van Parkinson kunnen worden gebruikt.

Slide 20 - Open question

apomorfine, bromocriptine, pergolide, pramipexol, ropinirol en rotigotine 
Vraag 8:
Verklaar waarom dopamine agonisten wel na de maaltijd kunnen worden ingenomen en levodopa niet.


Slide 21 - Open question

Voedsel beinvloed niet de opname van dopamine agonisten 
Vraag 9:
Wat zijn de verschijnselen van rusteloze benen?



Slide 22 - Open question

Het vervelend, branderig, jeukend of krampend gevoel in de benen, meestal in de kuiten en bewegingsdrang mn ‘s nachts 
Vraag 10:
Hoe kan je aan het gebruik van dopamine agonisten zien of ze voor de ziekte van Parkinson of voor rusteloze benen worden gebruikt?

Slide 23 - Open question

frequentie bij restless legs 1x pd en Parkinson 3-6x pd 
Vraag 11:
Verklaar waarom het risico op het kaaseffect bij selegiline en moclobemide minder is dan bij tranylcypromide.


Slide 24 - Open question

Selegiline en moclobemide zijn selectieve MAO-remmers en en remmen de andere MAO niet. Trancylcypromide is niet selectief en remt alle MAO. Daardoor is het risico veel groter op het kaaseffect aangezien er geen enkele MAO meer over is om tyramine om te zetten. Terwijl bij de eerste is er nog een andere MAO over die de tyramine nog kan omzetten, in elk geval een deel. 

Vraag 12:
Wat zou een apotheek nog meer kunnen doen?


Slide 25 - Open question

Uitdrukken medicatie, of baxterrol voor medicatie. Hulpmiddelen verstrekken. Vragen hoe het gaat met de medicatie of er nog problemen zijn met de inname.