Omvormen van formules

Vakantie in Amerika 
1 / 43
next
Slide 1: Slide
WiskundeSecundair onderwijs

This lesson contains 43 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Vakantie in Amerika 

Slide 1 - Slide

Hoe warm is het in Amerika? 
Stel je ziet dat het 20 °C is, hoeveel graden Fahrenheit is dat? 
Je kent enkel de volgende formule: F= 1,8 . C + 32 

Slide 2 - Slide

Hoe warm is het? 
Stel je bent in Amerika en het is 59 °F, je wil graag weten hoeveel graden Celcius dat is. 
Je kent enkel de vorige formule: F= 1,8 . C + 32  

Slide 3 - Slide

Hoe warm is het? 
Kijk in je werkboek op pagina 123 in de groene kader om de oplossing te vinden. 

Slide 4 - Slide

Leerpad 
Jullie nemen zelfstandig de oefeningen in het werkboek door. 
De basisoefeningen staan in het geel en de moeilijkere in het groen
Na elke oefening wordt aangegeven of je geel of groen maakt. 
Probeer zo veel mogelijk eerst zelfstandig en als je iets niet begrijpt, vraag je het aan de leerkracht. 

Slide 5 - Slide

Geogebra
Bekijk de eerste oefening op de website van Geogebra op de volgende slide. 
Om de verschillende stappen te tonen moet je het bolletje naar rechts  slepen. 

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Link

Geogebra 
Sleep het bolletje terug helemaal naar links. 


Sleep het bolletje bij voorbeelden een stap naar rechts. De formule zal veranderen. 



Slide 8 - Slide

Geogebra 
Probeer nu zelf de nieuwe opgave op te lossen op een apart blad. Controleer daarna door het bolletje bij stap per stap terug naar rechts te slepen. 

Slide 9 - Slide

Omtrek en oppervlakte
De letter A wordt gebruik als symbool voor de oppervlakte.
De letter P wordt gebruikt als symbool voor omtrek

Slide 10 - Slide

Waarvoor staat de letter A?
A
omtrek
B
oppervlakte

Slide 11 - Quiz

Waarvoor staat de letter P?
A
omtrek
B
oppervlakte

Slide 12 - Quiz

Werkboek
Maak oefening 19 (1, 2 en 3) blz. 123 
Controleer met de verbetersleutel op de volgende slide. 

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Fouten
Had je twee fouten of meer? Bekijk de instructievideo op de volgende slide vanaf minuut 3. Dus de eerste drie minuten moet je NIET bekijken. 
Had je minder dan twee fouten en begrijp je je fout? Maak oefening 19 (4) 

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Video

Na het bekijken video
Maak oefening 19 (4) op blz. 123. 
Kijk naar de oplossing op volgende pagina. Begrijp je het niet? Vraag het aan de leerkracht. 

Slide 17 - Slide

Oplossing 19 (4) 

Slide 18 - Slide

In funtie van
Als er staat 'Schrijf de omtrek P van een rechthoek in funtie van de basis en de hoogte.'
Hetgeen voor 'in functie van' staat, schrijf je voor het gelijkheidsteken, de andere onbekende(n) erachter. 
P = 2(b + h

Slide 19 - Slide

Vorm de formule U = I . R om zodat I in functie staat van U en R
A
R= U/I
B
I = U . R
C
I = U/R
D
U = I . R

Slide 20 - Quiz

Werkboek
Maak oefening 20 op blz. 124
Vergeet de antwoordzin en de eenheden niet. 
Zit je vast? Bekijk de tips op volgende slide. 

Slide 21 - Slide

Tips
Weet je de formule van de omtrek van een rechthoek niet meer? 
1. Teken een rechthoek en duidt de basis en de hoogte aan op je tekening. Hoe bepaal je dan de omtrek? 

Slide 22 - Slide

Oplossing

Slide 23 - Slide

Verdere tips oefening 20 
Als je h uitdrukt in functie van P en b, moet je proberen om p in het linkerlid te krijgen en de rest in het rechterlid. 
Vergeet de antwoordzin en de eenheden niet. 

Slide 24 - Slide

Oplossing oefening 20 

Slide 25 - Slide

Keuze
Had je oefening 20 fout of ging het moeizaam? 
Ga naar de extra uitleg (op volgende slide) en vervolgens naar de gele slide
Had je oefening 20 juist? 
Ga naar de groene slide

Slide 26 - Slide

Wil je extra uitleg? 
Bekijk de oplossingsmethode op Geogebra stap per stap door op het pijltje linksonderaan op de website te klikken. 

Slide 27 - Slide

Slide 28 - Link

Maak oefening 50 pagina 148
Je mag je rekenmachine gebruiken. 

Slide 29 - Slide

Oplossing

Slide 30 - Slide

Oefening 50
Had je de oefening fout? Vraag hulp aan de leerkracht. 
Had je de oefening juist? Ga naar de volgende groene slide. 

Slide 31 - Slide

Maak oefening 21 op pagina 126
Je mag je rekenmachine gebruiken. 
Op de volgende slide vind je tips indien nodig, maar probeer eerst zelfstandig. 
Vergeet geen antwoordzin. 

Slide 32 - Slide

Tips 
Bij het opstellen van de vergelijking denk goed na dat het 4,30 euro is per m3 water
Dus als je 2 m³ water verbruikt, hoeveel moet je dan betalen? Gebruik dit voor het opstellen van de algemene formule. 
Vergeet geen antwoordzin met eenheden. 

Slide 33 - Slide

Oplossing

Slide 34 - Slide

Ik heb oefening 21 juist opgelost
Ja
Neen

Slide 35 - Poll

Oefening 21 
Had je oefening 21 juist? Ga naar de volgende groene slide
Had je oefening 21 fout? Vraag uitleg aan de leerkracht. Ga vervolgens verder met de volgende gele slide

Slide 36 - Slide

Maak oefening 51 pagina 148
Dat mag met rekenmachine. 
Vergeet geen antwoordzin met eenheden. 
Snap je iets niet? Vraag uitleg aan de leerkracht.
Had je de oefening juist? Ga naar de volgende groene slide. 

Slide 37 - Slide

Slide 38 - Slide

Maak oefening 53 op pagina 149
Probeer eerst zelfstandig. Lukt het niet? Gebruik de tips op de volgende slide. 

Slide 39 - Slide

Tips oefening 53
1. Hoeveel weegt 100 m kabel zonder de klos? 
Bereken dan hoeveel 1 m kabel weegt. 
2. Gebruik gegevens uit het vorige puntje om gewicht van 60 m kabel te bepalen met het gewicht van de klos erbij. 
3. Bekijk je formule van puntje 2 en zet het om in een algemene formule. 

Slide 40 - Slide

Oplossing

Slide 41 - Slide

Had je oefening 53 juist?
Ja
Neen

Slide 42 - Poll

Had je vorige oefening juist?
Maak oefening 22 op pagina 125 in je werkboek. 

Slide 43 - Slide