2.2 Hoe begrijp je wat je leest?

Tumult H2: Leerstrategieën
Studievaardigheden
Hoe begrijp je wat je leest? 
1 / 23
next
Slide 1: Slide
StudievaardighedenVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Tumult H2: Leerstrategieën
Studievaardigheden
Hoe begrijp je wat je leest? 

Slide 1 - Slide

Lesdoelen
In deze les ontdek je manieren om een tekst te begrijpen. Dat is handig, want dan snap je beter wat je leest! 

Na deze les kun je:
  • voorspellen waar een tekst over gaat;
  • moeilijke woorden in een tekst begrijpen;
  • de belangrijkste informatie uit een tekst halen;
  • vragen over een tekst beantwoorden 

Slide 2 - Slide

Terugblik
Plannen
Noem eens een 'do' ten opzichte van plannen
Noem eens een 'don't' ten opzicht van plannen

Slide 3 - Slide

Startopdracht
Op mijn teken sla je deze pagina om en kijk je 5 seconden naar de tekst op de volgende pagina.

Slide 4 - Slide

Hoe heb jij naar de tekst gekeken?
A
Ik ben begonnen met de tekst te lezen
B
Ik heb naar de titel, kopjes en plaatjes gekeken
C
Ik heb naar de eerste en laatste zin gekeken
D
Anders

Slide 5 - Quiz

Waar denk jij dat de tekst over gaat?

Slide 6 - Open question

Wat weet je al over dit onderwerp?

Slide 7 - Open question

Kernopdracht 1
Lees de tekst: 'Leren: hoe werkt dat in je hersens?' één keer helemaal door. Kom je iets tegen wat je niet snapt? Gewoon doorlezen!!

Slide 8 - Slide

Samen lezen
Lezen blz. 26

Slide 9 - Slide

Kernopdracht 2
Vorm drietallen. Jullie gaan dezelfde tekst nog een keer lezen. Tijdens het lezen letten jullie alle drie op iets anders.

1. Ik markeer de hoofdzaken in de tekst
2. Ik omcirkel moeilijke woorden en maak hiervan een begrippenlijst.
3. Ik bedenk bij iedere alinea een vraag waarop het antwoord in de alinea staat. 

Slide 10 - Slide

Wat weet je nog?

Slide 11 - Slide

Grote kans dat je in groep 3 hebt leren lezen."Is dit een hoofdzaak of een bijzaak?
A
Hoofdzaak
B
Bijzaak

Slide 12 - Quiz

Je kunt de manier waarop je hersens werken vergelijken met Wikipedia. Is dit een hoofdzaak of een bijzaak?
A
Hoofdzaak
B
Bijzaak

Slide 13 - Quiz

Wat is het langetermijngeheugen?
A
De kennis die in je hoofd opgeslagen is.
B
Informatie waarbij het lang geduurd heeft voordat je het kon onthouden.

Slide 14 - Quiz

"Als je met Wikipedia werkt, zie je overal blauwe woorden: hyperlinks." Is dit een hoofdzaak of een bijzaak?
A
Hoofdzaak
B
Bijzaak

Slide 15 - Quiz

Waarom kun je je hersens zien als een netwerk?
A
Omdat alle kennis in je hoofd met elkaar verbonden is.
B
Omdat je als je aan het ene denkt, meteen aan het volgende denkt.

Slide 16 - Quiz

Waar in je hersens bewaar je nieuwe informatie die nog niet in je langetermijngeheugen zit?
A
In je werkgeheugen
B
In je netwerk

Slide 17 - Quiz

Waarom moet je als je iets leert altijd bedenken wat je er al over weet?
A
Dan is het makkelijker om de informatie in je langetermijngeheugen op te nemen.
B
Daarmee maak je je mentale Wikipedia een stukje groter.

Slide 18 - Quiz

Wat past het beste bij de betekenis van 'mentaal'?
A
Dingen kunnen besturen met je hersens..
B
In je hoofd.

Slide 19 - Quiz

Hoe beter je de verbindingen in je hoofd maakt, hoe makkelijker het leren wordt." Is dit een hoofdzaak of een bijzaak?
A
Hoofdzaak
B
Bijzaak

Slide 20 - Quiz

Filmpje tekstbegrip

Slide 21 - Slide

Slide 22 - Link

Evaluatie - huiswerk

Slide 23 - Slide