les 3 - appelflap 2526

1 / 57
next
Slide 1: Slide
GesMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

This lesson contains 57 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

week 4, kookles 3: snijtechnieken en ovengebruik

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

startklaar
start van de les: 
- jas/tas bij kapstok
- jas en haarnetje aan
- handen wassen
- werkbank schoon 


klaar? recept gaan lezen

Slide 3 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Icoontjes:
Sla deze slide op in je favorieten of klik op het oog om de slide te verbergen.

Kleurcodes:
De kleurcodes in deze les verschillen per lesfase:

Info
<a href="https://help.lessonup.com/nl/articles/4875571-eigen-kleuren-toevoegen-aan-lessonup">https://help.lessonup.com/nl/articles/4875571-eigen-kleuren-toevoegen-aan-lessonup</a>
informatie
doen
Voorkennis activeren
#EBE7F7
#9C89D7
Theorie/Instructie
#F8DACF 
#FE8F6B
Verwerking
#C4E5C9
#38A84A
Afsluiting
#EBE7F7
#9C89D7

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

JDW-kijkwijzer 5.0
Lesopbouw:
  1. Vooraf:
    Startklaar, Voorkennis activeren, Formatief Handelen

  2. Instructie:
    Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden, Formatief Handelen

  3. Toepassing:
    Actieve verwerking, Formatief handelen

  4. Evaluatie:
    Afsluiting




Slide 6 - Slide

De principes van de JdW-Kijkwijzer hebben betrekking op het wezenlijk van effectief leren , gewenst schoolgedrag en taalontwikkeling . Bovendien wordt van hieruit gewerkt aan het versterken van de collectieve lerareneffectiviteit, wat essentieel is voor het verbeteren van de onderwijskwaliteit, leerlingprestaties en het opbouwen van vaste onderwijsdoelen (Badura, 1993; Goddard, 2001).
Overzicht Periode 1 j 1
  • Thema: hygiene en keukenmaterialen
  • Benodigde lesmaterialen: powerpoint, werkboek, receptenboek
Week 1
Week 2
Week 3
Week 4
Week 5
intro/vlaflip
fruitsalade
appelflap
snijtechnieken
groentesoep
Week 6
Week 7
Week 8
Week 9
Week 10
tomatensoep
macaroni
br kruidenboter
kruidnoten
inhaalles

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

JdW-kijkwijzer
Lesopbouw:

  1. Vooraf:
    Startklaar, Voorkennis activeren, Formatief Handelen

  2. Instructie:
    Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden, Formatief Handelen

  3. Toepassing:
    Actieve verwerking, Formatief handelen 

  4. Evaluatie:
    Afsluiting

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

              Voorkennis activeren
Met een Inleiding op de les kun je de voorkennis van leerlingen activeren.

Verschillende tools die je kunt inzetten bij het activeren van de voorkennis:
  • Quizlet
  • Woordweb (in LessonUp)
  • Open vragen of Quiz-vragen in LessonUp (multiple choice)
  • Placemat (in groepjes)
  • Etc...
Checklist:
  • Bepaal welke voorkennis relevant is voor de nieuwe lesstof.
  • Ontwerp een terugblik-opdracht die deze voorkennis activeert.
  • Overweeg of en hoe thuistalen ingezet kunnen worden om de voorkennis te activeren.

Slide 11 - Slide

Voorkennis activeren:
In iedere les wordt relevante voorkennis geactiveerd aan de hand van een terugblik-opdracht om zo de mate van stofbeheersing te bepalen en richting te geven aan de rest van de les.

Enkele werkvormen die zich hier mooi voor lenen zijn:
hoe houd ik mijn mes vast?

Slide 12 - Mind map

2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen. 

Voorkennis
Voorkennis
Voorkennis
Voorkennis
A
B
C
D

Slide 13 - Quiz

This item has no instructions


Voorkennis
Voorkennis
Voorkennis
Voorkennis
A
B
C
D

Slide 14 - Quiz

This item has no instructions

timer
5:00
Voorkennis
Vraag 1
Vraag 2
Vraag 3
Vraag 4

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

           Leerdoelen
  1. R Ik kan omschrijven wat levensmiddelenhygiëne betekent en hier een voorbeeld van geven.
  2. t1 Ik kan afwegen met behulp van een weegschaal
  3. i Ik kan uitleggen waarom het belangrijk is om producten goed te wegen en/of te meten.


Slide 16 - Slide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
              Inleiding

Slide 17 - Slide

Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten. 
           micro-organismen - goed of slecht

Slide 18 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


          ziek worden

Slide 19 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


Kruisbesmetting = het besmetten van bereidde producten met bacteriën van rauwe producten

Nabesmetting = het opnieuw besmetten van gare producten (gare kip op dezelfde snijplank snijden als waar je de rauwe kip op gesneden hebt).

Slide 20 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

bederf
Voedselbederf = voedsel wat bedorven is

Wanneer voedsel te lang bewaard wordt, bederft het.
Bederf van bereidde producten = verkeerde opslag of te lang bewaren.






Slide 21 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

kleur snijplank
rood= rauw vlees(ongebakken)
bruin = gebakken vlees + worst
blauw= vis en waterdieren
groen = groente en fruit
geel = kip
wit = kaas, brood, boter
 !!! eigen mes, handen wassen tussendoor

Slide 22 - Slide

This item has no instructions


vandaag snijden wij appel op de
A
witte plank
B
groene plank
C
gele plank
D
rode plank

Slide 23 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
           Instructie

Slide 24 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Voorbeelden

Slide 25 - Slide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven. 

Wanneer is mijn opdracht goed?
Leerlingen noteren hier succescriteria

Slide 26 - Open question

Succescriteria
Hiermee maak je leerlingen duidelijk wat er van hen verwacht wordt en welke criteria bepalen of hun werk succesvol is. Dit helpt hen beter te begrijpen waar ze naartoe werken en verhoogt hun focus en motivatie. Door succescriteria te bespreken of samen met leerlingen op te stellen, bevorder je eigenaarschap en geef je hen een concreet kader om hun werk aan te toetsen tijdens en na het uitvoeren van de opdracht.
           Aan de slag
Actieve verwerking
De volgende slides staat stap voor stap wat je moet doen om het gerecht te maken.
stap 1: kijk goed naar het plaatje
stap 2: lees de tekst
Deze stappen staan ook op je receptblad geschreven

timer
1:00

Slide 27 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen
Stap 1
vul de steelpan halfvol met water. Doe 1 thl zout erin. 
doe 1 el olie in de pan. 
zet aan de kook (100C)

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

2 plakjes
2 eetlepel
1/2 theelepel
20 gram

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

stap 1
Verwarm de oven op 200 graden. 

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Instructie oven

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

stap 2
Leg het bakpapier op je bakplaat. 

Laat het bladerdeeg hierop ontdooien. 

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Stap 3
schil de appel. 
Snij dunne plakken (0,4 cm) van de appel. 

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

Stap 4
Snij dunne repen van de plakken. Zorg dat deze even dik zijn.

Slide 35 - Slide

This item has no instructions

Stap 5
Snij blokjes van de appel. Dit heet brunoise. 

Slide 36 - Slide

This item has no instructions

Stap 6
Doe in de bekken 1 eetlepel suiker, 20 gram rozijnen en 1/2 theelelepel kaneel 

Slide 37 - Slide

This item has no instructions

Stap 7
Doe de gesneden appel bij het suikermengsel en roer door. 

Slide 38 - Slide

This item has no instructions

Stap 8
Verdeel het mengsel in het midden van het bladerdeeg. 

Slide 39 - Slide

This item has no instructions

Stap 9
Pak de kwast. 
Smeer de randen van het bladerdeeg in met water. 

Slide 40 - Slide

This item has no instructions

Stap 10
Vouw de appelflappen dicht. Je maakt hierbij een driehoek.
Verwijder nu het plastic.

Slide 41 - Slide

This item has no instructions

Stap 11
Pak de vork. Druk de randen van het bladerdeeg dicht. 

Slide 42 - Slide

This item has no instructions

Stap 12
Pak de kwast. Doop deze in het water. 

Besmeer de bovenkant van de appelflap. 

Slide 43 - Slide

This item has no instructions

Stap 13
strooi 1 eetlepel suiker over de ingesmeerde kant. 
let het dan op het bakpapier. 

Slide 44 - Slide

This item has no instructions

Stap 14
Doe de bakplaat in de oven. Zet een timer van 15 min.
timer
15:00

Slide 45 - Slide

This item has no instructions

Stap 15
Doe een ovenwant aan. 
Haal de bakplaat uit de oven en laat het 10 min afkoelen. 
timer
10:00

Slide 46 - Slide

This item has no instructions

afwassen
  1.  eten weg
  2. voorspoelen
  3. afwassen
  4. naspoelen 
  5. drogen
  6. opruimen

Slide 47 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

1ABC

Slide 48 - Slide

This item has no instructions


De vraag kan hier 
geplaatst worden.
A
a.
B
b.
C
c.
D
d.

Slide 49 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
taken einde van de les
  • vloer (3P)
  • controle (3P)
  • weegtafel (1 a 2P)
  • was (2P)
  •  doekjes (1 a 2P)
  • kruidenkar (1 a 2P)
  • verwarming (1 a 2P)'
  • afwas tafel (1 a 2 P)

Slide 50 - Slide

This item has no instructions

           Afsluiting
Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 
Checklist:
  • Zijn de leerdoelen behaald?
  • Les in context plaatsen van de periode 
  • Het leren en het gedrag samen evalueren
  • Vooruitblikken adhv JdW-planner  

Slide 51 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 
           Begrippen
           uit deze les

  • ...
  • ...

Slide 52 - Slide

This item has no instructions

Exit ticket (formatief evalueren)

Zie voorbeelden in de map TOOLS van de gedeelde map.
Je kunt voor meer Exit tickets ook op onderstaande website kijken:

Slide 53 - Slide

Formatief evalueren: 
Het werken met leerdoelen maakt effectief feedback geven mogelijk.
Gedurende de les wordt continue geëvalueerd in hoeverre de leerlingen de leerdoelen
beheersen. Leerlingen gaan pas aan de slag met het volgende leerdoel wanneer zij
aantonen de vorige te beheersen. De docent laat op verschillende manieren weten waar
leerlingen naartoe werken (feed-up), of zij goed bezig zijn (feed-back) en wat de volgende
stap is (feedforward). Deze feedback is niet alleen gericht op een taak/product, maar vooral
ook op hoe leerlingen op een juist antwoord zijn gekomen (proces). Enkele praktische tips
om met formatief evalueren aan de slag te gaan: https://toetsrevolutie.nl/?p=2298 &
https://hetdigitalewerkvormenboek.files.wordpress.com/2020/07/het-digitale-
werkvormenboek.pdf

Slide 54 - Open question

This item has no instructions

Klik op de spinner
Formatief evalueren

Slide 55 - Slide

This item has no instructions


Ben je blij met het resultaat?
😒🙁😐🙂😃

Slide 56 - Poll

This item has no instructions

Eindslide.

Slide 57 - Slide

This item has no instructions