ST2 rekenen

Dinsdag 11-3
Ga lekker zitten
  • Jas uit
  • Oortjes en telefoon weg
  • Kauwgom in de prullen bak

Hoe gaat het vandaag?


Nodig:  Werkboek rekenen en pen
timer
3:00
1 / 22
next
Slide 1: Slide
RekenenMiddelbare schoolvmbo lwooLeerjaar 1

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Dinsdag 11-3
Ga lekker zitten
  • Jas uit
  • Oortjes en telefoon weg
  • Kauwgom in de prullen bak

Hoe gaat het vandaag?


Nodig:  Werkboek rekenen en pen
timer
3:00

Slide 1 - Slide

Rekenen
  • opwarmer
  • redactiesommen
  • instructie of zelfstandig werken
  • Studiemeter
  • Afronding
  • Hard gewerkt? Spelletje

Slide 2 - Slide

Verwachtingen
Tijdens de les:
  • Luister je stil naar de instructie
  • Werken we rustig, netjes en serieus
  • Hebben we respect voor elkaar
  • Mag je vragen stellen en fouten maken

Slide 3 - Slide

20x100=

0,26x100=

Slide 4 - Mind map

560-37=

835-97=

Slide 5 - Mind map

Wat is meer:
4,5 of 4,479

4/5 of 85%

Slide 6 - Mind map

Hoe schrijf je 3,5 miljoen in cijfers

Slide 7 - Mind map

10x8= 9x8= 8x8=

30x15= en 6x45=

Slide 8 - Mind map

Slide 9 - Slide

Wat ga je doen

Kijk op de kaft van je werkboek wat je moet maken.






Je werkt 35 minuten in stilte aan je opdrachten

Ben je klaar? Laten zien aan mij.

Ga je verder op studiemeter
timer
25:00

Slide 10 - Slide

Redactiesommen
Dit ga je in deze les doen:
1. Lees de verhaaltjes goed door.
2. Welke cijfers heb ik nodig om de som te maken.
3. Wat voor een soort som is het? x + - :
4. Schijf de som op.
5. Reken de som uit
6. Vul het antwoord in. Schrijf alleen het getal op, zonder spaties

Slide 11 - Slide

Sven heeft 480gram suiker. Hij gebruikt 155 gram voor het maken van een appeltaart. Hoeveel gram houdt hij over?
_____ gram

Slide 12 - Open question

"Als we nog 2 stoelen verkopen hebben we deze week 300 stoelen verkocht", zegt de marktverkoper.
Hoeveel stoelen zijn er tot nu toe verkocht?______stoelen

Slide 13 - Open question

Evans doet vakantiewerk en verdient iedere dag
15 euro.
Hoeveel dagen moet hij werken om een fiets van 150 euro te kunnen kopen?
A
100 dagen
B
20 dagen
C
15 dagen
D
10 dagen

Slide 14 - Quiz

3 kilo aardbeien kost 15 euro. Hoeveel moet moeder betalen voor 4 kilo?
____ euro

Slide 15 - Open question

Yakeen, Fanueal en Mahmood verdelen samen 90 snoepjes. Hoeveel krijgt ieder?
_____ snoepjes

Slide 16 - Open question

Eva komt om half 8 uit bed. Om kwart voor 9 moet ze klaar zijn om naar school te gaan.
Hoeveel MINUTEN heeft ze om zich klaar te maken?
A
15
B
60
C
45
D
75

Slide 17 - Quiz

Op een spaarkaart passen 25 zegels.
Samuel heeft 356 zegels.
Hoeveel spaarkaarten kan hij vol maken.

Slide 18 - Open question

Over precies 168 dagen is Muna weer jarig heeft ze uitgerekend. Precies 3 weken later wil ze weer weten hoeveel dagen het nog duurt. Hoeveel dagen duurt het dan nog ? _____dagen

Slide 19 - Open question

Ice koopt een stereoset van 420 euro. Daarbij koopt hij nog eens geluidsboxen van 133 euro. Hoeveel euro moet hij betalen? _____ euro

Slide 20 - Open question

De moeder van Amar koopt voor haar verjaardag 4 cadeautjes van 9 euro en drie cadeautjes van 7 euro. Hoeveel moet ze betalen?
______ euro

Slide 21 - Open question

Slide 22 - Slide