Schrijven HAVO 3

SCHRIJFVAARDIGHEID
HAVO 3
1 / 29
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 29 slides, with text slides and 4 videos.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

SCHRIJFVAARDIGHEID
HAVO 3

Slide 1 - Slide

De opbouw van een tekst
  • Een goede tekst bestaat uit een inleiding, middenstuk en slot;

  • Alinea's worden met elkaar verbonden door overgangszinnen, signaalwoorden, verwijswoorden;

Slide 2 - Slide

Wat gaan we doen?


  • Jullie gaan een uiteenzetting schrijven;
  • Eerst ga je oefenen met een onderwerp.
  • Het oefenen doen jullie in tweetallen;
  • Als dat klaar is, ga je individueel een uiteenzetting schrijven voor een cijfer

Slide 3 - Slide

Wat is een uiteenzetting?
Een uiteenzetting is een tekst waarmee je iemand anders over iets informeert. Het is een objectieve tekst waarmee je feiten en uitleg geeft over een onderwerp. In een uiteenzetting geef je niet je mening. Je geeft feiten die waar en controleerbaar zijn.

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Video

Voorbereiden oefentekst
  • Jullie gaan een oefentekst schrijven;
  • Eerst gaan jullie daarvoor een woordweb maken;
  • Hiermee gaan jullie de deelonderwerpen bepalen;

Slide 6 - Slide

Voordat je gaat schrijven...
  • Je hebt een onderwerp;
  • Je bepaalt de hoofdgedachte van je tekst;
  • Dit is het belangrijkste wat je wilt vertellen in één zin;
  • Je hebt de deelonderwerpen bepaald;
  • Je weet dat een goede tekst bestaat uit een inleiding, een middenstuk en een slot;
  • Die gaan we nu bespreken:

Slide 7 - Slide

inleiding

Doel van de inleiding:

De lezer nieuwsgierig maken én je onderwerp introduceren


Voorbeelden:


  • Stel een vraag (die je in het middenstuk gaat beantwoorden);
  • Introduceer een verschijnsel (dat je in het middenstuk gaat verklaren);
  • Introduceer een probleem (en geef in het middenstuk oplossingen);

Slide 8 - Slide

Het middenstuk
  • In het middenstuk geef je de informatie over je onderwerp;
  • Elke alinea behandelt een deelonderwerp;
  • Zorg dat de alinea's met elkaar verbonden worden;

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Video

De alinea's van het middenstuk
  • Elke alinea heeft een deelonderwerp;
  • Elke alinea heeft een kernzin;
  • In de rest van de alinea geef je toelichting bij de kernzin;



Slide 11 - Slide

LET OP! In een alinea schrijf je de zinnen achter elkaar door!

WELKE ALINEA IS OP DE JUISTE MANIER GESCHREVEN?


Klimaatverandering is een van de grootste bedreigingen voor de natuur.

IJskappen smelten en woestijnen rukken op.

Het zeeniveau is de afgelopen honderd jaar vijfentwintig centimeter gestegen.

In sommige gebieden hebben planten en dieren niet genieg tijd zich aan te passen.

_________________________________________________________________________

Klimaatverandering is een van de grootste bedreigingen voor de natuur. IJskappen smelten en woestijnen rukken op. Het zeeniveau is de afgelopen honderd jaar vijfentwintig centimeter gestegen.  In sommige gebieden hebben planten en dieren niet genoeg tijd zich aan te passen.


Slide 12 - Slide

Het slot

Voorbeelden:

  • samenvatting
  • conclusie
  • antwoord op vraag


  • gebruik signaalwoorden als  kortom / daarom / al met al / dus



Slide 13 - Slide

Informatie zoeken
  • Jullie gaan op internet informatie zoeken bij de deelonderwerpen van jullie onderwerp;
  • Deze informatie gebruiken jullie voor de oefentekst

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Video

Het bouwplan

Wat hebben we nu:


  • een onderwerp
  • deelonderwerpen
  • informatie over het onderwerp


  • Voor je de oefentekst gaat schrijven, maak je een BOUWPLAN;
  • Dit is letterlijk een plan over hoe je de oefentekst gaat schrijven;

Slide 16 - Slide

Het bouwplan
  • Jullie krijgen van de docent een bouwplan;
  • De docent legt uit hoe je het bouwplan in moet vullen;


Slide 17 - Slide

Slide 18 - Video

opdracht 1
  • Jullie gaan (in tweetallen) het middenstuk schrijven voor jullie zelfgekozen (proef)onderwerp;
  • Jullie hebben informatie gezocht bij de deelonderwerpen;
  • Jullie gaan nu een een bouwplan maken (docent geeft format);

Slide 19 - Slide

feedback
  • Jullie gaan elkaar feedback geven op het geschreven middenstuk;
  • Van de docent krijgen jullie een beoordelingsformulier;
  • Lees de tekst van je klasgenoten goed door, vul het beoordelingsformulier in;
  • Geef de beoordeling terug aan het tweetal;
  • Ga jullie eigen oefentekst verbeteren aan de hand van de feedback die jullie  hebben gekregen; 

Slide 20 - Slide

Voorbereiding op toets

  • Van je docent krijg je een papieren versie van een bouwplan;
  • Schrijf je naam en klas erop;
  • Ga informatie zoeken bij je onderwerp;
  • Maak een woordweb en bepaal de deelonderwerpen;
  • Vul je bouwplan in;
  • Je levert je bouwplan in bij je docent;
  • Je docent neemt de bouwplannen mee naar de toets;

Slide 21 - Slide

De toets

  • Schrijf een uiteenzetting met behulp van je bouwplan; 
  • De tekst bestaat uit maximaal 500 woorden;
  • Totaal 5 alinea's;
  • Zet eerst je naam, achternaam en klas op het document;
  • Na afloop controleer je je tekst goed;
  •  

Slide 22 - Slide

  • Sla je uiteenzetting als volgt op: Uiteenzetting + jouw eigen naam;
  • Mail de uiteenzetting naar je docent;
  • zet in de onderwerpregel: uiteenzetting + je naam;
  • De uiteenzetting telt 1x mee;        
  •  SUCCES!  
  • Slide 23 - Slide

    Tekstdoelen

    Informeren, overtuigen, opiniëren


    4 Havo: Uiteenzetting (informeren) en Betoog (overtuigen)

    5 Havo: Beschouwing (opiniëren)

    Slide 24 - Slide

    De uiteenzetting

    “Informerende teksten worden bijvoorbeeld geschreven om iets uit te leggen, om verslag te doen over wat er gebeurd is of om instructies te geven.” 


    Heb je wel eens een informerende tekst geschreven? 

    Wat is dan belangrijk? 

    Wat is dan gemakkelijk of juist moeilijk? 

    Slide 25 - Slide

    De uiteenzetting


    - Objectief

    - Veel feiten

    - Uitleggen

    Slide 26 - Slide

    De uiteenzetting


    Hoofdgedachte:

    Formuleer je hoofdgedachte in een constatering.

    Tekststructuren:

    Kies een geschikte tekststructuur:

    Vraag/antwoordstructuur

    Verklaringsstructuur

    Aspectenstructuur

    Verleden/ heden/ toekomststructuur



    Slide 27 - Slide

    Proces
    1. Kies een sociaal-maatschappelijk onderwerp
    2. Kies hoofdgedachte
    3. Formuleer deelvragen
    4. Zoek bronnen --> maak documentatiemap
    5. Maak schrijfplan
    6. Schrijf 1e versie (in de les)
    7. Krijg feedback
    8. Vul eventueel bronnen en schrijfplan aan
    9. Toetsweek: schrijfdefinitieve versie

    Slide 28 - Slide

    Schrijfvaardigheid
    Deeltaak 3 Week 2 les 1

    Slide 29 - Slide